Albums, Recensies

Everything Everything – Re‑Animator (★★★): Laat de perfectionist met rust

Everything Everything is tot zover nog nooit zo allesoverheersend geweest als hun naam doet vermoeden; die twee woorden leveren op Google tegenwoordig een vlaag aan resultaten gewijd aan een matig onthaalde film op. Dit hield hen echter niet tegen om een carrière uit te bouwen als een van de meest consistente groepen van hun generatie. Het kwartet uit Manchester vond vorig decennium de tijd om vier platen op te nemen, en negatiever dan ‘geweldig’ werden de adjectieven die we ter beschrijving gebruikten zowat nooit. Vooral Get to Heaven (2015) blijft ons bij als perfect uitgekiend popmeesterwerk.

Nadat twee jaar later de tetralogie in stijl afgesloten werd met A Fever Dream, besloot de groep even een pauze in te lassen. Bassist Jeremy Pritchard trok een halfjaar op tour met collega’s Foals. Intussen werd naarstig gewerkt aan een opvolger; dit schrijfproces nam een jaar in beslag. Het eindresultaat werd echter in sneltempo opgenomen met producent John Congleton, die maar een druk gevulde twee weken met het viertal de studio introk. Dit alles werd gekaderd als een back to basics-aanpak, die voor een bende perfectionisten als Everything Everything best wel eens interessant zou kunnen uitdraaien.

Tot onze spijt zijn we na het beluisteren van Re-Animator tot de conclusie gekomen dat je de perfectionist beter zijn gang laat gaan. Ondanks de aanwezigheid van best wat sterke ideeën is het resultaat geplaagd door levensloze mixes, bedenkelijke productiekeuzes en onderontwikkelde structuren. Na een aantal luisterbeurten verdwijnen sommige van deze imperfecties naar de achtergrond, wat de impact van onze initiële teleurgestelde reactie gelukkig wat weet te verminderen. De zes die uiteindelijk op het schoolrapport komt te staan is in feite geen slechte score, maar voor de ouders van de student die tot nu toe alleen nog maar met grote onderscheiding naar huis kwam, moet het toch even slikken zijn.

Gezien ons expertiseveld niet dat is van een geluidsingenieur neem je deze kritiek best met een korrel zout, maar veel nummers klinken alsof ze worden afgespeeld met de ingebouwde luidsprekers van onze goedkope telefoon, die met reden nooit voor serieuze taken worden ingezet. Het meest pijnlijke voorbeeld hiervan is meteen ook de opener: “Lost Powers”. Na knallers als “To the Blade” lijkt deze song vooral een waarschuwing om onze verwachtingen te temperen. Zelfs vergeleken met het officieus uitgebrachte demomateriaal van de groep is hier minder pit aanwezig, en de drumklank had het nooit verder mogen schoppen dan de proefmix.

“Big Climb” leek initieel niet veel beter, maar daar moeten we toegeven: Everything Everything schrijft wel vaker groeiers. Onze bedenkingen bij de productie zijn niet volledig verdwenen—na de bandvergadering bij het avondeten over hoe de atmosfeer verder te vullen, lijkt gewoon de achtergrondzang wat luider te zijn gezet—maar eronder zit een oprecht sterk popnummer verscholen. Ook is het altijd een verdienste om ons “Pumped Up Kicks”-gewijs een refrein met opvallend donker sentiment (‘Not afraid that it will kill us / We are afraid that it won’t!’) te laten meebrullen. Het verrast ons dat dit niet een van de singles werd, want in die rol zou het schitteren vergeleken met het doorzichtige aas voor de radiogolven van “Can’t Do”.

Een terugkerend thema op Re-Animator is deze opdeling van de inhoud in twee groepen: nummers die ons uiteindelijk zijn gaan bekoren ondanks een mindere eerste indruk, en nummers die deze eerste indruk niet lijken te overstijgen. Er staat namelijk zowat niets op deze plaat met een onmiddellijke impact. Alleen “Arch Enemy” is een opvallende binnenkomer, die evenwel gelaagd genoeg is om na onze dertigste luisterbeurt nog interessant te zijn gebleven. Gelukkig kan het groeierkamp een waardige tegenstander bieden in de vorm van “Lord of the Trapdoor”, dat evolueert van ballade naar gitaarexplosie in een veel te weinig gebruikte oneven maatsoort. Dit had—althans in iets beter klinkende vorm, maar het storend effect is hier beperkt—makkelijk op een eerdere plaat kunnen staan.

Helaas kunnen een paar dergelijke voltreffers de eindbalans niet genoeg beïnvloeden. Te veel van Re-Animator klinkt als “It Was a Monstering”, een net niet geslaagd nummer dat zijn oeverloos potentieel volledig verkwist door vier minuten statisch te blijven. Een exacte herhaling van het refrein kan hier echt niet doorgaan voor een climax. “Violent Sun” heeft een gelijkaardig probleem; voor het ‘laatste schijf voor de dag aanbreekt’-gevoel dat de groep naar eigen zeggen wou evoceren komt het uiteindelijk te zwak over. Na het plotse einde blijven we niet verdwaasd achter, maar constateren we eerder droogweg dat de plaat voorbij is.

Is Re-Animator dan zo’n opvallend slechte plaat? Eigenlijk niet, maar om de bal even binnen te koppen: een beetje reanimatie had misschien wel van pas gekomen. De songs missen te vaak net dat tikkeltje extra om volledig te overtuigen, en laat dit nu net de band zijn die er in het verleden altijd perfect in slaagde om de hoogst noodzakelijke puntjes op de i te zetten. Dit gegeven maakt de laagtes van deze moeilijke vijfde eerder frustrerend, omdat het potentieel nog steeds voor het oprapen lijkt te liggen. We hopen dan ook dat dit slechts een stapsteen is voor Everything Everything, en dat de Britten de volgende keer terug wat meer succes hebben met de grijpmachine.

11 september 2020

About Author

Lyra muziek is cool. • luisterlog: last.fm/user/lyramsr


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief