Het maakt niet uit hoe goed je het Belgische muzieklandschap de afgelopen twintig jaar hebt gevolgd: The Subs was altijd aanwezig. Misschien niet altijd even nadrukkelijk of in dezelfde samenstelling, maar je kan moeilijk ontkennen dat nummers als “The Face of The Planet“, “The Pope of Dope” of recenter nog “I Want To Dance Again” hun stempel op de binnenlandse dance hebben gedrukt. En dan hebben we nog maar drie nummer van de groep opgesomd. Het verliep, en daar moeten we ook gewoon eerlijk in zijn, de afgelopen jaren ogenschijnlijk allemaal wat stroever voor het drietal. Aylin Hazel, alias Ogenn, vervoegt Jeroen De Pessemier en Wiebe Loccufier sinds enige tijd als officieel derde lid van The Subs, en daarmee is het collectief ook een ietwat andere kant beginnen uitvaren. Niet per se minder radiovriendelijk, maar wel meer futuristisch en gericht op het holst van de nacht. Doe daar nog eens bij dat het al sinds 2013 geleden is dat er nog een echt studioalbum van de groep verscheen, en je snapt waarom het allemaal wat meer onder de radar bleef.
Heeft The Subs dan helemaal niets zitten doen de afgelopen jaren? Zeer zeker niet! De Pessemier werkte deels als producer (voor onder meer Oscar and the Wolf, Chibi Ichigo en MEROL), er waren geregeld dj-sets en daaruit vloeiden ook hardere ep’s (zoals UNDEAD en The Pulse) uit voort. Maar nu is er eindelijk meer. Het drietal heeft, dertien jaar na Hologram, een nieuwe plaat af en die heet Substance. Dat werd een album waar toch wel wat tijd over ging, maar in z’n geheel wel een nieuw hoofdstuk moet betekenen in de geschiedenis van de band. Meer bepaald, dat van de toekomst.
Substance voelt namelijk als een reis naar de Japanse hoofdstad in het jaar 2050. Alles glimt, alsof het in een bad met chrome is gevallen, en je raast met een vliegende auto langs de felle neonlichten. Opener “We Are One” zorgt er zo bijvoorbeeld al voor dat je binnen de kortste keren in trance geraakt, en daar heeft Ogenn vanzelfsprekend de ideale stem voor. In de donkerte van de beat weergalmt de reverb: we zijn vertrokken. ‘Buckle up for the ride’, klinkt het daarna in het gelijknamige nummer, en die boodschap mag je best letterlijk nemen. Het tempo schiet de hoogte in, en in de combinatie met de hoog gepitchte stem van de zangeres, kom je in een soort bubblegumhyperpopnummer terecht. Heel hypnotiserend.
En da’s een trein waar The Subs graag op blijft zitten, die hypnotiserende. Hetzij wel in verschillende wagons, die verschillende aspecten van de door hen uitgetekende lijnen aftast. In “Another Chance” vindt het drietal bijvoorbeeld de donkerte en het ietwat grimmige door het Frans van Roméo Elvis te implementeren, in “A Story Called Love” zijn het vintage synthpopsynths met de cool van Justice. Het voelt allemaal heel vernuftig en doordacht in elkaar gestoken, zonder dat De Pessemier en co hun ziel verkopen aan de radiohitduivel. Of toch bijna nooit, want “Unicorn” is in zekere zin toch een beetje de vreemde eend in de bijt. Een stemample die geforceerd richting de strandbars neigt… het mist een beetje ziel. Het daaropvolgende “The Miracle” is bijvoorbeeld opgebouwd uit exact dezelfde ingrediënten, maar hier is het One Track Brain zelf die de stem voor zijn rekening neemt, en voel je plots die authentieke energie veel meer.
Die energie komt helemaal op het einde van Substance zelfs nog op een kookpunt, te beginnen met “Fellini”. Een smerige, bijne vloeibare beat hypnotiseert je, om je dan te droppen in “Dancing In The Dark”. In tegenstelling tot de gelijknamige klassieker van Bruce Springsteen, kan je deze wel eens tegenkomen in een botsautokraam. Of gewoon in een technoclub in de vroege uurtjes, want hier laat The Subs echt alle remmen los. Zo los, dat de groep tegen het einde de pedalen misschien zelfs wat dreigt te verliezen. “Life Is Kabuki” vindt maar moeilijk eigenheid en ook afsluiter “Where We Belong” dreigt soms te verdrinken in het water dat de saxofoon en beat met elkaar moet verbinden.
Maar goed, kleinigheden in een voor de rest prima terugkeer van The Subs. En eigenlijk is een woordje als terugkeer niet eens echt op z’n plek, want de groep is nooit echt weggeweest. Hoe dan ook is Substance een plaat geworden waarin het drietal klinkt zoals we het vandaag de dag kennen. Futuristisch, mee met z’n tijd en die misschien zelfs een tikkeltje voor. Het is moeilijk te zeggen of we The Subs ooit nog als radiovriendelijke band zullen kunnen zien. Potentieel is er, met nummers als “Another Chance” en “A Story Called Love” zeker, maar ondanks dat de drie daar klaar voor zijn, is het nog maar de vraag of de radio’s klaar zijn voor hen. Hoe dan ook voegt de groep bij deze elf nummers aan haar discografie toe die ook op het podium voor zotte taferelen kunnen zorgen. Want wie The Subs een beetje kent, weet dat het daar het best tot zijn recht komt.
The Subs staat op zaterdag 22 augustus op Pukkelpop.
Facebook / Instagram / Website
Ontdek “A Story Called Love”, ons favoriete nummer van Substance, in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.






