Albums, Recensies

Vandenberg – 2020 (★★★★): Hair metal is back!

Hardrock is naar onze altijd bescheiden mening een enorm onderschat muziekgenre. Het kleinste kind kan de riff van “Smoke On The Water” spelen na tien minuten oefenen, maar hem kunnen bedenken, dat is de kunst. Ondertussen zijn we 48 jaar verder. Miljoenen riffs zijn de revue gepasseerd, maar hardrock bestaat nog altijd. Naast de elfendertig subgenres, natuurlijk. Maar wat we altijd zo geestig vinden aan Graspop, waar elk van die elfendertig subgenres je oren met plezier tot gort herleiden, is dat een van de headliners gegarandeerd een klassieke hardrockgroep is. Keep it simple and stupid is duidelijk de kortste weg naar tijdloosheid. Maar hoe doe je dat, verrassen en fris blijven met iets eenvoudigs? Adrian “Adje” Vandenberg kent ongetwijfeld het antwoord.

Na Eddie en Alex Van Halen is Adje de bekendste hardrockende Hollander. Geboren in Den Haag, met de iets minder catchy naam Adriaan van den Berg, en duidelijk voorbestemd voor grootste dingen. Zo toert hij eind jaren ’70 met z’n eerste groep Teaser al meteen in het voorprogramma van AC/DC. In 1980 start hij met Vandenberg. Hun debuut, opgenomen in de studio van Jimmy Page, levert de internationale hit “Burning Heart” op. Plus voorprogramma’s voor giganten als Ozzy Osbourne en KISS. In de tussentijd krijgt hij een uitnodiging om auditie te doen bij Thin Lizzy. Maar Adje wil vooral succes boeken met z’n eigen groep. Ook als David Coverdale van Whitesnake aan z’n mouw trekt. Maar uiteindelijk ondergaat de groep het trieste lot dat zoveel groepen te wachten staat: de grote doorbraak blijft uit.

Adje besluit dan maar om toch bij Whitesnake te gaan spelen. En hij weet zijn moment verdomd goed te kiezen: het jaar is namelijk 1987 en hij speelt de solo op “Here I Go Again”. De rest is geschiedenis, zoals ze dan zeggen. Hij blijft samenwerken met Coverdale tot 1999. Waarna Vandenberg zich gaat bezighouden met – hou je vast – schilderkunst. Hoe rock ‘n’ roll dat ook kan zijn, in 2004 komt er een Vandenberg-reünie. En in 2013 richt Adje met Nederlandse muzikanten Vandenberg’s Moonkings op, dat vrij geruisloos drie albums uitbrengt. We gaan er ondertussen van uit dat Vandenberg het niet hoeft te doen voor het geld. Dus waarom komt de nu 65-jarige man dan met een nieuw album voor het eerst sinds 1985? En vooral: trekt het op iets?

Om de eerste vraag te beantwoorden: oké, misschien moet Adje het toch doen voor het geld. We moeten allemaal huur betalen. En om de tweede vraag te beantwoorden: abso-fucking-lutely! Eerlijk gezegd zaten we niet te wachten op een nieuw Vandenberg-album. Maar, damn, dit is lekkere hardrock. Opener “Shadows of the Night” trapt af met een drumroffel, waarna Vandenberg zijn eerste vette riff afvuurt. De zang komt zo uit de jaren ’80, gitaren scheuren melodieus, het refrein is catchy, dit is zowaar hair metal anno 2020. “Freight Train” is van hetzelfde kaliber. Iets trager tempo, met een meer stampende riff, zoals een goederentrein die voorbijdendert, quoi. “Hell and High Water” serveert iets vernuftiger riffwerk – een kind zal hier iets langer dan tien minuten voor moeten oefenen – met ruimte voor keyboards en een extra solo op het einde.

Ondertussen heb je gemerkt dat de songtitels redelijk cliché zijn. En zo hoort het ook. Dit genre schept bepaalde verwachtingen waaraan je niet ontsnapt, het is – opnieuw – kwestie om toch verrassend uit de hoek te komen. Dat lukt “Let It Rain” niet. Powerballads zijn een kunst op zich, een mijnenveld van cheese waarop al heel wat groepen gesneuveld zijn. Gelukkig volgt “Ride Like The Wind” (“Ride Like The Wind”. Je moet toch maar gigantische ballen hebben om zo’n cliché titel te gebruiken), waarop riffmeister Vandenberg stevig uithaalt bovenop een beukende ritmesectie. “Shout” probeert te hard. Trouwens, hoeveel nummers die je aanmoedigen om recht te staan en te roepen heb je nodig als hardrocker? Na het wat tamme “Shitstorm” (hoogstens twee beaufort) trekt het riff-fest zich weer op gang met “Light Up The Sky”: dat begint met een eenvoudige, maar efficiënte drumintro en gààt dan, zonder nog om te kijken.

Volgt een slimme zet van Adje: een nieuw opgenomen versie van “Burning Heart”, de power ballad die “Let It Rain” overbodig maakt op dit album. Tot slot is er “Skyfall”, een midtempo, moody rocker die volgens ons eerder in het midden van het album hoort, om op adem te komen, dan op het einde. Maar we willen niet klagen, echt niet. Hier zijn straffe gasten aan het werk, met naast Vandenberg ook Ronald Romero (zang voor ondere andere Ritchie Blackmore’s Rainbow), bassist Randy van der Elsen en drummer Koen Herfst (Epica, Doro). Gastoptredens zijn er voor Rudy Sarzo (bas voor Ozzy, Whitesnake, Dio…) en Brian Tichy (drums voor ondermeer Ozzy en Slash, en terug te vinden op een van onze favoriete drumplaten: Pride & Glory). Nu, staan er klassiekers op 2020, naast “Burning Heart” dan? Nee, dat denken we niet. Maar we hebben ons er wel geweldig goed mee geamuseerd. Fuck yeah!

Facebook / Website

29 mei 2020

About Author

Bart Van Goethem


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief