Live, Recensies

Couleur Café 2017: Zaterdag

We deelden ons in twee dit weekend met het scala aan festivals die het begin van juli inpalmden. Zo gingen we ook naar Couleur Café dat na vele jaren van Tour & Taxis naar het Ossegempark aan de voet van het Atomium verhuisde. Je raadt het, nous sommes à Bruxelles! Couleur Café bracht voor zijn 28ste verjaardag een straffe affiche in het straatbeeld met The Roots en Damien (Jr.) Marley. Het Urbanfestival beschikt over een uitstekende multi-culti ‘goed-etenstraat’, de meest kleurrijke harmonie van mensen dat een festival al gezien heeft en een uitstekende aankleding. Nu nog kijken naar wat de artiesten op de Green, Blue of Red-stage kunnen leveren.

We startten onze regenachtige dag met de Brusselse rap van Scylla, die comfortabel op de planken staat. Met veel discipline brengt hij Franse verzen over het Brusselse leven. Op de achtergrond de donkerste en strakste hiphopbeat waarvan het publiek zich bijna gezamenlijk een whiplash knikt. Scylla mag rekenen op een mooie fanbase maar wint hier ook spel bij de nieuwkomers.

‘We mochten niet meer binnen’, hoorden we van een aantal West-Vlamingen na de show van Coely. Ze hebben dan ook wat gemist. De Green-stage site stond van voor tot achter vol voor de act van mevrouw Mbueno. Vanaf de eerste seconden was het publiek mee en Coely speelde moeiteloos hit na hit, want ja, al haar nummers zijn gewoonweg goeie hits. De finesse van de band en de attitude van deze jonge zangeres kwamen nog harder aan het licht toen ook Dvtch Norris de collaboratie “Don’t Care” kwam bijstaan, een nummer dat ze recentelijk uitbrachten. Norris was daarna niet meer van het podium af te slaan en het publiek smulde van begin tot eind van deze popsensatie.

Afrikaanse traditie, hiphop, jazz en electronica volgen elkaar moeiteloos op bij Baloji op de BlueHoewel hij een vreemde is voor het publiek, kan het gezelschap ons wel overtuigen van hun muzikaliteit. De nummers schieten alle kanten uit en hebben geen doortastende rode lijn waarop je een flow kan creëren. Dit is absoluut niet erg als muzikaal geheel, maar stelt een deel van de kijkers in twijfel, waardoor Baloji met één concert drie keer voor een ander publiek staat. Jammer, want het is een goede band met stijl.

Couleur Café’s eigen kindje Niveau 4 kreeg dit jaar de samenstelling Zwangere Guy, L’Or Du Commun, TheColorGrey, Le 77, Darrell Cole en ISHA met Junior Goodfellaz en DJ Vega achter de knopjes. Het éénmalige collectief brak het podium af voor het (vooral) jonge publiek en liet een positieve/agressieve (ja, dat kan) vibe na op de groene site. Hoewel ook wij onze gespierde armen lieten mee bouncen op de energie van de mannen, vonden we het gemompel soms een beetje irritant. Van met tien man dezelfde zin een wei in schreeuwen, blijft soms weinig over…

Direct door naar de man die de helft van Niveau 4 wel al een dienstje bewezen heeft. Lefto is al bezig met de fusie van Japanse jazz en Afrikaanse congas als we er aankomen. In de menigte bevinden we ons tussen mensen in afwachting van een beat om op te dansen, maar hij laat ons nog eventjes wachten. Hij is even bezig. Als een bemiddelaar tussen genres bouwt hij een hoogstaand setje op dat het laatste half uur resulteert in de best gemixte trap beat set die men in België al gehoord heeft. Lefto test hier en daar het uithoudingsvermogen, maar geeft gul als je blijft.

Rennen! The Roots gaat beginnen horen we rond ons als Lefto zijn laatste digitale noot gedraaid heeft. De vele fans die speciaal voor The Roots kwamen, snelden zich naar de Red stage. Aah… Daarom natuurlijk die honderden meters lange rij voor de ingang vanmiddag (nee, we overdrijven niet). De klassieke formule was al van ver duidelijk. Een mooie klassieke opzetting zonder al te veel poespas op een stevige zilveren ketting na. Er is niets beter dan klassieke hiphop eensluidend gebracht als door ware koningen. Of niet!? Want… man wat spelen die mannen strak!

Drummer Questlove wringt er met alle vingers in de neus de meest bloeddorstige breakbeats uit – nogmaals, wij bij Dansende Beren overdrijven niet! – en houdt de band met gemak bij elkaar. De gitaarsolo’s van Kirk Douglas gaan van Sade’s “Sweetest Taboo” naar een bluesy sfeertje en Jeremy Ellis mixt er een beetje “Eye Of The Tiger” in en veel Kool and The Gang. De Eastside/Westside kan ons gestolen worden, maar daarnaast zien wij met beide ogen en oren gespreid een legendarisch optreden. Toch weet The Roots niet heel de weide te bekoren. Gedrogeerd door de laatste actuele beats van Niveau 4 en Lefto kan een groot deel van het publiek het niet meer opbrengen om zich volledig te concentreren op deze uitstekende oude rotten. Ga maar, druip maar af, wij komen wel steeds een stapje dichter.

Deze recensies kwamen tot stand in samenwerking met Musiczine.net, waar je nog meer foto’s kan vinden.

3 juli 2017

About Author

Sander Blommaert


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief