Met Futique bereikt Biffy Clyro het magische getal tien: tien studioalbums in een carrière die gerust indrukwekkend genoemd mag worden. Dat het Schotse trio na al die jaren nog steeds relevant blijft, valt niet te ontkennen. Toch merkten we daar in België de voorbije jaren bitter weinig van. De band wordt hier al tijden genegeerd door radiozenders en festivalorganisatoren. Plaat nummer tien van het Schotse rocktrio — bestaande uit Simon Neil en de broers Ben en James Johnston — is een emotioneel openhartig werkstuk waarin verleden, heden en toekomst met elkaar in dialoog treden. Waar hun vorige platen vaak bulkten van rauwe energie en stadionrefreinen, kiest Futique voor een subtieler, introspectiever parcours, zonder de grootse gebaren helemaal los te laten.
Het kernidee van de plaat draait om de vraag: welke momenten van nu zullen later ons ‘futique’ blijken — een herinnering die pas in retrospectief zijn ware waarde toont? Het is een poëtische manier van kijken naar tijd, herinnering en vergankelijkheid. Nostalgie, afscheid en vriendschap fungeren als thematische kapstokken en vormen de emotionele brandstof die deze plaat draaiende houdt. Het resultaat is een mengeling van melancholie en uitbundigheid, van verstilde intimiteit en uitzinnige erupties. Vintage Biffy Clyro, maar met een twist.
En toch. Muzikaal laveert de band tussen hun beproefde formule van zachte coupletten die exploderen in mokerslagen van refreinen, en nieuwe invloeden die de sound een onverwachte frisheid geven. Funky baslijnen, synthpatronen en zelfs posthardcorefragmenten sluipen binnen in de architectuur van de songs, zonder geforceerd te klinken. De productie —volledig in handen van de band zelf — klinkt rauw, open en op momenten onafgewerkt, een bewuste keuze die de kwetsbaarheid extra reliëf geeft. Simon Neil verwoordde het zelf: ‘Elke song moest melodisch een bergtop bereiken. Ik wilde uit het hart zingen en echt alles geven op dat moment.’
De openingstrack “A Little Love” zet meteen de toon: poppier en melodieuzer dan wat de band eerder durfde uitbrengen. De hoopvolle tekst over toewijding en het zoeken naar betekenis in relaties geeft meteen de richting aan. Talking Heads-achtige invloeden duiken verrassend op, alsof Biffy zichzelf een spiegel voorhoudt en besluit dat dansbaarheid niet per se het tegendeel van emotionele diepgang hoeft te zijn. Vervolgens is er “Hunting Season”, een furieuze herinnering aan hun begindagen, waar scheurende gitaren en schreeuwende vocalen de luisteraar terugkatapulteren naar het Biffy-geluid van weleer. Het contrast met het hypermelodische openingsnummer kan nauwelijks groter zijn, maar juist die spanningsboog houdt het album levend.
Met “True Believer” grijpt de band terug naar hun posthardcorewortels. Het nummer stuwt vooruit met een haast punkachtige energie die doet denken aan de wilde liveconcerten waarmee Biffy ooit naam maakte. De emotionele kern van het album ligt in “Goodbye”, een weemoedige break-up ballad met strijkers en een epische ontlading. Het toont dat Biffy nog steeds weet te ontroeren wanneer ze de franjes laten vallen en puur op gevoel spelen. Helaas worden zulke momenten te vaak afgewisseld met songs die de intensiteit niet vasthouden. “Woe Is Me, Wow Is You” bouwt mooi op, maar bereikt nooit de catharsis waarnaar het onderweg lijkt. Het contrast tussen pieken en dalen is groot, wat de plaat ook onevenwichtig maakt.
Wat opvalt aan Futique is dat het album zich minder bekommert om perfectie en meer om echtheid. De zang van Neil kraakt en breekt, de riffs zijn soms ruw aangesneden, en de dynamiekverschillen kunnen bruusk aanvoelen. Doordat de band het productieproces zelf in handen nam, klinkt Futique eerlijk en rauw, maar soms ook té onafgewerkt. Het idee van imperfectie als kracht werkt slechts gedeeltelijk. Achter de conceptuele grandeur schuilt bovendien een persoonlijke dimensie. De bandleden, intussen de veertig voorbij, reflecteren op hun levens, hun vriendschap en de vergankelijkheid van roem. Er zit een melancholie in de plaat die enkel kan groeien uit ervaring en verlies. Toch is er ook hoop: de overtuiging dat zelfs de pijnlijke momenten ooit als waardevol gekoesterd zullen worden. De albumtitel, een samentrekking van future en antique, vangt die dubbelzinnigheid perfect.
Futique is uiteindelijk een album dat niet alleen mikt op stadionwaardige refreinen, maar ook een extra laag emotie toevoegt aan de vertrouwde formule. Wie Biffy Clyro live wil zien, moet nog steeds de landsgrenzen over, maar dit album kan je moeiteloos door de hoofdtelefoon laten knallen. Al raden we wél aan om de trip naar een buurland te maken wanneer ze de nieuwe songs komen voorstellen. Live zullen sommige nummers ongetwijfeld een extra dimensie krijgen en grootser uit de verf komen. Met dit tiende hoofdstuk bevestigt Biffy Clyro hun status als een van de grootste rockbands van aan de overkant van Het Kanaal. Of het ooit nog goed komt met België, durven we te betwijfelen. Futique is misschien niet hun beste album ooit, maar bevat genoeg moois om je hart aan te verwarmen.
Op 30 januari speelt Biffy Clyro in AFAS Live in Amsterdam.
Facebook / Instagram / Website
Ontdek “True Believer”, ons favoriete nummer van Futiquein onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.






