Vader zaliger was een wijze hippie met lange haren tot aan zijn gat, kleding uit Indië, klompen uit Zweden en bovenal een heel goede muzieksmaak. We maakten de tijd mee dat de eerste videorecorder werd verkocht voor belachelijk veel duiten, maar zo was vader ook wel, hij moest dat ding hebben. Schulden maken was voor winnaars! Hij schonk ons een videocassette van Woodstock en we waren er compleet weg van. Maar dan ook compléét! Voor de muziek? Maar neen, voor de tietjes natuurlijk. Die Amerikaanse hippievrouwtjes speelden al hun kleren uit en lieten de borsten, memmen, klieren, hooters, tietsels, kalebassen, tetten, voorlichten, schokdempers, uiers, melkzwabbers zien en prompt kwam muziek op een nog steeds verdienstelijke tweede plaats. En God, hij zag dat het goed was. Ach, we waren pubertjes, meer is er niet te zoeken achter die vorige zinnen. Het podium op dat iconische festival zou nu niet meer door de keuring geraken voor een chirofuif of feestje voor een communie in de achtertuin. De bands speelden alsof hun leven er van af hing en het publiek stond knetterstoned als twaalf kilo ongepelde garnalen te dansen met de duivel achter hun blote reten. Glyders dus, dat trio uit Chicago doet ons echt denken aan die strapatsen en fratsen uit de gouden jaren zestig.
In 2023 werd hun album Maria’s Hunt uitgebracht en dat album was de quasi perfecte symbiose van rock en americana. Country enerzijds en rockmuziek uit de jaren dat er elke dag Amerikanen in Vietnam sneuvelden voor het zogezegde ‘grotere doel’ anderzijds, daarvan staat die plaat bomvol. Een week geleden bracht het trio uit ‘Chi-Town’ Forever uit en we hebben de plaat echt even moeten laten marineren voor we er iets over wilden en konden schrijven. Het album werd uitvoerig getest in de auto, tijdens het douchen, tijdens een rit met de fiets en loeihard toen vrouw en kinderen het huis uit waren. Acht schijven die in totaal zesendertig minuten duren. En wat voor een songs zijn dit me toch geworden, niet normaal. We stellen graag eerst dit driespan uit die Amerikaanse mastodont voor: Joshua Condon op de gitaar en achter de microfoon, Eliza Weber aan de bas en uiteindelijk na veel vijven en zessen werd er een drummer gevonden en dat is Joe Seger.
“Super Glyde” is er al direct boenk op met die funky gitaarpartij. Na ongeveer anderhalve minuut zitten we opeens in een dikke rocksong met een heel bezwerende melodie. De ogen staan glazig en we buigen het hoofd naar achteren om te staren naar de wolken. Op “Moon Eyes” wordt er even een rustig moment gegund in de stijl van Crosby, Stills, Nash & Young. Heerlijk stoer kijken met een sigaret die doelloos aan de onderlip bengelt. En die gitaarsolo! “Hard Ride” is nog net onze top drie binnengeslopen als nummer van het jaar. Kijk, we willen er geen reclame voor maken want het is gevaarlijke rommel, maar we kunnen ons perfect voorstellen dat we hier uren op staan te dansen compleet onder invloed van psilocybine. Het blijft maar doordrammen en de melodie is pure betovering, muzikale magie ontstaan in de hoofden van Condon en Weber. Bijna zeven minuten worden we ondergedompeld in een psychedelisch bad dat maar niet koud wil worden. Die pianoriedel opeens, het is ocharme maar een enkele noot, maar wat een ongelooflijk cool effect.
Op “RTZ” zitten we weer in die groovy sfeer, maar hier is echt iets heel vreemds aan het handje met dat liedje. We dachten dat onze platenspeler ons een kloot had afgetrokken, maar niets is minder waar. Glyders speelt met onze voeten en we vinden het geweldig. Het slaat echt op niks precies, maar dat is juist het koddige aan het lied. Echt geestig gedaan, vinden wij toch. Nu, dat sexy geluid dat de hele tijd over de plaat wordt gedrapeerd, vindt zijn weg terug in “Steppin’ / Tell Me About The Rabbit”. Dit nummer is een minirockopera geworden die van hot naar her trekt en zich geen hol aantrekt van eventuele ‘conventies’. We snappen nu nog beter trouwens waarom Seger aanvaard werd achter het drumstel. Boem, tjak, djing, djang, bambambam, tiktiktik en dat maal honderd.
Eindigen doen we met “Thousand Miles” en dat is een nummer dat bij het beste van The Byrds of zelfs The Beatles kan staan. Er zullen nu wel mensen hun achterste poten insmeren om wat stampen uit te delen, maar we hebben het er voor over. Dit is echt zo een schoon liedje. Alweer een gitaarsolo uit de duizend en we kunnen alleen maar concluderen dat Glyders een enorm knappe plaat heeft afgeleverd. Niet akkoord? Even grote vijanden, geen probleem.
In de eerste alinea stond muziek op de tweede plaats door het verpoppen of vervellen van kleine jongen naar grote jongen, maar ze is door de jaren en het artikel heen toch weer prominent op het hoogste schavot gaan staan. En Glyders levert de perfecte soundtrack af, een plaat die we hartverwarmend vinden, een lp die er staat als een kanteel op een kasteelmuur. Het is een album dat we nu al koesteren. Vandaar eerst die week marinade, kruiding tot we alles dachten te begrijpen van Forever. We leggen ze nog eens op.
Ontdek “Hard Ride”, ons favoriete nummer van Forever in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.







