Features, Interviews, Uitgelicht

Interview Enter Shikari: ‘Ik merk dat er nog steeds een groot taboe hangt rond psychische problemen’

© CPU – Nathan Dobbelaere

De soundcheck in de grote zaal van de AB is stevig voelbaar vanuit de kille wachtruimte waarin we ons bevinden. Kan dit alsjeblieft niet te lang duren? Niet dat we gehaast zijn, maar we maken ons vooral wat zorgen om onze hartslag. Die verdomde soundcheck doet hem evenredig stijgen met de maat van de drums, en na een half uur van beuken worden we toch wat nerveus. Spoed of Enter Shikari? Van tunnelvisie gesproken. Maar goed, je kan het ook van een andere kant bekijken. Het hart is misschien intens hongerig, en het verstand is na een goed halfuur wachten klaar om Rou en Rory te spreken in hun schuilplaats diep binnenin de AB.

Als we jullie tourschema’s van de voorbije jaren overlopen, dan lijkt het wel alsof jullie constant onderweg zijn. Hoe is het voor jullie om al die jaren in dat circus mee te draaien?

Rou: “Het valt al bij al wel mee hoor, maar je mag het zeker niet onderschatten. Na verloop van tijd kruipt het touren je in de kleren. We zijn nu vier en een halve maand onderweg en ik moet eerlijk zeggen dat ik ernaar uitkijk om terug thuis te zijn. Tussen onze shows door hadden we soms wat ruimte om terug te keren naar huis, maar dat was nooit echt lang. Het is voor mij ook belangrijk om een persoonlijke balans te vinden binnen dit hele gebeuren. Je leeft in een luchtbel, waarbij de “echte” wereld zich afspeelt daarbuiten. Ik vind het belangrijk om die bel af en toe te doorprikken. Dat kan je doen door bijvoorbeeld te gaan sporten, zoals Rob, of door de stad te ontdekken waar je diezelfde avond zal optreden.”

Rory: “Het meeste van onze tijd besteden we inderdaad aan het ontdekken van de stad waar we spelen. En als we daar weinig zin in hebben, dan kijken we onder andere naar Game of Thrones natuurlijk.”

Jullie tourmanager wist ons daarnet te zeggen dat jullie tientallen fans hebben die jullie weken aan een stuk volgen op deze tour. Hoe valt zoiets te verklaren? 

Rory: “Ik begrijp het eerlijk gezegd ook niet, maar ze lijken zich wel te amuseren. Uit zoiets blijkt wel dat we een heel toegewijde fanbase hebben. Sommigen volgen ons echt al een lange tijd. Het is bewonderenswaardig dat die mensen al hun vakantie en vrije tijd aan ons willen spenderen. Als we spelen, krijg ik soms zelf het gevoel dat we voor net hetzelfde publiek spelen als de dag ervoor. Wat opvalt, is dat onze fans vrij open zijn naar elkaar toe, en dat ze op hun beurt connecties met elkaar zoeken. Vaak worden ze vrienden, en brengen ze dagen met elkaar door.

Enter Shikari is al sinds 2003 een geoliede machine die nooit stilstaat. Voelt het onderhoud van die machine voor jullie aan als jullie job?

Rou: “Je kan het zeker zien als ons werk, maar de invulling ervan is niet traditioneel natuurlijk. Voor de buitenwereld lijkt het soms wat moeilijk te begrijpen, maar wij weten gewoon niet beter. Muziek maken en live spelen is namelijk wat we altijd al hebben gedaan. Het valt natuurlijk moeilijk te voorspellen hoe lang dit leven ons is beschoren, maar we mogen van geluk spreken dat we dit nog steeds mogen doen. Die dankbaarheid is er alleen maar groter op geworden, als je ziet hoeveel bands er doorheen de jaren zijn verdwenen. Dat relativeert de zaken wel, en daarom vind ik het belangrijk om elke dag te nemen zoals hij komt, de rest zien we later wel.”

Je zegt dat je doorheen de jaren veel bands hebt zien verdwijnen, maar jullie houden al meer dan vijftien jaar stand en dat met dezelfde line-up. Wat is het geheim van jullie hechte band? 

Rou: “Ik denk niet dat er echt een ‘geheim’ bestaat, maar ik vind het interessant om de vraag terug te koppelen naar bands die wel gesplit zijn. Waarom blijven zij niet gewoon samen? Voor mij is het idee van een band vormen iets doodgewoons. Ik zie Enter Shikari persoonlijk meer als een hechte clan, en dat gaat verder dan de bandleden alleen. Als je één van die schakels binnen die clan zou vervangen, dan zou je meteen de identiteit van Enter Shikari veranderen.”

© CPU – Nathan Dobbelaere

Stel dat er geen sprake meer was van Enter Shikari, waar zouden we jullie dan vinden? 

Rou: “Dat is moeilijk te zeggen, omdat we eigenlijk nooit iets anders hebben gedaan. We verlieten school en gingen verder met onze muziek. Ik weet bijvoorbeeld wel nog dat Chris en Rob in een supermarkt hebben gewerkt die nu niet meer bestaat.

Rory: “Rou ging vroeger rond met de krant en ik heb nog gewerkt als hersteller van glazen ruiten. Daarna gingen we een jaar naar de universiteit, maar door het succes van de band zijn we daarmee gestopt. Eigenlijk hebben we nooit echt de tijd gehad om te denken wat we buiten muziek zouden doen. Maar uiteindelijk is hetgeen we nu doen wel wat we echt wilden doen.”

De eerste plaat Take to the Skies werd een onmiddellijk succes. Welk gevoel gaf die erkenning jullie?

Rou: “Het was niet evident om vanuit de underground scene van St Albans door te breken tot het mainstream publiek, maar toen het uiteindelijk gebeurde volgde er natuurlijk één grote viering. Achteraf gezien is het best gek dat Take to the Skies op plek vier stond van best verkochte platen in het Verenigd Koninkrijk. Ik moet wel zeggen dat we aanvankelijk weinig gaven om charts, maar na verloop van tijd merkte ik dat ik daar meer op begon te letten. Ik denk dat charts een belangrijke indicator kunnen zijn van waar en wanneer je op een bepaald festival mag spelen, dus in dat opzicht kunnen ze zeker een richtlijn zijn.

Jullie hebben ondertussen al vijf platen gemaakt, waarbij het ons steeds opvalt hoe elke plaat anders klinkt dan zijn voorganger. Vanwaar komt de zoektocht om constant nieuwe muzikale horizonten op te zoeken? 

Rou: “Nog voor er sprake was van Enter Shikari speelden Chris, Rob en ik al samen in de band Hybrid. We waren toen allemaal grote fan van Muse, en wij waren duidelijk niet de enigen. Bands die als Muse wilden klinken, schoten als paddestoelen uit de grond, maar van een eigen identiteit was er eerlijk gezegd geen sprake. Volgens mij is dat de grote fout die veel bands maken, want uiteindelijk willen ze al te vaak klinken als hun favoriete band, terwijl de blinde muzikale vlek veel groter is. Toen we met Enter Shikari begonnen, werd het pas echt interessant, omdat we onze muzikale interesses bij elkaar bundelden om tot de sound te komen die het nu is geworden. Doorheen de jaren is onze sound ontegensprekelijk geëvolueerd, omdat we dat ook toelieten. We trokken ons niet te veel aan of die evolutie gesmaakt werd of niet. Wie de platen van The Beatles, David Bowie en Radiohead beluistert, zal merken dat hun platen ook sterk verschillen van elkaar. Zij gaven mij veel inspiratie en hebben mij getoond dat het soms beter is om je eigen zin te doen.”

Het valt ons op dat jullie laatste plaat The Spark een stuk persoonlijker klinkt dan eerder werk. Waarom voelde je de noodzaak om je persoonlijke leven met de buitenwereld te delen? 

Rou: “Op vorig werk gaf ik me af en toe wel eens bloot, maar niet in die mate als op The Spark. Ik vond het een goed moment om alles wat ik de voorbije jaren heb gevoeld en meegemaakt om te zetten in kunst. In 2015 stelde ik mij voor het eerst meer open en dat deed ik via Twitter. Ik kon er openlijk spreken over mijn angsten en ik merkte al snel dat mij dat een zekere opluchting gaf. Je krijgt advies van mensen en hoort gelijkaardige verhalen te horen. Het is ergens een geruststelling om te weten dat ik niet de enige ben die dergelijke gevoelens ervaar. Ik merk dat er nog steeds een groot taboe hangt rond psychische problemen. Het stigma daarrond kan enkel verbroken worden door er open over te zijn. Uiteindelijk vond ik het niet moeilijk om me op The Spark open te stellen. Ik vond het vooral heel boeiend om te zien wat mijn teksten bij anderen teweeg brachten.”

Op de cover van The Spark staat één opvallende synthesizer centraal, die jullie ook live bespelen. Wat is het idee daarachter?

Rou: “We wilden in de eerste plaats een beeld vastleggen dat kon aantonen dat muziek een leidend voorwerp is voor ons, maar ook voor de mensen rondom ons. Dus vonden we het interessant om een synthesizer centraal te plaatsen, met daarop een radar. Die radar is dan logischerwijs de richtlijn van het leven. Op esthetisch vlak is het album sterk beïnvloed door het retro futurisme, dus die elementen wilden we ook graag terugzien op de cover.”

Rory: “We werkten samen met een bedrijf dat gespecialiseerd is in 3D-printers. Zij zorgden ervoor dat het digitale ontwerp tot iets tastbaars werd omgevormd.”

Enter Shikari is gekend om hun uiterst energieke liveshows. Op welke manier trachten jullie een show interessant te houden voor jullie zelf? 

Rou: “Ik denk dat we uit iets negatiefs als verveling iets positiefs halen. Als we nu elke dag hetzelfde zouden doen, dan is er zowel voor ons als voor ons publiek niets nieuws aan. Het moet een spektakel blijven, dat even fris aanvoelt als de eerste dag van de tour. In het begin speelden we bijvoorbeeld “There’s A Price On Your Head”, maar halverwege de tour voelden we dat we dat nummer moesten vervangen, en zo geschiedde. Door een dergelijke nieuwe injectie hoopten we dat ook het publiek ons enthousiasme zou voelen. Onze liveshows kan je vergelijken met de manier waarop we muziek maken. We proberen ons steeds te verbeteren om net die trede hogerop te raken. Dat is die honger naar meer, denk ik.”

Ik zag onlangs een foto op jullie Instagram van een uitzinnige menigte ergens in Rusland. Is jullie publiek altijd zo uitbundig als op de foto’s?

Rou: “Ik denk dat we ondertussen al een stuk of negen keer in Rusland hebben gespeeld, en ik heb het gevoel dat Rusland helemaal mee is in ons verhaal. Het is dan ook één van onze favoriete plekken om te spelen. We spelen daar voor een gigantisch aantal mensen, die je in hoeveelheid kan vergelijken met het publiek in Groot-Brittannië. Maar over het algemeen kan ik wel stellen dat ons publiek altijd en overal heel aanwezig is en barst van de energie.

Jullie teksten en attitude stralen vaak punk uit, maar hoeveel punk zit er daadwerkelijk in Enter Shikari?

Rou: “De mindset achter deze band moet je sowieso ergens in de punksfeer moet gaan zoeken. Zeker als je weet dat onze achtergrond altijd al DIY is geweest. Daarnaast zijn we niet bang om onze mening te delen over politiek bijvoorbeeld. Langs de andere kant zit ik wat gewrongen met het feit dat veel mensen denken dat punk enkel “fuck you” zeggen is, om dan tegen andermans schenen te schoppen. Vroeger nam ik het op voor het woord punk, maar ik probeer daar nu toch wat afstand van te nemen. Ik zal wel steeds met plezier mijn versie van punk delen, maar er zullen altijd wel mensen zijn die mijn versie weerleggen.”

Rory: “Ik heb het persoonlijk moeilijk met het woord “punk”. Vooral de stempel die je daardoor opgekleefd krijgt. Laat ons gewoon ons ding doen, zonder het kind een naam te moeten geven.”

Rou: “Voor we begonnen aan The Spark waren we sterk bezig met postpunk, omdat dat gewoon een genre was dat ons aansprak. De term postpunk deed mij na een tijdje wel afvragen waar we in godsnaam over aan het spreken waren. Als punk voor revolutie staat, waar moet je postpunk dan situeren, en waar moeten wij ons zelf dan plaatsen? Nu zeg ik graag tegen de mensen dat we postpunk spelen. Het is best wel grappig om hun gezichten dan te zien, omdat ze zelf niet goed weten wat die term nu juist inhoudt.”

Wat mogen we de komende maanden nog van jullie verwachten? 

Rou: “Voorlopig moet je niet erg veel verwachten. De ideeën van een nieuwe plaat staan nog maar net in zijn kinderschoenen, dus daarop is het nog even wachten. In de zomer releasen we wel een volledig nieuw nummer dat “Stop The Clocks” heetDat draagt trouwens de naam van de gelijknamige tour die we deden. De betekenis erachter ligt geheel in lijn met wat ik daarnet zei. Het gaat over het positieve effect van je open te stellen en je te verbinden met anderen. Zo’n momenten bewust meemaken, heb ik proberen te verwoorden in mijn tekst.”

1 mei 2019

About Author

Jasper Laureyssens


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter