Live, Recensies

Rock Werchter 2019 (Festivaldag 2): Vergunning voor een geslaagde dag

©CPU – Chris Stessens

De tweede dag van een festival start iedereen altijd met hernieuwde energie. Dat was zeker niet anders op Rock Werchter, waar de zon weer over de weide scheen en we ons konden opwarmen aan al even zonnige muziek. Al kan dat allemaal met een korrel zout genomen worden, want op de Main Stage overheersten de donkere sounds op vrijdag. In de tenten daarentegen was het bakken geblazen en zo was er voor ieder wat wils. Wij zagen iedereen op de line up aan het werk en hieronder lees je ons verslag van de tweede dag Rock Werchter.

Masego @ The Barn

© CPU – Bert Savels

Hoe kan je een dag beter beginnen dan met enkele zwoele, groovy vibes? Niet, zo blijkt, want Masego serveerde voor velen een sensueel ontbijt dat meteen de tent goed meekreeg. Een mix van soul, jazz en hiphop gaf zijn set net genoeg grooves om boeiend te blijven en ook het publiek wist zijn eerste moves op die manier al eens uit te testen. Die waren duidelijk niet alleen, want frontman Micah David gaf zich volledig.

Maar hij was niet de enige die de show stal, ook de baslijn bleek telkens heel prominent aanwezig. Ook als David zijn saxofoon in het geheel smeet, kon het niet meer stuk. De sax zorgde namelijk voor uitzinnigheid bij de hele zaal, en we gaven hen geen ongelijk. Het sexy instrument versterkte de exotische sfeer van de band. De tent stond in het begin nog tamelijk leeg, maar door de goeie vibes kwam er steeds meer publiek binnen. De sfeer ging dan ook de hoogte in en na een tijdje werd er zelfs meegezongen. Een fijne opener, waarmee de toon voor de rest van de dag gezet was. Lekker grooven op de meest zomerse manier.

Whispering Sons @ Main Stage

© CPU – Bert Savels

Met een simpele ‘hallo’ werd de Main Stage op dag twee geopend door Whispering Sons. De band uit Limburg bracht vorig jaar hun debuutplaat uit en scoorde al enkele hits. Op de grootste hit “Alone” moesten we niet al te lang wachten en dus had de band snel het publiek mee. Live was de band wat agressiever, maar zo wist frontvrouw Fenne Kuppens de donkere muziek nog beter over te brengen. Met grote bewegingen, een stem als een donderwolk en hier en daar wat overbodige drama was het publiek helemaal overtuigd. Dit samen met de baslijntjes van de new wave band maakte dat we meegezogen werden in hun verhaal van het begin tot het einde. We kunnen zonder twijfel zeggen dat dit een sterk begin was van dag twee.

Sea Girls @ The Slope

De wereld is vol gezaaid met indierock bandjes en Sea Girls is het nieuwste snoepje dat we in de gaten zouden moeten houden. Dus gingen we een kijkje nemen op The Slope, waar de band een erg frisse en springerige set wist te serveren. Het werd een evenwicht tussen de iets snellere en hardere songs en de meer compacte songs. Vooraan was er dan heel wat sfeer als de band het tempo een tikkeltje hoger zette. De muziek is weliswaar niet helemaal vernieuwend, dus memorabel was deze set nooit, maar dat het een fijne en gezellige show was, maakte dat allemaal goed.

Denzel Curry @ KluB C

© CPU – Bert Savels

Rock Werchter zette een van de meest trending namen in de hiphopscene, Denzel Curry, in om KluB C op te warmen voor de tweede festivaldag. De trots van Miami is op tour met zijn nieuwe album ZUU. Denzel trapte het feest af met de gelijknamige titeltrack. De nieuwe knallers “AUTOMATIC” en “SPEEDBOAT” vielen goed in de smaak. Denzel Curry liet zien dat hij een rapper met talent is. Hij en zijn dj vulden elkaar lyrisch ook feilloos aan. Na “CL0UT C03A1N” en “ZUM0”, knallers van het vorige album TA300, bracht Denzel een hommage aan zijn persoonlijke vriend XXXTENTACION, die sinds vorige week al een jaar niet meer bij ons is. “Look At Me” bracht de hele zaal samen in de moshpits en het werd er wel erg warm. Met Denzels grootste hit, “ULTIMATE”, zette hij de KluB C in vuur en vlam en kon het publiek naar buiten voor afkoeling.

Nothing But Thieves @ Main Stage

Doordat Whispering Sons de lat al serieus hoog gelegd had, stond Nothing But Thieves een moeilijke opdracht te wachten. Gelukkig sloegen de Britten daar moeiteloos in. Met openers als “Forever And Ever More” en “Wake Up Call” vuurden Conor Mason en co meteen enkele degelijke gitaarsolo’s op de wei af. Dat Nothing But Thieves niet meer de ‘kleine opener’ van een aantal jaar geleden is, werd duidelijk toen tijdens “I Was Just A Kid” hier en daar enkele moshpits ontstonden. Maar met deze temperaturen konden de Britten dit tempo niet volhouden. De set zakte een beetje in met rustigere nummers zoals “Particles” en “If I Get High”, maar eigenlijk kwam die pauze niet ongelegen.

Hierna drukten de heren het gaspedaal terug in en werden we met “Sorry” en “Amsterdam” helemaal van onze sokken geblazen. Nothing But Thieves onderging de laatste jaren een stevige metamorfose. Conors stem bereikte hoogtes, die hij in pakweg 2016 nog niet honderd procent aankon. De Britten zijn overigens ook bezig aan hun derde langspeler en het zou ons niet verbazen als die plaat hen nog een hoger plekje op de affiche zal opleveren.

Kurt Vile & The Violators @ The Barn

© CPU – Bert Savels

The Barn liep gisteren voor het eerst helemaal vol voor Kurt Vile en zijn Violators, en dat was niet om een schaduwplek te bemachtigen tegen de zon. Kurt Vile werd het afgelopen jaar bijna grijsgedraaid op Studio Brussel en dat wierp opnieuw zijn vruchten af. Vooral de wat oudere bezoekers vonden hun weg naar Kurt Vile en bewogen geleidelijk aan op de muziek. De band is ondertussen goed ingespeeld en dat was duidelijk te horen tijdens het uur dat ze speelden. “Wakin On a Pretty Day” werd warm onthaald en kreeg een mooi en strak gespeeld staartje, maar verder bleef het publiek maar wat mak. Afsluiten deed de groep met “Pretty Pimpin”, dat goed begon maar helaas niet tot het einde kon boeien. Het was allemaal goed gespeeld en op fouten konden we de Amerikanen niet betrappen, maar we vrezen ervoor dat we de show tegen het einde van het weekend nog onthouden zullen hebben.

Foxing @ The Slope

Aan een pover volgelopen Slopeplein begon Foxing met een vat vol goesting aan hun set. Moeilijke muziek, dat wisten we al, en ook de bindteksten deden her en der een wenkbrauw fronsen. De Amerikaanse emo-indieband had echter geen seconde nodig om de aanwezigen te overtuigen van hun muzikale kunnen. Niemand had de band wellicht met stip op z’n planning gezet, maar daar kan na vandaag verandering in komen. Wanneer de songs neigden voorspelbaar te gaan klinken, zorgde een welgemikte scream of een trompetintermezzo ervoor dat die vrees onterecht bleek. Foxing klonk fris, gevarieerd en strak, en was een aangename verrassing op deze tweede Werchterdag.

Warhola @ KluB C

© CPU – Bert Savels

Normaal gezien stond Jessie Reyez geprogrammeerd, maar de zangeres moest helaas afzeggen. Niet getreurd, want de vervanging was zeker niet de slechtste. Warhola kreeg vijftig minuten de tijd om KluB C te amuseren en daar is hij zeker in geslaagd. De set zat goed gevuld met hits en dat merkte je aan het meegaande publiek. Oliver Symons slofte over het podium in een veel te grote trui en een short. Ook de artiesten hebben last van de warmte, maar toch werd er met momenten aardig wat bewogen in de goed gevulde tent. “I Love You So” van Cassius sloop de setlist binnen ter aanleiding van het overlijden van Philippe Zdar en dit ging mooi over in “Jewels”. Een andere aangename verrassing was de verschijning van Stefanie Callebaut (SX), die tijdens afsluiter “Look At Me” de plaats van Tessa Dixson innam.

The 1975 @ Main Stage

De meest gehypte band uit de UK, The 1975, kreeg een wat ongelukkige spot op de Main Stage, want daar regeerden de ruigere gitaren gisteren bijna volledig. Toch was het voor de rest een ideale setting voor de Britten, want het zonnetje scheen en de jonge hipsters verzamelden voor hen om een uurtje met de weemoedige synthpop mee te dansen. Buitengewoon werd het nooit, maar sympathiek was het altijd. Hierdoor bleef toch wel een aanzienlijk aantal festivalgangers op een afstand en genoten ze voornamelijk van de zon. De fans in de eerste rijen gingen dan weer helemaal op in de set, die eigenlijk ietwat wisselvallig was en vooral in de meer ritmische stukken overtuigingskracht had. The 1975 kreeg in ons buurland nagenoeg overal vijf sterren, maar we houden het bij een schuchtere ‘fijn’.

Jungle @ The Barn

© CPU – Bert Savels

Jungle, de Londense band, kwam als geroepen in The Barn. Ze speelden vorig jaar maar liefst drie keer in ons klein landje en op Rock Werchter maakten ze vandaag onze dag helemaal goed. Vanaf het eerste moment namen ze iedereen meteen mee, dit kwam mede door “Heavy, California”, waar we duidelijk de eerste danspasjes konden waarnemen. De zevenkoppige band kreeg heel veel appreciatie van de massa voor hun vlekkeloze optreden. De hele set lang veranderde The Barn in een danspaleis, waar we tot op het einde de vreugde van iedereens gezicht zagen afdruipen. Een geslaagd optreden op dag twee.

Yonaka @ The Slope

Op Rock Werchter worden hier en daar ook wat gitaren bovengehaald, zo ook bij de Britse band Yonaka. De band uit Londen was al het voorprogramma van Bring Me The Horizon en bracht in mei nog hun debuutplaat Don’t Wait ‘Til Tomorrow uit. Frontdame Theresa Jarvis had er duidelijk zin in en lag met haar powerstem aan de basis van een goede festivalshow. Moeiteloos haalde ze de hoge noten bij “Awake” en “Creature”, maar ook de andere bandleden hadden er zin in. Tijdens “F.W.T.B.” dook George met zijn gitaar het publiek in en dat zorgde nog voor wat extra sfeer.

Het toppunt van het concert werd echter het potentiële stadionrock anthem “Rockstar”, waar Theresa voor een kleine sitdown zorgde. Soms doken er wat kleine speelfoutjes op, maar dat deed geen afbreuk aan de strakke festivalshow. Het enthousiasme was er, en nu valt af te wachten of ze binnenkort de upgrade naar de Main Stage kunnen maken. Hun liveshow staat er al en met deze attitude zullen ze het zeker nog verder schoppen.

Khruangbin @ KluB C

© CPU – Bert Savels

Een bas, gitaar en een drumstel, meer heeft Khruangbin niet nodig om KluB C op stelten te zetten. De driekoppige band kwam nuchtertjes op en startte hun trip door een psychedelisch landschap. Hier en daar hielden ze een tussenstop in funk, classic rock, soul, dub en wereldmuziek. Als twee zelfzekere, sensuele aliens zweefden bassiste Laura Lee en gitarist Mark Speer over het podium. Drummer Donald Ray Johnson zorgde voor de hiphop breakbeat. Het publiek kon heerlijk meewiegen op de riffs, maar ook uit de bol gaan op de scheurende overdrive van de gitaar.

De steeds meer dansbare muziek was te smaken bij het publiek. Ook Laura Lee’s simpele, maar zwoele danspasjes brachten ons naar nog warmere oorden. Je merkte dat deze band elkaar muzikaal door en door kent, Laura en Mark bleken steeds onderling binnenpretjes te delen. Leuke momentjes: een toast uitbrengen op het publiek, en hier en daar een choreografie die zichzelf leek te parodiëren. Een uur lijkt misschien te lang om te vullen met een (bijna helemaal) instrumentaal concert, maar Khruangbin bewees het tegendeel. Deze drie meesters in hun vak lieten zien dat je niet meer nodig hebt dan drie instrumenten (en twee percussie-flessen) om een feestje te bouwen.

Weezer @ Main Stage

© CPU – Bert Savels

Het was van 2001 geleden dat Weezer nog eens op de weide van Rock Werchter speelde. Meteen een goeie reden om te beginnen met enkele classics, dachten ze, en zo was “Buddy Holly” meteen al de opener van de set. Het hek was van de dam en Weezer bracht een immens strakke set waarin de ene hit na de andere passeerde. De sfeer op de weide was dan ook uitmuntend en bij nagenoeg iedere song werd heel uitbundig gezongen. En dan moesten er nog enkele leuke covers volgen. “Take On Me” kreeg een rocktintje en “Africa” wist voor het voorlopige meezingmoment van de dag te tekenen. “Happy Together” kreeg zelfs een streepje “Longview” van Green Day toegewezen.

Het toont aan dat de mannen zich amuseren en gewoon doen waar ze zin in hebben en dat plezier straalt zich ook af op het publiek. Toch waren die covers eerder een overbodige luxe, want met hun eigen songs kwamen ze nog strakker en furieuzer over. Het werd een set met enkel hits en geen enkel nieuw nummer, verrassend, maar daarom net ook veel plezanter. Weezer deed er even over om terug te keren naar Werchter, maar bracht een set die niemand snel zal vergeten.

Janelle Monáe @ The Barn

© CPU – Bert Savels

Waar rook is, is kennelijk ook vuur. En veel rook was er bij de Amerikaanse Janelle Monae… De rookmachine draaide een uur lang overuren, maar gelukkig zorgde ook Monáe voor vonken. Oké, de set was zeer geroutineerd en doordacht, maar hetgeen ze bood, was toch wel weer van wereldklasse. Haar nieuwste album Dirty Computer is een echt epos en had duidelijk de bovenhand in de performance, die aan politieke boodschappen en strakke choreografieën geen gebrek had. Misschien was het allemaal wel iets te perfect voor Werchter en bleef er zo een tamelijk grote afstand tussen de diva en het publiek, maar haar talent spatte er een uurtje van af.

Kledingswissels, vier danseressen en een sterk uitgespeelde band, waren naast goede visuals de hoofdonderdelen van deze ‘te perfecte’ show.  Uiteindelijk onthouden we vooral de knallende versie van “Django Jane”, het bombastische einde van “Tightrope” en natuurlijk ook de legendarische broek in “Pynk”. Met een iets enthousiaster publiek was dit misschien wel een van de beste optredens van het weekend geworden, maar de iets te gereserveerde sfeer deed de impact van het gebeuren dan toch op een of andere manier dalen.

SWMRS @ The Slope

‘s Namiddags was het de beurt aan SWMRS, de Amerikaanse punkband die de laatste jaren furore maakt met energieke en aanstekelijke gitaarliedjes. Het weer zat de band al mee, nu het publiek nog. Dat ze er zelf zin in hadden, was te merken aan hun uitbundige danspasjes en sprongen. De drummer van de band heeft de meest bekende roots, hij is namelijk de zoon van Billie Joe Armstrong. Toch waren het de frontmannen van de band die de aandacht stalen. Deels door hun opvallend uiterlijk – de ene had z’n haar groen geverfd – maar even goed door hun aanstekelijke muziek. In het begin werkte dat niet per se voor het publiek, maar dat lag niet aan de band. Ze schreeuwden en sprongen tot het publiek wel moest meedoen. Met hier en daar een politieke boodschap konden ze ook nog op wat meer sympathie van het publiek rekenen. Meer had SWMRS niet nodig om een degelijk optreden op The Slope af te leveren. Niets vernieuwend, maar even leuk.

Tom Misch @ KluB C

Tom Misch hulde de KluB C zoals verwacht in een waas van zomergevoel en zwoele baslijnen. De sympathieke Brit deed het publiek vanaf de eerste toon uit zijn hand eten, maar deed dit wat te voorzichtig. Misch en z’n band waren perfect op elkaar ingespeeld, en wisten het geheel bijzonder vlot te doen klinken. De muzikale geslepenheid ging voor ons echter iets te veel ten koste van de dansbaarheid. Een vettiger basje of minder muzikale omwegen hadden een gretige KluB C wellicht zonder moeite overstag doen gaan.

Bring Me The Horizon @ Main Stage

© CPU – Bert Savels

Wie had dat tien jaar geleden gedacht dat Bring Me The Horizon met danseressen zou aantreden op Werchter in plaats van op Graspop, en dat met een aantal commerciële platen onder de arm? Wij in ieder geval niet, maar wie als band wil groeien moet soms ook wat aan zijn sound sleutelen. Dat deed de groep rond Oli Sykes en ondertussen behoren ze tot de grotere Britse bands van het moment. Bring Me The Horizon opende dan ook met het recente “Mantra”, maar het nogal doffe geluid dreigde wat roet in het eten te gooien. Gelukkig was daar op het oudere en stevigere “The House of Wolves” nog maar weinig van te merken.

De zwakkere stem van frontman Oli was al langer een probleem van de band en ook gisteren moest de zanger weer beroep doen op een backtrack en de vocale ondersteuning van zijn bandgenoten. Aan nieuwe nummers “Medicine” en “Mother Tongue” was ook duidelijk te merken dat deze iets minder belastend zijn voor de stembanden van Sykes. De productie die de band uit Sheffield trouwens neerzette op de Main Stage was sterk, zeker ook de visuals waren een voltreffer. Afsluiten deden ze met een drietal oudere, bekende tracks: “Follow You”, “Drown” en “Throne”, die in het verleden al hun diensten hebben bewezen. Tijdens “Drown” dook Oli zelfs even het het publiek in om voor wat extra sfeer te zorgen. Slotakkoord “Throne” kreeg dan ook de laatste twijfelaar mee dankzij een grote sitdown en heel wat confetti. Bring Me The Horizon is duidelijk geëvolueerd als band en dat demonstreerden ze maar al te graag tijdens hun optreden.

Our Last Night @ The Slope

Na Bring Me The Horizon vonden heel wat mensen de weg naar The Slope, waar ze met Our Last Night een gelijkaardige band aan het werk zagen. De Amerikanen klinken echter iets harder en heftiger dan het Bring Me The Horizon anno 2019 en konden zo heel wat mensen in hun ban trekken. Ondanks dat de band vooral bekendheid verwierf met het coveren van popnummers in een post-hardcore jasje, kregen we gisteren toch voornamelijk eigen materiaal te horen. Enige uitzondering op de regel was “Humble.” van Kendrick Lamar dat het viertal helemaal naar hun eigen hand zette. Frontman Trevor Wentworth beviel de energie in de crowd wel en noemde het publiek het beste van de Europese tour tot dusver. De eigen nummers klonken niet slecht en ook de ‘ooooh’s’ konden op nummers als “Road to the Throne” niet ontbreken. Ook het daaropvolgende “Broken Lives” was doorspekt van de ‘oooh’s’ en was een beetje te veel van het goede. Entertainen deden ze zeker, maar soms kwamen de clichés (bijvoorbeeld het complimenteren van het publiek of ‘ooooh’s’ a volonté) iets te vaak naar voren.

Years & Years @ The Barn

© CPU – Bert Savels

Vorig jaar stond Years & Years nog op het grote podium van Werchter Boutique, na enkele tussenstops op Music For Life en een uitverkochte Lotto Arena, stonden ze gisteren in de grootste tent die ooit werd neergepoot in België. Voor de gelegenheid was The Barn volgelopen, want niemand leek de poppenkast van Olly Alexander te willen missen. Met nagenoeg dezelfde stage en een gelijkaardige setlist, was er niet veel nieuws in de set te bespeuren. De aanwezigen kon dat echter niets schelen, want zij droegen de Britse popband op handen. Elke radiohit werd meegezongen, elke gelegenheid gebruikt om mee te dansen en te klappen. Het publiek at uit Olly’s handen en zo kon elke popfan die even de gitaren aan zich voorbij liet gaan, zichzelf uitleven in de heilige wereld van ‘Palo Santo’. Een feest van de diversiteit en kleur op een dag waar de zwarte kledij heerste.

Snarky Puppy @ KluB C

Hiermee hebben we waarschijnlijk de meest indrukwekkende muzikale performance van Rock Werchter gezien. Snarky Puppy is een New Yorks collectief van fusion- en jazzmusici dat opzwepende jams brengt, met solo’s waar monden van open vallen. Snarky Puppy begon de show met nieuw materiaal van reeds hun dertiende album. Het laatste wat je zou verwachten van een instrumentale act is interactie. Niets was minder waar bij Snarky Puppy. De bassist en bezieler van het muzikanten-ensemble, dirigeerde het publiek met simpele taken om deel uit te maken van de muziek. Snarky Puppy wist “Lingus”, een instrumentale fusionjam, in een meezinger voor het hele publiek te veranderen. Op het einde van de show kwam alles tot een apotheose met een bijna twintig minuten lange jam. De twee keyboardisten gingen elkaar te lijf in een gloeiende show off. KluB C was er even niet goed van. Indrukwekkend.

Kylie @ The Barn

© CPU – Bert Savels

Kylie Minogue strandde met een greatest hits show vreemd genoeg op Rock Werchter. Terwijl The Cure op de Main Stage stond, zochten wij daar de sfeer op. Vanaf het begin werd er meezongen, meegeklapt en meegezwaaid, nog voordat de Australische zangeres er naar vroeg. Met een set die vooral focuste op de oudere nummers kreeg Kylie toch iedereen mee. Alle nummers werden in een hedendaags jasje gestoken met hier en daar wat country-invloeden. Ook de choreografieën oogden zeer modern. Bij een show van de princess of pop krijgt het oog zeker en vast ook wat. De vele kostuums en attributen zorgden voor een visuele show, maar het muzikale moest niet onderdoen. De zang was zeker en vast ook in orde en de sfeer op en top. The Barn mocht dan niet helemaal gevuld zijn, Kylie deed zo goed als iedereen meebewegen en meezingen.

The Twilight Sad @ The Slope

The Cure nam iets langer de tijd om hun laatste nummers te spelen op de Main Stage. Dit betekende dat The Twilight Sad een vijftal minuten later dan voorzien hun opwachting kon maken. De band uit Schotland heeft een speciale band met The Cure, want ze waren op diens laatste tour het voorprogramma en ook nu worden ze nog vaak op sleeptouw genomen door de legendarische band. Voor hun Werchterdebuut mocht The Twilight Sad dus nu The Slope afsluiten, net na hun idolen; een beter dessert hadden we ons niet kunnen inbeelden. Met hun melodieuze postpunk zorgden ze meteen voor een intense sfeer. Het pleintje voor The Slope vulde zich geleidelijk aan.

Pakkend was vooral ook de performance die frontman James Graham neerzette. We zien het niet al te vaak meer gebeuren dat iemand op het podium zich zo kan verliezen in de muziek. Over de muziek gesproken: de band speelde een fenomenaal en pakkend concert, waarbij vooral de drummer zich ook liet gaan. Een hoogtepunt kunnen we dan ook moeilijk aanduiden, elk nummer wist ons op zijn eigen manier te overtuigen. Het nieuwe nummer “Vtr” klonk tijdloos, terwijl hun Frightened Rabbit-cover muteerde tot een mooi en prachtig uitgesponnen eerbetoon aan de overleden zanger. Wij hebben dan ook maar één raad: bemachtig snel een ticket voor hun show in de Trix op vrijdag 25 oktober en laat je meeslepen. Je zal het je niet beklagen!

Robyn @ KluB C

© CPU – Bert Savels

Rock Werchter heeft zo een mooie status in het festivalcircuit dat ze het gevierde, Zweedse popicoon Robyn in de KluB C kregen. Met een poëtische podiumopstelling (o.a. dimensionale witte handen en fladderende witte doeken) had ze in ieder geval wel een grootse productie meegebracht, die haar visuele fantasie prachtig weerspiegelde. Na acht jaar stond ze dus opnieuw op Rock Werchter en deze keer had ze met Honey nog een straf, nieuw album in haar bagage. Het album mag dan wel angstaanjagend goed zijn, het ontging de meesten die in de KluB C waren overduidelijk.

De nieuwe nummers zijn misschien minder bekend, maar blijven ijzersterk. Dat de overvolle KluB C tijdens die nummers vooral keek en verbluft werd, kon je al raden. Haar show, uitstraling en goesting liggen hierin aan de oorsprong, en zo werd het wachten op die hits van vroeger fascinerend overbrugd. Interessant, boeiend en beklijvend bleef het spektakel dat zich op het uitgedoste podium afspeelde en de sfeer werd steeds uitzinniger. “Dancing On My Own” en “Call Your Girlfriend” veroorzaakten een overdonderende explosie van emoties bij het publiek. Althans, dat gevoel kregen we toch door het indrukwekkende koor dat zich voor Robyn vormde. Robyn’s show was geen concert, maar een beleving. Pure kunst, die zich tot concert van de dag mag kronen.

© CPU – Bert Savels

Fan van de foto’s? Op onze Instagram zijn er nog meer beelden te vinden. Volgen is de boodschap!

Deze recensies werden geschreven door Niels Bruwier, Maxim Meyer-Horn, Simon Meyer-Horn, Robbe Rooms, Matthijs Vandenbogaerde, Felix Vloeberghs, Bauke De Langhe, Lucas Palmans, Robbe Van Hool en Marijke Maes.

29 juni 2019

About Author

Niels Bruwier Ook bekend als "Den Beir", oprichter van de site, leidt alles in goeie banen en schrijft ook wel eens iets.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter