Albums, Recensies

Fink – Bloom Innocent (★★★★): Mysterieuze schoonheid

Met zijn nieuwste werkstuk Bloom Innocent (zijn zevende intussen) wil de Britse dj/producer Fin Greenall – beter gekend als Fink – terug naar die tijden waarin een album nog écht een verhaal vertelde. Denk aan de klassieke albums van Pink Floyd of Radiohead, waarbij de sonische architectuur van meer dan wezenlijk belang bleek om iets te kunnen zeggen over de tijdsgeest. Om dat te bewerkstelligen, recruteerde Fin Greenall de veelgevraagde producer Flood (van onder andere Smashing Pumpkins, Nine Inch Nails). Samen maken ze van Bloom Innocent een sobere, maar goed in het oor liggende plaat die als een bij vlagen bijzonder knap gestructureerde en opgebouwde mood record geldt.

Het in Finks eigen studio in Berlijn opgenomen album voelt aan als een oefening in spaarzaamheid. Alle overbodigheden werden weggeschraapt om slechts de naakte essentie te behouden. Het maakt van Bloom Innocent een bij uitstek kale, maar ruimtelijke plaat vol eenvoud en schoonheid. Een album ook vol warmbloedige soul. In opener en titeltrack oppert de Brit al: ‘I don’t want to live my life from the shore / neither do you’. En ook wel: ‘I don’t want to live my life with my feet on the ground, doing what is the right thing to do.’ Het is alles of niets. Het volle leven in al zijn glorieuze rijkheid.

Als luisteraar krijg je een rijke, brede plaat voorgeschoteld, waarbij inderdaad opvalt hoezeer Fink en Flood werkten aan songs vol fantastische geluiden en texturen. Het verhalende komt onder meer aan bod tijdens “We Watch The Stars” (te situeren ergens tussen het kale gitaarspel van Nick Drake, de blues van Led Zeppelin en het meest ruimtelijke van Pink Floyd), waarbij de uitdaging er in essentie in bestond om de hemellichamen van een muzikale vertaling te voorzien: ‘one by one all the stars come out’.

Elders voel je aan dat Fink er alles aan deed om het zo eenvoudig mogelijk qua opzet te houden: een akoestische gitaar, een piano, drums, bas en zijn stem. Die vormen de basis voor zijn vaak uitgediept en danig uitgerekt songmateriaal. De kortste track op Bloom Innocent klokt bijvoorbeeld af op net geen zes (zés!) minuten. Het is veelzeggend voor de wijze waarop Fink zich hier concentreert op net die haarfijn, tot in de puntjes afgewerkte songs die samen eenzelfde vibe of gemoedstoestand evoceren.

Een van de grote sterktes van dit nieuwe Fink album is dat de Brit de eigen fanbase niet bruskeert, maar zich wel voldoende vrijheid gunt om de eigen sound in verregaande mate te gaan herdefiniëren. Typerend is bijvoorbeeld de inzet van een door multi-instrumentalist Tomer Moked bespeelde banjouki, een instrument dat een banjo met een bouzouki combineert (op het als een trage roes bedwelmende “Once You Get A Taste”). Zo ging ook erg veel aandacht naar sfeerzetting (met op gepaste momenten de inzet van héél subtiel aanwezige strijkers) en naar het vinden van een gepaste toon voor het hele album. Bij herhaaldelijke luisterbeurten valt ook op hoe Fink gebruik maakt van percussieve basislagen (op onder andere het stevige marsritme in “Out Loud”).

Het erg atmosferische Bloom Innocent werkt dan ook traag in, maar net daar zit naar ons aanvoelen ook haar grote aantrekkingskracht. Het gaat in tegen de huidige manier van snelle muziekconsumptie en alleen al daarvoor verdient Fink flink wat punten. Het vraagt aandacht van de luisteraar om zich onder te dompelen in het geheel, maar het resultaat is er dan ook echt wel naar. Bovendien is het nog echt een album als geheel (wat het bij uitstek geschikt maakt om op vinyl aan te schaffen), eerder dan een handvol afzonderlijk aan elkaar gelaste composities. De aandacht voor wonderlijk mooi artwork dat vaag refereert aan Nick Drake of het allerbeste van Talk Talk levert overigens ook nog eens bonuspunten op.

Mooi is ook hoe de Britse songschrijver toewerkt naar de zacht nasluimerende prachtfinale met afsluiter “My Love’s Already There”. Die vormt het eindstation van een heerlijke groeiplaat vol mysterieuze schoonheid, die met elke beluistering nog wat meer accenten legt (het donkere, mysterieuze “Rocking Chair” bijvoorbeeld).

28 oktober 2019

About Author

Philippe De Cleen


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief