Features, Interviews, Uitgelicht

Interview Ghostpoet: ‘Soms ga ik op zoek naar een specifieke stem’

Sinds 2011 brengt de Brit Ghostpoet zo nu en dan een album uit. Het vijfde exemplaar in dat rijtje, I Grow Tired but Dare Not Fall Asleep, leverde hem eerder dit jaar niet minder dan vier sterren op – een volledige ster meer dan voorganger Dark Days + Canapés. Het werd voorafgegaan door enkele sterke singles, zoals “Concrete Pony” en “Nowhere to Hide Now“. We zaten met enkele vragen omtrent zijn nieuwe album en muziek in het algemeen, dus belden we hem even op. In een gezellige babbel behandelden we eveneens de gastzangeressen die erop te horen waren, hokjesdenken en de toekomst.

Waarom ben je begonnen met het maken van muziek? 

Ik hou van muziek en heb dat al van kleins af aan gedaan. Het voelde voor mij natuurlijk aan om van muziek beluisteren over te gaan naar het maken ervan. Ik kom niet uit een muzikale familie en heb geen lessen gevolgd; het is iets waar ik gewoon mee ben begonnen.

Zwarte mensen worden heel vaak in de categorie ‘urban’ gestoken, alsof dat dat de enige muziek is die we kunnen maken.

Hoe zou je je muziek omschrijven aan iemand die ze nog niet gehoord heeft?

Ik vind het moeilijk om mijn eigen muziek te beschrijven doordat ze een combinatie van verschillende dingen is. Als ik ze probeer te beschrijven moet ik ze altijd eenvoudiger voorstellen dan ze is. Mijn werk heeft iets weg van oude rockmuziek, maar ook van elektronica en dan experimenteer ik er nog mee.

Enkele jaren geleden tweette je dat je geen hiphopartiest bent en je je niet op één genre vastpint. Kan je het idee hierachter eens uitleggen?

Wanneer je iemand een genre oplegt of die stempel op hen plakt, dan kom je met regels over wat kan en niet. Zwarte mensen worden heel vaak in de categorie ‘urban’ gestoken, alsof dat het enige is wat we kunnen maken. Dat slaat nergens op. Ik voel me niet verbonden met dat genre, omdat dat alleen op mijn huidskleur slaat.

Ik leg mezelf geen genre op als ik een album wil maken om dan al die regels te volgen. Ik maak gewoon muziek en denk niet na over het genre. Sommige mensen denken daar wel over na, maar voor mij hoeft dat niet.

Je eerste album dateert al van 2011. Hoe is je muziek sinds dien veranderd? 

Het is veel beter nu! (lacht) Op het eerste album zocht ik gewoon hoe uit hoe alles werkte. Toen moest ik ook nog ontdekken wat ik wou doen en wie ik wou zijn. Ik moest het doen met wat ik ter beschikking had. Ondertussen heb ik veel meer ervaring, doordat ik zoveel andere getalenteerde muzikanten ben tegengekomen en met hen heb samengewerkt. Ik heb ook veel meer vertrouwen in mezelf en mijn muziek.

Als artiest heb ik altijd willen evolueren; dat is iets wat ik vanaf het begin wou. Ik wil niet hetzelfde blijven doen. Ik vind het belangrijk dat elk album anders is.

Je bracht onlangs I Grow Tired but Dare Not Fall Asleep uit. Welke onderwerpen komen zoal aan bod op je vijfde album?

Het gaat over veel. Over ikzelf die naar de wereld van de afgelopen jaren kijk, maar ook over mijn eigen leven: twijfels, break-ups, seks, momenten die me zwaar vielen, eenzaamheid en ook isolatie. Ik stel mezelf altijd vragen over mezelf, het doel van bepaalde dingen, de toekomst … Het kernidee dat ik wou meegeven is dat je niet alleen bent. We maken dagelijks van alles mee doordat je deel uitmaakt van de wereld.

Soms zoek ik een specifieke stem en dan moet ik contact leggen, maar andere samenwerkingen gebeuren organisch.

Je vermeldde isolatie. Dit is iets dat veel mensen recentelijk ook ervaren hebben. Op het eerste nummer zing je ‘It’s getting kind of complex these days’. 

Het is vreemd dat die tekst nu een andere betekenis lijkt te krijgen, want ik heb dit album vorig jaar al gemaakt. Ik heb de toekomst niet voorspeld, maar ik heb altijd muziek willen maken die inspeelt op de gevoelens van de samenleving. Nu is dat op een vreemde manier gebeurd, waardoor ik plots bezorgd was dat mijn album misschien te rauw is om nu uit te brengen, gezien het over eenzaamheid en isolatie gaat. Toch krijg ik er veel goede reacties op. Ik ben verbaasd over hoe mensen de muziek omarmen.

“Concrete Pony” was de eerste single van het nieuwe album. Dat nummer kreeg een indrukwekkende muziekvideo. Vanwaar kwam het idee? 

De regisseur kwam met het idee en ik wist dat ik in deze video wou meespelen. Het was iets dat ik al lang niet mee gedaan had en het idee paste perfect bij dat wat ik wou meegeven en hoe ik me voelde. Het voelde comfortabel aan en ik kon er mezelf mee uitdrukken. Ik ben zeer blij met het resultaat.

Op I Grow Tired but Dare Not Fall Asleep werkte je met verschillende artiesten samen. De misschien wel meest opvallende is de Franstalige intro van “This Train Wreck of a Life”. Hoe is deze tot stand gekomen?

Ten eerste: het zijn niet echte samenwerkingen, maar features door gastartiesten. Ik heb verschillende artiesten gevraagd om mijn teksten in te zingen. We hebben niet samen aan de nummers gewerkt, dus ze hebben geen aandeel in de teksten of muziek.

Voor dat specifieke nummer haalde ik inspiratie bij Serge Gainsbourg. Ik hou ervan dat hij met gesproken woord een vorm van drama in zijn muziek kan leggen door te fluisteren of een conversatie aan te lijken gaan. Ik dacht dat het bij “This Train Wreck of a Life” wel leuk zou zijn om niet meteen met een strofe te beginnen, maar met een gedicht dat ik schreef in het Engels. Ik vroeg aan SaraSara of ze het kon vertalen naar het Frans en dat heeft ze succesvol gedaan. Zij heeft dan het gedicht voorgedragen en is ook later op het nummer nog te horen. Ik wil altijd dingen proberen en het voelde goed om het zo te doen bij dit nummer.

Als je het album op vinyl beluistert is het Franse gedicht het eerste dat je hoort op de tweede kant. Zo wordt het nog wat specialer.

Hoe ben je in contact gekomen met de andere vocalisten die op je nieuwe album te horen zijn?

Ik heb altijd een specifieke stem of stijl in gedachten wanneer ik een nummer maak, dus zo wist ik op een bepaald moment dat ik de stem van Delilah Holiday (van Skinny Girl Diet, met wie Ghoestpoet al eerder samenwerkte, nvdr) opnieuw wou gebruiken. Art School Girlfriend heb ik nog maar recentelijk ontmoet en we zijn vrienden geworden. Hetzelfde geldt voor SaraSara. Katie Dove Dixson kende ik wel al langer, want zij maakt deel uit van mijn liveband en nu heb ik haar gevraagd om op “Concrete Pony” te zingen. Ik hou van haar stem en wou er ook eens iets mee doen in de studio.

Zijn er nog artiesten met wie je zou willen samenwerken?

Ja en nee. (lacht) Soms ben ik dus op zoek naar een specifieke stem en als ik die vind, moet ik contact leggen. Andere samenwerkingen gebeuren organisch doordat ik mensen tegenkom en er een bepaalde connectie is. Ik heb dus geen lijst, maar wil graag blijven samenwerken met mensen die ik interessant vind.

Heb je nog andere zaken die je wil doen of bereiken in de toekomst?

Mijn kortetermijnplan is terug naar buiten kunnen gaan en optreden! Ik heb een tour gepland in oktober en november en hoop dat die door kan gaan. Daarna weet ik het nog niet goed. Het leven zit nu wat vast, maar ik wil er na de crisis mee verder gaan. Stoppen met zelfisolatie of zelfreflectie zoals ik het noem. Ik ben momenteel aan het nadenken over wat ik wil doen met mijn muziek en mijn leven.

Facebook / Instagram / Website

18 augustus 2020

About Author

Robbe Rooms Ik ben te herkennen aan mijn gele jas.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief