
Archieffoto Jungle by Night © CPU – Joost Van Hoey
Na een eerste dag waarop Breda Barst al behoorlijk wat kanten opschoot, bleek zaterdag dat er nog genoeg rek op het muzikale elastiek zat. Het ene moment werden onze trommelvliezen nog zachtjes gestreeld, een halfuur later kregen ze alweer een flinke mokerslag te verwerken en tussendoor kreeg zelfs het officieuze Bredase kampioenschap paalklimmen een onverwacht vervolg. Het Valkenberg mocht dus nog één keer volledig barsten en deed dat uiteindelijk tot diep in de avond, met Jungle by Night als dansende slotakte.
Breda Barst staat dit jaar zoals vaker volledig in het teken van bands uit de geburen, maar met LamBros. had het een groep weten te strikken die een stevige vlucht achter de kiezen had. De twee broers kwamen namelijk helemaal vanuit het kleine Newport, een plaatsje net boven Sydney aan de oostkust van Australië, afgezakt naar het Noord-Brabantse parkfestival voor de start van hun eerste Europese tour. Toch wel een mooi primeurtje dat Breda Barst daar te pakken had, maar met alleen een verre reis koop je natuurlijk nog geen goede liveshow. Gelukkig bleek LamBros. ook op dat vlak meer dan zijn mannetje te staan, want met amper twee man wist het duo verrassend veel gruis uit de boxen te persen. Vooral tijdens “Do Something”, “Blues Within” en “Thunder” kwam die rauwe kant goed naar voren, terwijl een cover van “Lonely Boy” perfect binnen het straatje van de broers paste. Met het nog onuitgebrachte “Am I Wrong” kregen we op de koop toe ook nog wat nieuw materiaal voor de kiezen en liet daarmee horen dat het ook in de toekomst wel goed zit bij het tweetal.
De festivalprogrammeur van De Spaanse Kraag vertelde ons dat hij graag opent met een band uit de omgeving, dus zo mocht het Dordrechtse ZOEKHETUITMAN het muzikale startschot geven in de tent. Dat was meteen ook het enige rechtse aan de band, want voor de rest bracht het gezelschap vooral teksten met een politiek-activistische voetafdruk. Althans, dat dachten we, want frontman Jullian Goud vond het nodig om zijn teksten op zo’n dom mogelijke manier door de microfoon te schreeuwen, waardoor er amper iets van te verstaan viel. Van de songteksten kwam dus niet veel achter onze trommelvliezen terecht, maar de bindteksten waarin werd verteld dat mannen andere mannen moeten aanspreken op ongepaste opmerkingen tegenover vrouwen kwamen wel luid en duidelijk door. Uiteraard een boodschap die als een paal boven water staat, al is het dan wel opvallend dat de groep tot voor kort nog geregeld het onuitgebrachte “Sterrenbeeldmeiden” speelde, een track waarin vrouwen die horoscopen lezen ‘hun bek moeten houden en naar een gesticht moeten’. Poef, weg geloofwaardigheid!
Gelukkig klonk Throwing Bricks, dat even later op hetzelfde podium stond, een stuk beter. De Utrechters zoeken al jaren hun heil in de zwaardere regionen van de muziekwereld en gooiden ook in Breda een dosis zwartgalligheid uit de speakers. Het bleek het ultieme voer voor bewegelijke nekspieren, want zowat heel De Spaanse Kraag stond de set lang te headbangen op de donkere tonen van het vijftal. Vooral “False Promises”, tot nu toe de bekendste track van Throwing Bricks, werkte als een tierelier, want toen de groep die erin gooide, gingen de hoofden collectief op en neer. Tegen het einde werd er ook nog wat onuitgebracht werk bovengehaald, al deed de band daar best geheimzinnig over. Veel meer dan dat het nieuw was, kregen we er dan ook niet over los, maar de bijna oerkracht die met de tracks gepaard ging, maakte ons wel verdomd nieuwsgierig naar wat Throwing Bricks nog in de pijplijn heeft zitten.
Breda Barst heeft naast de twee podia waar we de afgelopen dagen vooral passeerden ook nog een Future Stage, waar de namen van morgen hun kans krijgen. Daar liepen we tegen XXJULÍA aan, die met haar band al halverwege de set zat. Veel tijd om rustig kennis te maken kregen we dus niet, maar op het eerste oor klonk de mix van alternatieve pop met een dikke vleug elektronica zeker niet verkeerd. Tussendoor kregen we nog een licht onsamenhangend verhaal van de drummer over het toilet van een café, maar Julie Benoit, het gezicht achter de groep, trok snel de teugels weer strak en de focus ging opnieuw op de muziek. Door de vlotte uitvoering daarvan won XXJULÍA gaandeweg steeds meer zieltjes voor zich, met opvallend veel jonge exemplaren in de voorste rijen. Die mochten tegen het einde zelfs volledig losgaan toen Benoit, net voordat het nog onuitgebrachte “Sickening” werd ingezet, een heuse kindermoshpit in het leven riep. Een aandoenlijk gezicht, maar tegelijk ook het duidelijkste bewijs dat XXJULÍA er die middag een paar nieuwe fans bij had gekregen.
Terwijl XXJULÍA haar laatste zegje deed, klonken vanaf de Amstel Stage de tonen van ise al door de speakers. Ze pakte het duidelijk anders aan dan de rest van de bands van gisteren, want de twintiger uit Bree zorgde daar zonder twijfel voor de zachtste show van het weekend. Ze liet haar Suitcase Child over het Valkenbergpark zweven en bracht na al het eerdere geweld een welkome portie rust voor de trommelvliezen. Met onder meer “Powerless”, “Just a Lie”, “Goodbye Letter” en “When You Are Around” hield ze het klein, maar kreeg ze het toch voor elkaar om het publiek grotendeels even goed bij de les te houden als de bands die eerder op de dag met een pak meer gitaargeriff over het festivalterrein waren geraasd. Knap hoor!
Het was gisteren een wereld van contrasten op Breda Barst, dat continu schommelde tussen de toegankelijke klanken van de Amstel Stage en mokerharde riffs in de tent van De Spaanse Kraag. Zo ook rond de klok van kwart over zeven, toen we ise achter ons lieten en in de blauwe tent Ontaard aan het werk zagen. Tijd om te acclimatiseren? Ho maar! Met “Hoog Catharijne” en “Serenade” werd meteen een flinke bak ellende over de tent uitgestort. Dat bleek koren op de molen van de aanwezige pitgarde, die deze keer een stuk talrijker was dan de garde op dag één, en er gedurende de set lustig op los beukte. Ook onder meer “Juliet” en “Deluge” hielden die bedrijvigheid probleemloos in stand, waardoor de vloer voor het podium bij momenten stevig leek op een autoscooter zoals we het kennen van de kermis. Met “I Am But My Flesh” werd die zwarte chaos uiteindelijk nog één laatste keer flink aangewakkerd, waarna iedere toeschouwer met licht stijve nek en een brede grijns weer naar buiten stapte.
Na het pitgeweld van Ontaard was het alweer tijd voor een nieuwe stijlbreuk, want op de Amstel Stage stond Ão klaar om het Valkenberg een stuk warmer in te kleuren. De band rond Brenda Corijn bracht eerder dit jaar met Malandra nog zijn tweede langspeler uit en liet ook in Breda horen hoe breed het ondertussen durft te gaan. Portugese zang, bezwerende percussie en elektronica vloeiden er moeiteloos in elkaar over en dat werd ook nog eens heel degelijk gebracht, waardoor het duidelijk in de smaak viel bij de toeschouwers op het volle veld. Na zowat ieder nummer klonk er een stevig applaus over het veld en zo wist Ão zonder al te veel moeite heel wat zieltjes voor zich te winnen, met als klap op de vuurpijl het bijzonder luide applaus na afsluiter “Talvez”. Veel duidelijker kon Breda zijn waardering eigenlijk niet laten blijken.
Het officieuze Bredase kampioenschap paalklimmen van dag één bleek trouwens nog niet beslist. Waar de steunpaal tijdens Ronker vrijdag al flink werd bestormd, ging het er bij Terzij de Horde nog een stuk steviger aan toe. De ene waaghals was nog niet beneden of de volgende hing alweer halverwege de paal, terwijl onder hen de moshpit gewoon onverstoorbaar bleef doorrazen. De Utrechters zelf voedden die chaos ondertussen met een loodzware set, waarin onder meer “The Shadows of Prefiguration”, “In One of These, I Am Your Enemy” en “A Hammer to the Great Matter of Birth and Death” de tent stevig op zijn grondvesten deden daveren. Voor de drummer was het bovendien voorlopig de laatste keer dat hij dat geweld mee mocht aansturen, want binnenkort ruilt hij de drumstokken tijdelijk in voor het vaderschap, waardoor het leek alsof hij net dat tikkeltje extra uit zijn laatste set voor de pauze wilde persen.
Toch was het vooral Joost Vervoort die de aandacht trok. De frontman vormde vooraan het podium een regelrechte aanval op onze trommelvliezen, terwijl hij het charisma van een bezeten predikant over zich had. Tijdens de instrumentale momenten spreidde hij zijn armen zo wijd mogelijk richting de hemel (of in dit geval het tentzeil), om vervolgens de decibelmeters met zijn schreeuwen weer stevig aan het werk te zetten. Toch ging er achter al dat geroep ook een serieuze kant schuil, want tussen de nummers door nam Vervoort geregeld de tijd om verschillende problemen in de wereld aan te kaarten. Dat kon niet iedereen even hard bekoren, want een wat ongeduldige bezoeker probeerde hem tussendoor af te kappen. Vervoort liet zich daar echter niet door van de wijs brengen en zette de man met een paar droge opmerkingen netjes op zijn plek, om vervolgens tijdens “The All-Consuming Work of the Soul’s Foreclosure” en “Discarding All Adornments” weer zijn longen uit zijn lijf te schreeuwen. Hij deelde daarmee, samen met zijn band, de laatste mokerslag uit en gooide De Spaanse Kraag na twee dagen definitief op slot, waarbij het bijna een wonder was dat de tent nog overeind stond.
Nadat Terzij de Horde De Spaanse Kraag definitief op slot had gegooid, was het op de Amstel Stage nog aan Jungle by Night om Breda Barst ook daar waardig af te sluiten. Een atypische headliner misschien, want grote meezingers, een uitzinnige productie of een uitgesproken frontman had de groep niet. Nee, Jungle by Night liet liever zijn instrumenten spreken en bracht daarmee een bonte instrumentale mix waarin funk, jazz en nog een handvol andere stijlen vrolijk door elkaar heen liepen. Dat muzikale allegaartje werkte echter wel als een tierelier, want voor het podium had de groep de toeschouwers in een handomdraai volledig mee en werd er al snel meer gedanst dan stilgestaan op de vrolijke tonen van onder meer “Stoomvogel” en “Hangmat”.
Naarmate de set vorderde, werd die dansdrang er alleen maar groter op. Het leek wel een soort domino-effect. Eerst was het rij één die in beweging schoot, toen rij twee en na verloop van tijd had Jungle by Night zowat het hele veld voor zich gewonnen. Ook de band bleef zich geven, terwijl de Amsterdammers er op dat moment al een optreden op hadden zitten. Eerder op de dag speelde de groep namelijk nog een andere show, maar van een tweede shift leek duidelijk weinig sprake. Jungle by Night bleef met de gretigheid van een jonge hond spelen en kreeg het publiek daarmee tot de laatste noot probleemloos mee, waardoor de ietwat atypische headliner uiteindelijk de perfecte keuze bleek om Breda Barst dansend af te sluiten.
Daarmee zat het muzikale gedeelte in het Valkenberg erop, al hoefde wie nog niet genoeg had gekregen gelukkig nog lang niet naar huis. Even verderop in MEZZ stond namelijk nog de officiële afterparty met DJ St. Paul op het programma, waardoor Breda Barst voor de echte volhouders nog een paar uur langer kon doorgaan. Voor ons was het echter mooi geweest en dus trokken we na twee dagen vol moshpits, danspasjes, paalklimmers en een flinke dosis muzikaal geweld richting huis, maar wel met de vaststelling dat Breda Barst ook dit jaar weer bijzonder aangenaam uit de hoek kwam.






