Live, Recensies

ETiKET Label Night @ Volta: Indieviering

 

Gisterenavond waren we te vinden in Volta voor een avond vol beloftevolle bands onder de vleugels van ETiKET Records. Zij vierden hun eenjarig bestaan en de zes groepen maakten er dan ook een spetterend indiefeestje van. De bands leken er enorm veel zin in te hebben en leverden stuk voor stuk goeie sets af.

De opener van de labelnight was special guest Siril. Deze spiksplinternieuwe band bracht amper een week geleden hun eerste single uit, maar toch hadden ze al een klein setje bijeen weten te scharrelen om Volta gisterenavond op te warmen. Cedric Vaesse en kompanen hielden het allemaal erg lo-fi. Niets klonk gejaagd en op z’n Limburgs konden hun indiesongs op’t gemakske kabbelen. Vaesse’s slepende stemgeluid kan weliswaar nog wat schaafwerk gebruiken, maar echt storen deed het niet. Bovendien kan je zo’n kersverse band al wel eens iets vergeven en viel er verder niet veel op aan te merken. De sfeer zat er al in en hun wazige, maar rechtdoor gespeelde liedjes vormden een ideale, toegankelijke opener voor deze avond.

Tweede band van dienst waren de Leuvenaren van Bonzo. Zij waren weer hun zorgeloze en ludieke zelve, zoals we hen kennen en graag hebben. Er kroop voldoende variatie in hun set en de band had duidelijk goesting om erin te vliegen. Of we Bonzo nog écht serieus kunnen nemen na al hun onnozeliteiten op sociale media? Absoluut niet, want gisteren deden ze er nog lustig een schepje bovenop. Zo bracht frontman Thijs Boyen een ode aan ‘toffe jongen Julien, die iedereen eens zou moeten ontmoeten’ in gibberish, omdat ze nu eenmaal nog geen tekst hadden. Tekst of niet, Bonzo klonk opbeurend en kreeg de zaal voor het eerst aan het bewegen.

Een van de nieuwe songs flopte in het midden en moest opnieuw in gang gestoken worden, maar de mannen lachten elkaar gewoonweg uit zodat niemand er een moer om kon geven. Ze vormden het zelfs om tot sluikreclame met de woorden: ‘Misschien lukt het volgende week wel in Het Depot!’ Het was allemaal plezant en Bonzo kon schijnbaar overal mee wegkomen. De Leuvenaren eindigden met een akoestisch meezingmomentje dat de vreugde een hoogtepunt deed bereiken. Thijs sprong in het publiek en de bandleden volgden. Wie gedacht had dat ze vervolgens terug op het podium zouden komen staan voor een of andere afsluiter had het goed mis, want plots begon Bonzo zich een weg te banen doorheen het publiek, terwijl iedereen nog aan het meezingen was. De onnozelaars zetten het akoestisch zangfeestje nog even verder aan de bar en we raden hun passage in Het Depot zeker aan.

Denali Wrench vervolgens zorgde voor de meest dansbare nummers tot nog toe. Ze begonnen eraan met een van hun stralende indiesongs en al snel zou blijken dat de energie enkel maar zou toenemen naarmate de set vorderde. Denali Wrench was niet enkel in staat om behaaglijk te klinken en een verlangen naar meer op te wekken, ook voorzag de band spaarzaam toegevoegde verfrissende toetsen, die de nummers nog naar een hoger niveau tilden. Hun meest opvallende ‘tactiek’ bestond in het zorgzaam opbouwen van hun nummers, om dan uiteindelijk uit te monden in een sessie gezamenlijk schreeuwen terwijl de micro achterwege gelaten werd – en dat dan nog eens zonder hun typische opmonterende sound uit het oog te verliezen.

Ze zwierden onze benen in beweging en lieten ons voortdurend afvragen waarin nu precies die succesformule van Denali Wrench bestaat. Hun combo van onbekommerdheid en tegelijk iets enorm dansbaar werkte uiterst bevorderend voor het humeur, en elk bandlid heeft daaraan zo zijn eigen bijdrage geleverd. Toen aangekondigd werd dat “Galileo Galilei” de afsluiter zou zijn, hadden wij er eigenlijk nog lang niet genoeg van. Ter compensatie werd werkelijk het onderste uit de kan gehaald en eindigde de set van Denali Wrench met een ongeremd hoogtepunt.

The Pink Lemons bleef in dezelfde levendige sfeer en begon er direct aan met voldoende funk om Volta te overtuigen. De band bracht heel wat vreugde met zich mee; ondanks dat de drummer ziek was, viel daar niets van te merken en kon de springerige gitarist de enthousiasmemeter eigenhandig de lucht in doen schieten. Ook frontvrouw Jessica King smeet zich volledig en bewees al eens een potje in het rond te kunnen springen. Na heel wat enthousiast bewegen en het publiek meezuigen in dat kleurrijke klankenpalet, kregen we een welverdiend rustpuntje dat vooral vredig en lieflijk overkwam. Het was zo klaar als een klontje:  The Pink Lemons weet nog steeds geen zurige citroensmaak in hun sound te verwerken en doet geen vlieg kwaad met hun zoete indie.

Gisterenavond kreeg hun nieuwe nummer de naam “Baby, Let’s Funk Tonight” (‘not fuck’, tenzij we het zo wilden interpreteren) toebedeeld en naast die primeur zou het ook de eerste keer zijn dat Jessica live gitaar speelde. Wat volgde, was een iets zwoelere zijde van de band, die ons risico op diabetes weeral een klad verhoogd heeft. Hoe langer, hoe uitbundiger en dat oprechte plezier straalde ook af op het publiek. Iedereen had het naar z’n zin en we kunnen concluderen dat The Pink Lemons niet zomaar het zonnetje in huis haalt, maar ineens een ganse hittegolf met zich meedraagt.

Met Gustav Leo zou het even rustiger worden en bood de mogelijkheid zich aan om even kalmpjes aan weg te dromen. Een afwisseling in deze upbeat indieavond die wel eens deugd deed. Staf stak stilletjes van wal en zorgde voor een zweverige basis met zijn loopstation. Zachtjes en hoog zong hij hier dan over en zo stelde hij zich enorm gevoelig en kwetsbaar op. Loepzuiver werd er niet altijd gezongen, maar met zo’n beklijvende klankkleur durf je zoiets al eens door de vingers zien.

Met zijn looper stak Gustav Leo een beat achter zijn songs om er toch wat schwung in te krijgen en zo kon er ook heel af en toe het etiket ‘lichtjes dansbaar’ op zijn muziek geplakt worden. Maar ook wanneer hij de looper achterwege liet en het nog minimalistischer aanpakte, klonk hij mooi. Vooral wanneer Gustav Leo iets luider zong en er alle ldvd-kermen uit kon gooien, klonk hij op z’n best en waren we in de ban van dat stemgeluid. Het was een breekbaar setje dat al die zonnigheid van de andere bands even in perspectief plaatste en ons dan weer op een volledig andere manier aan het dromen zette.

JAKOMO mocht de labelnight afsluiten en nam die taak ter harte. Een ambient-aandoende intro galmde doorheen de zaal, maar uiteraard verschenen daar al snel de typische JAKOMO-zonnestraaltjes in hun middernachtset. Ook zij stonden op het podium met zoveel plezier en inleving dat niemand een overkillgevoel had en het zo onderhand welletjes begon te vinden. Integendeel, “Resolutions” werd hier en daar meegezongen en “Tsjkn” zette de zaal zo ongeveer op stelten door diens enorm schreeuwerige outro, die wat ons betreft nog duizend keer langer had mogen duren.

En dat gold eigenlijk voor de set in zijn geheel. Het vloog voorbij en voor we het wisten, kondigde JAKOMO aan dat ze aan hun laatste nummer toe waren. Mooie liedjes duren dan ook niet lang, al was de labelnight in werkelijkheid al ettelijke uren aan de gang. JAKOMO besloot om nog eens alle versies van zichzelf de revue te laten passeren: de gitaarminded en slepende zijde, de upbeat en opmonterende kant en tot slot natuurlijk de roepende rauwheid als troef. Super leuk en heerlijk vernieuwend. Een meer dan waardige afsluiter.

1 december 2019

About Author

Ann Mulleman


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief