Live, Recensies

Mark Lanegan @ Trix: Fluwelen rauwheid

We voelden ons thuis gisteren in de Trix, en hadden van Mark Lanegan hetzelfde gevoel, voor zover we de gevoelens van diens baritonstem kunnen inschatten. Met zijn overwegend Belgische band, including zijn rechterhand en toeverlaat in afkicktijden Aldo Struyf, was de thuismatch al half gewonnen.
Dat Mark uit muddy water is gekropen in zijn leven, bevestigde hij dit jaar nog met zijn tiende studioplaat Gargoyle, waarbij synths een prominentere rol kregen dan zijn donkerdere werk uit het verleden. Zijn set vormde daarmee ook een weerspiegeling van zijn levensloop, met een start die hier en daar ontspoorde, maar uiteindelijk strak vaart maakte en stevig op de rails belandde.

“Death’s Head Tattoo” vormde ondanks het potentieel ervan geen vliegende start. Dat de vrouw naast ons pas na het vierde nummer klapte had een reden. De band klonk braaf, Lanegans stem bleef hier en daar onder de toon steken en we misten een energieke passie. Het was met “Emperor”, dat de band aan een sneltempo speelde, dat ze hun ware aard toonden. De band bewees eens te meer hoe goed ze op elkaar ingespeeld zijn en zorgde met scherende riffs en rake drums voor dynamiek.

Hoogtepunt van de show was onder meer “Bleeding Muddy Water”, waarvoor hij zijn bril afnam en wij onze imaginaire pet. Uit zijn iron lungs kwam een schorre passie waarmee hij zich vastklampte aan het statief, als was het zijn laatste strohalm voor hij kopje onder ging. Net als “One Hundred Days”, dat een fluwelen deken over zich kreeg en zich diep wortelde tot zelfs Mark Lanegan onder de indruk was en een terecht applaus uitdeelde aan zijn eigen band. Lanegan is een man van weinig woorden. Een ‘thank you very much’ van tijd tot tijd, die verstaanbaarder werd met de keer, kreeg volgens Mark’s gewoonte per uitzondering gezelschap van een voorstelling van de band, waar ook Shelley Brien bijhoorde.

Lanegan is een romantische ziel geworden, want tegenwoordig tourt hij met zijn vriendin Shelley Brien als tweede stem (die ook al te horen was op Gargoyle). “Deepest Shade” was een muzikale streling van elkaar, waarbij de anders star zingende Lanegan zich negentig graden draaide naar zijn beloved one en zo de deepest shades van zijn ziel blootlegde. Nog meer was dat het geval op “Come To Me”, waarbij Briens stem hem naar zachtere regionen dwong.

A post shared by Vicky (@vickyflo) on

Met de zegenende woorden ‘we feel blessed’ en een prachtige bisronde, stuurde in zelfvertrouwen blakende Lanegan ons naar huis. Zelf mankte hij het podium af, alvorens de hele zaal stil te krijgen met “One Way Street”, gitarist Jeff Fielder aan zijn zijde die de eenvoud wist te bewaren. Joy Division-cover “Dead Souls” had hij voor het laatste bewaard, als een toetje dat achteraan de ijskast verstopt zat. Het viel in de smaak, de krakende bariton die zijn wilde haren tegenwoordig keurig kamt en de zaal deed geuren naar whiskey en schaars verlichte bibliotheken.

Setlist:

Death’s Head Tattoo
The Gravedigger’s Song
Hit The City
Sister
Emperor
Nocturne
Deepest Shade
Beehive
Bleeding Muddy Water
Harborview Hospital
Ode To Sad Disco
Riot In My House
One Hundred Days
Harvest Home
Floor Of The Ocean
Come To Me
Methamphetamine Blues

Bis:

One Way Street
Bombed
The Killing Season
Dead Souls (Joy Division cover)

 

 

24 november 2017

About Author

Julie Heyvaert


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter