
© CPU – Joost Van Hoey (archief)
Naast grote meerdaagse festivals zoals Rock Werchter en Pukkelpop, telt België ook een aantal kleinschaligere evenementen die zich niet richten op het commerciële, maar eerder op muzikale niches. Een van de meest toonaangevende daarvan is dunk!festival. Al twintig jaar lang staat dit festival in het teken van postrock en -metal: genres die moeilijk in een hokje te stoppen zijn en door elke fan telkens anders worden geïnterpreteerd. Volgens oprichter Luc Lievens gaat het om ‘visuele muziek’, klanken die verhalen oproepen en beelden doen ontstaan in het hoofd van de luisteraar. Gisteren gaf de organisatie het startschot voor een bijzondere jubileumeditie, met op de affiche onder andere de legendarische Schotse band Mogwai als absolute headliner.
An Corporation @ Concertzaal
De eer om deze festivaleditie op gang te trappen, viel te beurt aan het Chinese An Corporation. Hoewel de groep nog niet lang bezig is – het debuutalbum dateert van vorig jaar – heeft ze online een zekere cultstatus kunnen opbouwen. Het feit dat we in ons land niet veel Chinese groepen over de vloer krijgen, was dan ook een reden te meer om deze set enthousiast tegemoet te zien. Spijtig genoeg werden we vrij snel in de set al van onze roze wolk gehaald, omdat de groep nogal slordig speelde. De drummer ging vaak uit de maat en tijdens het derde nummer viel het pedaalbord van de frontman uit, waardoor de show even moest stilgelegd worden.
Als bij wonder had de band wel de kaart van het publiek getrokken, want bij elke interactie reageerde de zaal ontzettend dankbaar. Begrijp ons ook niet verkeerd: bij een nummer als “The White Dragon Horse”, waar de groep toevallig wel goed op elkaar ingespeeld leek, werd ineens duidelijk dat An Corporation wél degelijke postrocknummers kan schrijven. Mits wat meer podiumervaring en deels door het feit dat we in tweede kansen geloven, lijkt het schip voor deze band nog niet gezonken, maar we kunnen er niet omheen dat deze set het festival door zijn muzikale tekortkomingen op een valse noot aanving.
Overhead, The Albatross @ Concertzaal
Ook Overhead, The Albatross kon bij ons op veel anticipatie rekenen. Voor hun naam haalden de Ieren inspiratie bij “Echoes” van Pink Floyd, maar ze maken muziek die geenszins in hetzelfde straatje van dat nummer ligt: lang uitgesponnen tracks met mathrockelementen en enkele spoken word-passages er doorheen. Het was dan ook een plezier om het contrast te zien tussen deze groep en haar voorganger. Het publiek was tegen het begin van deze set al wat toegenomen en dat merkte je aan de atmosfeer aan de zaal. Tijdens momenten die je onder sommige omstandigheden zelfs ‘funky’ zou kunnen noemen, gingen er een heleboel armen spontaan de lucht in.
Het contrast met de sound die Overhead, The Albatross bracht in vergelijking met de band ervoor, was opmerkelijk. Rustigere stukken werden afgewisseld met heuse geluidsmuren, en de synths deden soms denken aan instrumenten waar pakweg de doorsnee hedendaagse metalcoreband in de studio mee aan de slag zou gaan. Vooral het nummer “Hibakusha” blonk hierin uit en valt beslist als een hoogtepunt te noemen van het optreden, zo niet van de hele festivaldag. De Britten vormden met andere woorden de aanzet tot al het moois dat we gisteren nog zouden zien en horen.
Black Aleph @ Club Wintercircus
Na die overweldigende set was het tijd voor de Australiërs van Black Aleph om hun metalklanken door Club Wintercircus te laten galmen. Dat de Balzaal van de Vooruit noodgedwongen vervangen moest worden door het Wintercircus, bleek voor het festival eerder een zegen dan een vloek, omdat de bands die er spelen zo gebruik kunnen maken van de speciale 360°-geluidssetup. De doomfolk van deze groep kon spijtig genoeg niet op een overweldigend publiek rekenen, maar dat liet het drietal kennelijk niet aan het hart komen. De bezetting bestond uit een gitarist, een cellist en een percussionist, waardoor er vanaf de eerste noot een sacrale sfeer in de zaal heerste.
In vergelijking met de eerste twee sets van de dag was hun muziek minder recht voor de raap, wat zijn uiting had in rustige en lang uitgesponnen composities en tactisch uitgedachte hoogtepunten. Het onuitgebrachte nummer “Score” bouwde bijvoorbeeld heel gestaag op om uit te monden in een heuse klankexplosie. De band was duidelijk fier om op dunk!festival te mogen aantreden en die fierheid katapulteerde het publiek – op wat geroezemoes na – heel respectvol terug. De kracht van Black Aleph lag erin om tussen al het gedruis in al vroeg op de dag voor een rustpunt te bieden, en op die manier serveerde de groep een gedurfd stukje van de taart die postrock heet.
Hemelbestormer @ Concertzaal
Zoals steeds kiest dunk! ervoor om ook Belgisch talent op het podium neer te zetten. Gisteren kreeg onder meer de Limburgse band Hemelbestormer een kans om zichzelf te onderscheiden met zijn atmosferische sludge. Na onze ervaring bij Black Aleph werden we vanaf het eerste moment terug in een sonische ruimte gekatapulteerd waar we niet uit zouden ontsnappen voor drie kwartier lang. Die ‘ruimte’ mag je vrij letterlijk nemen, aangezien we op het scherm achter de band constant beelden te zien kregen van planeten, sterrenstelsels en ruimtetuigen. Een groep die haar naam serieus neemt dus. Hoewel de publieksinteractie beperkt bleef tot enkele triomfantelijke vuistbewegingen, leek de groep haar toeschouwers toch te kunnen overtuigen met de pure wilskracht van de muziek alleen.
Het absolute hoogtepunt van de set bevond zich tijdens “Tinia”, waarvan de riff ons die nacht tot in onze dromen achtervolgde en de breakdown een groot deel van het publiek aan het bewegen kreeg. De muziek van Hemelbestormer sluit vaak aan bij de soort muziek dat Amenra maakt, maar dan zonder zang. Dat speelde gisteren in het voordeel, aangezien de Limburgers zonder al te veel moeite de zaal in hun universum meesleurde. Met “Towards the Nebula” deelde de groep nog een finale uppercut uit die de heilige Sint-Pieter zonder twijfel diep in de schulden stak. We hebben de slotenmaker gebeld, maar hij nam niet op.
Hemelbestormer staat op 4 oktober op TUMULT Festival in de Botanique.
Astodan @ Club Wintercircus
Nadat de poorten van het hiernamaals in duigen lagen, maakten we opnieuw de oversteek naar de andere kant van de Lammerstraat om te aanschouwen wat de landgenoten van Astodan voor ons in petto hadden. Door een sound die stevig geïnjecteerd is met posthardcore-elementen, is het niet verwonderlijk dat de groep een heel aantal mensen de oversteek liet maken naar het Wintercircus. De band kon in het recente verleden nog rekenen op positieve commentaar, aangezien hun nieuwste plaat Dirges maar sinds februari in de rekken ligt. De meeste nummers die we gisteren te horen kregen, kwamen dan ook uit dat album.
‘We gaan het kort houden’, verkondigde de groep toen haar leden het podium opwandelden. Laat het woord ‘kort’ je niet misleiden, want de heren bedoelden op geen enkele manier dat ze er hun voeten aan zouden vegen. Het duurde misschien slechts enkele seconden voor de eerste drop de zaal terroriseerde, maar dat deed Astodan op meesterlijke wijze. Bijna elk nummer was voorzien van enkele sfeerscheppende synthjes die het geheel keer op keer naar een hoger niveau tilden. De songs gingen van onversneden hardcore tot Alexisonfire-achtige harmonie. Dat zanger Bart Van Der Elst niet altijd even goed door de mix sneed, was dan ook spijtig, maar dat werd grotendeels goedgemaakt door de pure kracht waarmee zijn band speelde.
Maybeshewill @ Concertzaal
Na een reeks zwaardere en atmosferische acts, was het uitkijken naar de komst van het Britse Maybeshewill. De band staat al jaren bekend om haar unieke mix van postrock en mathrock, en haar reputatie binnen het genre riep hoge verwachtingen op. Normaal gezien speelde op deze plek het Ijslandse Sólstafir, maar daar leek het publiek tijdens dit optreden niet wakker om te liggen. De band haalde deze vervanging toch eenmaal aan in een bindtekst en drukte nogmaals haar dankbaarheid uit aan de organisatie om al zoveel jaren welkom te zijn op het evenement.
Daarin lag ook meteen de kracht van Maybeshewill: het feit dat de groep nu eenmaal een van de belangrijkste vertegenwoordigers van haar genre is, maakt dat een publiek zoals dit in theorie altijd uit haar hand zal eten. Dat is ook precies wat er gebeurde. Met het beginduo “Opening” en “Take This To Heart” zette de band zijn reputatie al meteen kracht bij en gaven de Britten een signaal dat ze deze show met veel gusta aanvatten. Met songs als “Red Paper Lanterns” en “In Amber” in de set beloofde het dan weer een geweldig optreden te worden, en dat was precies wat de consensus leek na dit slot van een uur.
Wrekmeister Harmonies @ Theaterzaal
Even gas terug nemen konden we met Wrekmeister Harmonies. Zoals de naam al doet vermoeden, leggen de Amerikanen meer de nadruk op het aandeel van het harmonieuze in de muziek. Hun drone-invloeden komen vaak samen in een mix van folk en ambient, waardoor hun sound in de omgeving van de Theaterzaal meer tot hun recht kwam. Door een last-minute verandering in de timetable was het duo de enige act de je iets na half acht kon bezichtigen, waardoor er redelijk wat volk op de rode stoeltjes plaatsnam. De headliner van deze zaal speelde een inleefbare set die aangevuld werd door visuals van natuurverschijnselen, beeldhouwkunst en andere symbolische verschijnselen.
Tussen alle mathrock- en altrockbands die gisteren hun opwachting mochten maken, is het altijd even tot rust komen bij een muzikale act die de grenzen van het muzikale op creatieve wijze opzoekt. Verwacht bij dit duo geen afgelijnde songstructuren of voorspelbare refreinen, nee: we begaven ons op glad ijs en lieten ons meevoeren door de melodieuze vioolklanken van Esther Shaw en de manische schreeuwen van JR Robinson. We voelden onze ziel opstijgen en weer veilig met alle bestanddelen op de grond terechtkomen. Een ideaal rustmoment dat tegelijk ook een hoogtepunt van de festivaldag bleek.
Use Knife @ Club Wintercircus
Met zijn ongewone combinatie van elektronica, noise en Midden-Oosterse invloeden wist Use Knife vooraf al de nieuwsgierigheid te wekken. Het trio, met wortels in zowel België als Irak, staat bekend om zijn grensverleggende sound en scherpe performance waarmee het rockelementen naadloos verbindt met dance. In de Club van het Wintercircus stuurde het drietal ons weg van de analoge instrumentatie om ons op geheel digitale wijze aan het dansen te brengen. Die aanpak werkte voor de meeste toeschouwers aanstekelijk, vooral door nummers als “Kadhdhaab” en titelsong van het nieuwste album “État Coupable”, waarbij frontman Stef Heeren het publiek wees op de gruwelijkheden in Gaza, met een overtuigende reactie uit het publiek tot gevolg.
Ergens halverwege de set toe rees de vraag wat deze groep weerhoudt om door te breken naar de grotere podia, en het antwoord is: weinig. Met een strakke sound, duidelijke boodschap en beredeneerde inkleding verdienen deze muzikanten simpelweg een breder publiek. Zeker met de recente plaat État Coupable, die bol staat van de frivole geluidjes en dansbare ritmes. Omdat het festijn op dat punt in de dag al liefst acht uur aan de gang was, vergeven we het zij die hun dansmoves achterwege lieten, maar toch wist Use Knife een collectieve trance op te roepen. Dit trio is duidelijk klaar voor meer.
Op 8 november speelt Use Knife een show tijdens het Kortrijkse showcasefestival Sonic City.
Mogwai @ Concertzaal
Is er een betere manier om een festivaldag af te sluiten dan met de overweldigende sound van Mogwai? Waarschijnlijk niet. In februari deed de groep nog twee Belgische zalen op hun grondvesten daveren, met twee magistrale shows in de Ancienne Belgique en De Roma. Daarmee symboliseerde ze tegelijk nogmaals waarom het voor dunk! net zo’n medaille is om de groep op zijn affiche te zetten. De Schotten kwamen gisterenavond niet langs om in herhaling te vallen, nee: hun optreden was een poging om ook die optredens te overtreffen. Ze haalden daarbij alles uit de kast. De combinatie van de sfeer in de zaal en de daadkracht van de band zorgde voor een uiterst uniek optreden.
Dat Mogwai een centrale plek inneemt binnen het postrocklandschap, werd op dunk! nog maar eens bevestigd. De groep maakte deel uit van de eerste golf postrockgroepen in de jaren ’90, en die ruwe sound komt dertig jaar later nog steeds naar voren. Vooral in songs die rond dat tijdperk uitkwamen, maar evenwel in nieuwer werk zoals op “Hi Chaos”, dat dit jaar nog verscheen als deel van de plaat The Bad Fire. Of op “Lion Rumpus”, dat in een livesetting die grauwe sfeer van dat verloren tijdperk helemaal in- en terug uitademt. Nee, Mogwai is zijn streken nog niet verloren, en de concertzaal van de Vooruit heeft het gevoeld.
Wat Mogwai bovendien onderscheidt, is zijn constante drang tot vernieuwing. Dit was de vierde Belgische show in een jaar tijd, telkens met een volledig andere setlist. Die keuze houdt de optredens verrassend, zelfs voor doorwinterde fans, en toont een zekere weigering om op automatische piloot te spelen. De spanningsboog van het concert werd strak opgebouwd, met een mooie balans tussen oud en nieuw. Het klassiekertje “Mogwai Fear Satan” klonk gisterenavond frisser dan ooit en ook publiekslieveling “New Paths to Helicon, Pt 1” kon op enthousiasme vanuit het publiek rekenen.
Na zo’n slot, is het lof niet enkel voor Mogwai, maar ook voor de organisatie van dunk!festival. De keuze om de Schotten als afsluiter te programmeren, bleek perfect: de band speelde met zoveel overtuiging dat het haast ondenkbaar is dat een andere act dit slot had kunnen innemen. Alles viel netjes op zijn plaats: het juiste moment, de intieme setting van de zaal en een publiek dat aandachtig meeleefde. Het was duidelijk dat band en het festival goed op elkaar waren afgestemd. Met Mogwai als bezwerende finale bewees dunk!festival niet alleen zijn uitstekende smaak, maar ook zijn gevoel voor timing, impact en eeuwigheidswaarde.
Op vrijdag 15 augustus speelt Mogwai een set op Pukkelpop.






