Er zijn maar weinig groepen die gruizelige rock, duistere sfeerzetting en broeierige soul succesvol kunnen mengen, maar The Afghan Whigs is er zeker en vast eentje van. Sinds hun oprichting in 1986 in Cincinnati groeiden de heren onder leiding van de charismatische en immer getormenteerde frontman Greg Dulli uit tot donkere buitenbeentjes van de nineties-grungescene. Rauwe klassiekers als Gentlemen (1993) en Black Love (1996) lieten een stevige indruk na, maar toch werd in het begin van dit millennium tijdelijk de stekker uit de band getrokken om meer te focussen op andere projecten. Met een reünie in 2012 bewezen de veteranen echter dat hun muzikale vuur nog lang niet is uitgedoofd. Op het laatste wapenfeit How Do You Burn? klonken ze zowel vitaal en snedig als teder en matuur. Na vier jaar wachten ligt nu de tiende langspeler van de band in de platenbakken.
Soft Control kwam tot stand in verschillende opnamestudio’s: van de desolate vlaktes rond Joshua Tree, via Hollywood en Cincinnati tot de broeierige stad New Orleans. Het is in die groezelige jazzstad dat de basisstructuren van de nummers werden uitgewerkt tot vurige songs. Dulli liet zich vergezellen door oerbassist John Curley, ouwe getrouwen Christopher Thorn en Rick Nelson (gitaar en multi-instrumenten) en Patrick Keeler (The Raconteurs) op drums. De band ging niet krampachtig op zoek naar het explosieve rockgeluid van de begindagen, maar nam de tijd om te floreren in rijkelijk georkestreerde details en een warme, analoge sfeer zonder overdaad aan productie.
Songsmid Dulli schreef de liedjes zoals hij dat intussen al veertig jaar doet: alles begon met een riff, die werd uitgewerkt tot een melodie en vervolgens werd aangevuld met klinkers en klanken. De finale tekst kwam pas op het einde, wanneer de songstructuur zo goed als klaar was. Dulli is natuurlijk niet meer de angry young man van een paar decennia geleden. Met de jaren heeft boosheid plaatsgemaakt voor een zelfbewustzijn dat soms wrang, dan weer teder is. De scherpe rand van zijn karakter is niet verdwenen, maar het vuur brandt gecontroleerd. Op de nieuwe plaat vertaalt zich dat in reflecties op zingeving, vergankelijkheid en (falende) relaties.
De knappe single “Duvateen” vinden we samen met de andere vooruitgestuurde singles terug aan het begin van de plaat, en het is misschien wel het sleutelnummer dat alle bovenstaande elementen samenvat. De titel verwijst naar duvetine, de stof waarmee pikzwarte, lichtabsorberende toneeldoeken worden gemaakt. In de mysterieuze tekst volgen we Dulli die als kind vlucht voor een leerkracht, om nu aan het einde van zijn leven te staan en zijn eigen graf te graven. Met “Duvateen” graaft hij zichzelf echter absoluut niet de dieperik in, want het is werkelijk een parel. Door de heldere productie en de knappe muzikale opbouw van ingetogen soul tot aanstekelijke rock verandert deze langzaam in een schitterend juweel.
Er zijn zo wel meer juweeltjes te vinden op deze lp. Zo bouwt “Mariah Luster” op van een liefdevolle, repetitieve akoestische gitaarriff naar een grootse song met dronken blazers die de sfeer van New Orleans oproepen. Ook “Memphis, Texas” maakt indruk met een hoog anthem-gehalte, net als het aanstekelijke “Loose Talk”. Maar de allermooiste nummers zijn wat ons betreft de afsluiters van elke plaatkant. Op kant A solliciteert “The Deepest Part of The Darkest Shadow” niet alleen naar de Nobelprijs voor mooiste songtitel, maar overtuigt het ook als schitterende compositie. Een snijdende, droeve trompet en een gloedvolle groove vergezellen Dulli op een bloedmooie melodie. Wij verwedden er onze Afghaanse ‘pruik’ om dat dit live een hoogtepunt wordt. In de uitgesponnen afsluiter “A Simulation” zorgen sfeervolle ambient-elementen, een hypnotiserende piano, een breekbare Dulli en strijkers dan weer voor een emotionele ontlading.
Op deze tiende worp slaan The Afghan Whigs de bal nergens mis, al is het korte “My Lover” misschien wel het zwakste nummer op de plaat. Het voelt vooral als een toegeving aan de fans van het eerste uur: een manier om naast het swingende “Jungle Roux” en het rauwe “House of I” nog wat extra riffmateriaal toe te voegen. Volgens onze bescheiden mening had de song gerust achterwege mogen blijven. Wij verkiezen op plaat immers The Whigs die focussen op sfeer en emotie boven rechttoe-rechtaan rock. Wat dat betreft past Soft Control perfect in het rijtje van hun recente werk.
Met Soft Control bewijzen The Afghan Whigs nog eens waarom ze al veertig jaar tot de buitencategorie van de alternatieve rock behoren. Door te kiezen voor gelaagde arrangementen, meeslepende sfeeropbouw en warme producties, houdt de band haar broeierige mix van grunge en soul op een hoog niveau. Greg Dulli imponeert nog steeds als de getormenteerde verhalenverteller, maar vervangt de razende woede van vroeger door rijpe, gecontroleerde emotie. Het gezelschap levert een bijzonder consistente en sfeervolle plaat af die zich moeiteloos meet met hun sterkste recente werk.
De band zal tussen 28 september en 5 oktober optreden in Brussel, Antwerpen, Luik, Amsterdam en Eindhoven. Op de website van The Afghan Whigs vind je de kalender netjes terug voor meer details!
Facebook / Instagram / Website
Ontdek “The Deepest Part of The Darkest Shadow”, ons favoriete nummer van Soft Control, in onze Plaatje van de plaat-playlist op Spotify.






