
© Barbara Braun
Van intieme huiskamerklanken naar een volwaardige band die klaar is om het grotere podium te veroveren: Neroli heeft in korte tijd een opvallende evolutie doorgemaakt. Wat ooit begon als een akoestisch project van de zussen Assia en Lyna Takkal, groeide voor hun debuutplaat uit tot een rijker, gelaagder geheel waarin hun Marokkaanse roots subtiel blijven doorschemeren. Die eerste langspeler werd onlangs op de wereld losgelaten, en met een releaseshow in de Botanique zetten ze meteen een belangrijke stap richting een breder publiek. Wij trokken naar Brussel om dat bijzondere moment mee te maken en grepen de kans om het duo – intussen een hechte band – enkele vragen voor te leggen.
Beginnen doen we met een klassieke vraag: vanwaar die naam Neroli? Zit er een betekenis achter?
Lyna: Ja, inderdaad. Neroli is een knipoog naar onze Marokkaanse roots. Denk aan Fleur d’oranger (oranjebloesem), dat is de betekenis ervan in het Marokkaans. We vonden dat wel passend.
Jullie zijn begonnen onder de naam Wyld Roses, akoestisch. Langzaamaan zetten jullie nu de stap naar een full band-bezetting. Vanwaar die omschakeling?
Lyna: In kleine zalen is het leuk om akoestisch op te treden, met enkel ons tweetjes, maar als we kijken naar grotere zalen, zoals hier, willen we toch liever uitpakken met een band als ruggensteun. Een band brengt ook meer energie met zich mee en zo kunnen we ook meer klinken zoals op onze lp.
Hebben jullie een woord of een zin die jullie sterk houdt wanneer jullie door een moeilijk moment gaan?
Assia: Het kan een cliché zijn, maar voor ons is het zeker: op het einde van de dag komt alles in orde. We hebben af en toe wel eens moeilijke momenten, maar we blijven positief en denken bij onszelf: het zal wel beter worden. Dat is ons motto.
Lyna: Wat je ook wel in onze songs kan terugvinden: ook al ga je door een moeilijke periode, we zoeken altijd naar een lichtpunt, een vlammetje, iets positiefs en daaraan trekken we ons op.
Hoe lang werken jullie doorgaans aan een nummer?
Lyna: Het gaat vrij snel, ook omdat we het schrijven van een song in twee stukken snijden. Simpel voorbeeld: soms heb ik een idee terwijl ik met mijn gitaar bezig ben, dan neem ik dat op met mijn gsm. Dan stuur ik het naar Assia, want zij schrijft meestal de teksten. Soms is het al na een paar minuten klaar. Meestal krijgen we plots inspiratie en gaan we daar meteen mee aan de slag, want anders ben je het kwijt. Neem nu “Healing Words”, daar is het ook zo gelopen. Soms is het meer als een puzzel en moeten we wat langer zoeken naar de ontbrekende stukken.
Werken jullie ook tegelijkertijd aan een nummer of doen jullie het eerder apart?
Lyna: Dat hangt af van het moment. Toen we nog samen in hetzelfde huis woonden, deden we veel muzikale dingen samen. Het was ook gemakkelijk: je stapt gewoon een kamer binnen en je begint er samen aan, wat nu niet meer het geval is. Nu hebben we dus het geluk dat we dingen op onze gsm kunnen opnemen en zo doorsturen. We sturen elkaar nu vaker berichten en ideetjes. Ergens doen we het wel samen, maar niet meer in dezelfde ruimte zoals vroeger. Als we concreter aan de slag gaan, spreken we wel af.
20 Something is een mooie naam voor een album, het is ook een schakelmoment: van student naar effectief werken. Hoe beleven jullie het?
Lyna: Ons album gaat ook over hoe we evolueren van meisjes naar meer volwassen vrouwen en hoe we daarmee omgaan. Heel ons leven is plots anders geworden. Het is een grote stap voor ons.
Assia: Het is voor ons een grote verandering, ook wat betreft onze muziek: toen we nog studeerden, hadden we meer vrijheid en meer tijd om muziek te maken. Muziek maken was altijd al onze droom, maar we wisten dat we ook een job nodig hebben om dit te kunnen doen. Nu we twintigers zijn, moeten we de juiste balans zien te vinden tussen werk, muziek en ons eigen leven. Ik koos voor de richting communicatie omdat ik dacht dat dit me zou helpen met onze droom: muziek maken. Communicatie is een goede tool hiervoor.
Hoe zijn jullie eigenlijk op het idee gekomen om samen muziek te maken?
Lyna: Het was altijd al onze droom en Assia, die wat ouder is dan ik, begon eerst op een speelgoedpiano wat muziek te maken.
Assia: We hebben eigenlijk altijd al samen muziek gemaakt, als kinderen en nu als volwassenen. De eerste keer dat het echt concreet werd, was jaren geleden. We zijn naar een concert geweest van Vance Joy in de Botanique. We hebben hem aangesproken over de muziek die we maakten en lieten hem iets horen. Hij vertelde ons dat het best cool klonk en zei: stuur jullie muziek op, ik zal er nog eens goed naar luisteren. Maanden later kregen we plots een bericht: ik kom terug in België spelen, in Brussel (in La Madeleine), jullie mogen mijn voorprogramma zijn. Dat was de eerste keer dat we zoiets hadden van: oké, nu moeten we iets doen met onze muziek. Het was een grote sprong: van onze huiskamer naar het podium van La Madeleine.
Wat voor relatie hebben jullie als zussen?
Lyna: We hebben een uitstekende relatie en er gaat geen dag voorbij zonder dat we met elkaar in contact staan. Ik denk dat het ook komt omdat we vrij lang dezelfde kamer deelden. Het is eigenlijk best grappig, want niet veel mensen denken dat we zussen zijn als ze naar ons kijken. Het is pas als ze ons bezig horen dat ze het echt geloven. Dit komt omdat we vaak op dezelfde lijn zitten, elkaars zinnen afmaken en vaak tegelijkertijd dezelfde dingen willen zeggen, alsof we één geheel zijn wanneer we met elkaar praten.
Assia: We delen ook alles met elkaar. Uiteraard hebben we af en toe wat ruzie over een spelletje of zo. We lachen ook vaak samen, hebben veel plezier samen en zeggen ook wel vaak wat de andere denkt. Het lijkt echt alsof we in elkaars hoofd zitten.
Hoe zijn jullie clips tot stand gekomen en vinden jullie het leuk om ze te maken?
Lyna: Ik zing niet alleen graag, maar acteer ook graag. Voor mij zijn clips dus echt leuk.
Assia: Bij de eerste clip waren we een beetje zenuwachtig. We hadden ook telkens een speaker mee die onze muziek afspeelde, zodat we toch wat meer de focus konden leggen op onze muziek. Maar “Dance” en “Healing Words” hebben we met vrienden opgenomen en dat maakte dat het toch wel anders was: relaxter, en dat was echt fun. Het stukje dat we op de Grote Markt hebben opgenomen, verliep niet zo vlot. Véél mensen waren nieuwsgierig en dat maakte ons zenuwachtig. De eerste takes waren dus niet zo goed.
Als mensen jullie vergelijken met bands als The Bangles en The Cranes (waarvan de bandleden jullie moeder of grootmoeder zouden kunnen zijn), hoe voelt dat aan? Kloppen die invloeden?
Lyna: Ja, dat klopt en dat komt een beetje dankzij onze vader, die echt wel een passie had voor muziek. Dankzij hem hebben we vaak naar muziek uit die tijd geluisterd. We gingen ook met de wagen van België naar Marokko en tijdens die ritten luisterden we vaak naar die muziek. Het is zeker een factor die meespeelt.
Houden jullie beiden van dezelfde muziek of is er toch een verschil?
Lyna: Goede vraag, en neen: we luisteren naar verschillende dingen. Je kan dat ook een beetje horen in onze muziek. Ik luister bijvoorbeeld graag naar indie pop en popachtige dingen. Assia is meer into folk en ballads. Vandaar ook dat je verschillende invloeden hoort in onze muziek en dat zorgt ook voor afwisseling op onze plaat. We praten wel over de artiesten die we graag hebben of ontdekten, maar we hebben daarin wel een andere smaak. Er is ook een verschil in de muziek waarop we graag dansen.
Maakt dit verschil het dan niet lastiger om samen een song te schrijven?
Assia: Niet echt. Er is een verschil tussen de muziek waar we van houden en naar luisteren, en de muziek die we maken. We hebben ook onze eigen stijl gevonden. We staan ook open om af en toe eens iets anders uit te proberen. Soms willen we iets meer groovy, iets minder folky, maar uiteindelijk komen we uit op iets waar we allebei blij mee zijn en waar we van houden.
Soms hebben we een idee, maar dan stellen we plots vast: neen, dat zijn wij niet, en dan laten we het gaan. Zo hebben we wel wat dingen op onze gsm staan waarmee we uiteindelijk niets doen. Het kan best iets cools zijn, maar niet voor ons. Dus misschien schrijven we ooit nummers voor andere artiesten, wie weet? Dat zou ook nog eens een goed idee zijn voor in de toekomst. We schrijven ook veel nummers en beslissen dan op het einde welke we houden en welke niet.
Is het moeilijk zijn om te beslissen welk nummer een single mag worden?
Assia: Dat is een goede vraag, want als we nummers schrijven, staan we daar nooit bij stil of het een single gaat worden. Als we iets schrijven, weten we ook niet of mensen het een leuk nummer gaan vinden. Bij “Healing Words” waren we wel zeker dat het een single moest worden, net als bij “Dance”, maar het had inderdaad evengoed “No Worries” kunnen zijn. Om eerlijk te zijn is “Don’t Fall” wel een van mijn lievelingsnummers op het album. We twijfelden er wel over: was het niet ietwat te traag in het begin, is het wel singlemateriaal?
Lyna: Wat wij als artiesten leuk vinden, kan misschien iets te niche-achtig zijn. Een single moet snel kunnen overtuigen en liefst ook véél mensen aanspreken. Het is dus zeker geen gemakkelijke keuze.
Wat zou de smaak zijn van jullie muziek?
Lyna: Wel, denk aan onze bandnaam Neroli (Oranjebloesem), want die staat voor een bloem, een frisse geur en iets wat me aan Marokko doet denken. Het is ook een beetje exotisch. Het reflecteert ook onze dubbele nationaliteit. Die bloem doet ook denken aan open ruimtes, harmonieën, iets moois en ontroerends en sluit dus mooi aan bij onze muziek.
Hoe was jullie jeugd?
Assia: We zijn gezegend geweest. Goed beschermd allicht ook. Er waren wel af en toe wat kleine dingen, maar dat is normaal. Onze ouders deden echt wel hun best en misschien hadden zij wel zorgen, maar daarover lieten ze niets doorschemeren. We gingen graag naar school en waren als zussen ook héél close. We hebben trouwens ook een broer. Je kan gerust zeggen dat we zonder zorgen leefden en dat we op elkaar konden rekenen.
Was jullie broer niet boos omdat hij niet bij jullie in de band zit?
Lyna: Dat is een goede vraag. Wij waren eigenlijk altijd een beetje de emotionele meisjes, de artistieke kant in onze familie. Onze broer is eerder de wetenschapper in onze familie.
Assia: Hij probeerde ook wel een beetje beats te produceren, maar daar is hij vrij snel mee gestopt. Maar we hebben andere teammates in onze band van wie we evenveel houden als van onze broer.
Klopt ons gevoel dat er in de studio niet al te veel werd geprutst?
Lyna: Naakt en puur, dat beschrijft het wel goed. Voor ons is het ook belangrijk om muziek te maken met echte instrumenten, of dat nu in de studio is of op een podium. We houden van echte instrumenten en de energie die je krijgt als je met anderen samenspeelt. Denk ook aan een gitaar: het hout en de klank die daaruit voortkomt, zijn zo uniek. We houden ook van oudere bands die echt nog alles zelf spelen en die lijn trekken we door in onze eigen muziek. We zien ons ook als singer-songwriters. We hebben het gevoel dat we onze dagboeken met onze fans delen en daarom willen we ook zuiver en puur klinken.
Assia: Onze ep werd ook opgenomen in onze flat en dat geeft ook een bijzondere klank. Denk maar aan “Let Go”. Het waren enkel wij in onze flat en niets anders. De basis is onze stem en een gitaar. Af en toe hoor je wel andere muzikanten, maar die zijn van vlees en bloed.
Lyna: Het is trouwens grappig, want de man die de plaat mixte kant a, nummers één tot zes: Fabrice Detry (speelt ook in Fabiola, was ook lid van austin lace, Hallo Kosmo, the Tellers etc), vertelde ons: jullie willen heel de tijd jullie stemmen vooraan in de mix.
Assia: Ik denk ook dat dat de reden is waarom mensen naar ons komen kijken en naar onze muziek luisteren. We geven hen het gevoel dat we dicht bij hen staan met onze stemmen en onze muziek. We willen ons ook echt profileren als singer/songwriters en onze muziek puur natuur brengen. Ik hoop dat we zo kunnen verdergaan.
Wat maakt Fabrice Detry zo belangrijk voor een debuterende band als Neroli?
Lyna: Fabrice Detry heeft de plaat geproduceerd – vanaf de demo’s, het proces heeft een jaar geduurd, hij kwam met veel ideeën over arrangementen en heeft ons zeker op ons gemak laten voelen. Hij heeft ook al wat ervaring, hé.
Mission accomplished wat ons betreft. We hopen ook dat er na jullie optreden hier in de Botanique nog véél optredens mogen volgen.
Assia: We zullen binnenkort de nodige aankondigingen doen, de zomer ziet er alvast goed uit. Volg onze social media. We zetten een grote stap voorwaarts en bouwen nog alles op, stap voor stap.
Lyna: Sommige optredens zullen enkel wij tweetjes zijn, andere dan weer met de band, naargelang de locatie.






