Live, Recensies

Best of Best Kept Secret 2017 Dag 2

All rights reserved by BKS Festival, Photo Nathan Reinds

Dag twee van Best Kept Secret kondigde zich aan als de overtreffende trap van dag één. Mooier en warmer weer, Arcade Fire in het vooruitzicht en tussendoor heel wat fijne bands die de verschillende podia onveilig maakten. Afwisselend tussen stage Two, Three, Five en heel af en toe One legden we ongetwijfeld heel wat kilometers af om alle bands aan het werk te zien. Maar dat was het meer dan waard. Hadden we op dag één nog wat gemengde gevoelens, dan verdwenen die als sneeuw voor de stralende zon. Dag twee werd er eentje om duimen en vingers mee af te likken, met een overheerlijke headliner als kers op de taart.

Vroegste voltreffer: Wildes

Omstreeks 12u30 besteeg Wildes het podium Three. We wreven nog maar net onze ogen uit of ze sprongen al vol tranen. Want de gevoelige pop van Wildes wist perfect onze juiste snaren te raken. Met echoënde gitaren en een straffe stem hield de band het midden tussen Daughter en London Grammer en pakte ze moeiteloos het nog slaapdronken publiek in. Afsluiter “Bare” was de mooie strik er bovenop.

Warmste tent/Beste quote: Whitney

Net toen de zon doorbrak, begon Whitney aan hun set in de overvolle tent op stage Two. Overvol én oververhit, want de combinatie van Whitney’s romantische muziek, de liefde van het publiek en de warme temperaturen deden het kwik al snel stijgen. Al van bij “Golden Days” zat de sfeer er al goed in, om pas helemaal over de rooie te gaan met een geniale cover “Magnet” en absolute prijsbeest “No Woman”. Tussendoor kregen we een mooi nieuw nummer, de theme song van The Golden Girls, een kus voor de camera en een sterke kandidaat voor quote van het festival: “Is everyone allright? This next song is about dying.”

All rights reserved by BKS Festival, Photo Ben Houdijk

Meeste Courtneys: The Courtneys

Soms moet je het niet ver zoeken om een bandnaam te zinnen. Drie Courtneys startten samen een band, de naam is een al even logisch gevolg. The Courtneys maken compromislose garagerock die vooral niet te moeilijk mag zijn. Simpele drums, gitaren en schreeuwerige zang zijn ingrediënten waar wel wat mee te maken valt, maar het ontbrak hen aan de intensiteit om echt meeslepend te worden. Dan hebben we meer een boontje voor die andere Courtney (Barnett).

Grootste tegenvaller: Best Kept Secret 2018

Ja, u leest het goed. De editie van volgend jaar zal al zeker voor veel festivalgangers een tegenvaller worden. Niet omwille van een headliner die al bekend werd, maar wel omdat het festival een week vervroegd werd. Op de ommezijde van het programmaboekje viel te lezen: “see you next year, 8-9-10 June.” Omdat Pinkpop volgend jaar zich in hetzelfde weekend gaat nestelen, besloot de organisatie van BKS om de ongelijke strijd niet aan te gaan en dan ook maar te verhuizen. Slecht nieuws voor alle studenten die net gedaan hebben met examens. De kans dat je dat volgend jaar kan vieren op Best Kept Secret is heel klein.

Beste vrouwelijk duo: Honeyblood

Als er één ding is waar je Best Kept Secret niet van kunt betichten, dan is het vrouwonvriendelijkheid. Naast The Japanese House, The Courtneys, Mitski, Amber Arcades … staan er heel wat vrouwelijke (of overwegend vrouwelijke) acts op de podia. Toch gaat de hoofdprijs naar een vrouwelijk duo dat ons van bij het begin wist te overtuigen. Honeyblood is de alias van twee Glasgowse dames die aan een drum, een gitaar en tonnen energie genoeg hebben om een publiek enthousiast te maken. Met Babes Never Die hebben ze dan ook een aanstekelijk album onder de arm. De gelijknamige single en “Killer Bangs” klonken als babykatjes die gevaarlijk kunnen klauwen.

Beste niet saaie concert: Mitski

Van Mitski hadden we al vaak gehoord dat ze live niet helemaal tot haar recht komt en zelfs ronduit saaie sets kan neerzetten. Daar kwam op zaterdagnamiddag in de Five gelukkig niets van in huis. Zagen we vorig jaar nog een artiest die moeite had met haar band, dan stond er nu wel een groep op het podium die wist wat ze deden. Haar gezicht stond nog steeds op onweer, maar de muziek klonk bijna net zo goed als op plaat. Dat nog eens het overgrote deel van de set uit het uitstekende Puberty II kwam, deed alleen het optreden alleen maar goed. Het vlammende “Your Best American Girl”, het ironische “Happy” en kort maar krachtige “My Body’s Made of Crushed Little Stars” deden eindelijk haar potentieel openbarsten. Heeft Mitski eindelijk de juiste balans gevonden? Op Best Kept Secret deed ze ons alvast geloven van wel.

Beste concert dat we niet gezien hebben: Circa Waves

Eerlijk is eerlijk. We zagen Circa Waves de afgelopen jaren al zodanig veel dat ze een garantie zijn op stevige concerten. Daarom namen we ook de tijd om een andere band te checken en lieten we de sympathieke Britten links liggen. Toch kunnen we met al onze ervaring een berekende inschatting maken van het optreden te maken (indien u er wel bij was, voel u vrij om aan te vullen). De jonge honden begonnen met “Wake Up”, speelden tussendoor fijne meezingers “Stuck” en “Stuck In My Teeth” en brachten de weide aan het zomeren met “T-shirt Weather”. Is Circa Waves dan voorspelbaar? Misschien wel, maar de band rijgt de goeie optredens aan elkaar en zijn dus de best mogelijke vorm van voorspelbaarheid.

All rights reserved by BKS Festival, Photo Chris Stessens

Beste wetenschappelijk experiment: Floating Points

Niemand wist beter waar hij mee bezig was dan Floating Points zelve. Uit bliepjes en oscillators toverde hij stevige beats om ze daarna vakkundig in de prak te rijden. Noem het een wetenschappelijk experiment waar Floating Points op zoek ging naar de meest spacey dansmuziek voor mensen die houden van Jon Hopkins of Nicolas Jaar. De wetenschappelijke visuals met geometrische figuren deden denken aan de resultaten van een leugendetector en maakten het helemaal af.

Beste imitatie van een wervelwind: Cloud Nothings

Een festival in het zand is allemaal goed en wel – het constante gevoel dat je op het strand zit is best wel fijn – maar de constante stofwolken doen niet enkel de bancontactmachientjes sputteren, het pakt ook op je adem en durft al eens voor stof in de neus en ogen zorgen. En als er dan nog eens een band als Cloud Nothings de wind doet keren en op stage Two een regelrechte wervelwind ontketent, zoek je beter dekking. Hun rammelende garagerock speelden ze aan zo’n sneltreinvaart dat het zand spontaan opsteeg. Na “Here and Nowhere Else”, “Fall In” en absoluut hoogtepunt “Wasted Days” moesten we het zand van onze lichamen schudden.

Meeste petjes/Langste haren: Andy Shauf

Dat we meer hebben zitten kijken naar Andy Shauf zijn lange haren en de petjes van zijn band, zegt misschien ook wel iets over zijn set in Three. Want als we echt eerlijk zijn, verloren we halverwege de interesse voor het optreden van Andy en band. Zijn liefelijke liedjes lagen wel goed in het oor, maar bleven daar nooit lang hangen. Op den duur begon het ook allemaal wat gelijkaardig te klinken. De fijne toevoeging van klarinet maakte het net iets anders, maar meer dan luisterliedjes om lekker in de zon te liggen chillen bracht Andy Shauf niet. En dus moesten we wel de daad bij het woord voegen en zochten we ons een geschikt plekje aan het meer.

Beste band die klinkt als die andere band waarvan we nu niet op de naam kunnen komen: Froth

De jongens van Froth zijn eigenwijs en weten wat ze willen. Met alweer hun derde album Outside (Briefly) overtuigden ze ons onlangs nog op Les Nuits Botanique, maar hun scherpe/dromerige gitaarrock kwam nog beter tot zijn recht op een festivalpodium. Frontman JooJoo Ashworth liet zijn gitaar spreken met simpele maar effectieve gitaarsolo’s en motiefjes die hij op tijd en stond vocaal aansterkte. De band wisselde gierende gitaren af met dromerige passages en het was net dat contrast dat je bij de les hield. Ook het gierende “Post Card Radio” was een hoogtepunt in de set.

Beste 3voor12 sessie: STUFF.

Gezien we zaterdagavond voor een dilemma stonden (Floating Points vs. STUFF.), maakten we de knoop ietsje makkelijker door te hakken door de 3voor12 sessie van STUFF. mee te pikken. Of toch dat dachten we. In werkelijkheid werkte het net andersom. In het kleine kwartier dat de Belgische trots speelde, bliezen ze moeiteloos het dak van de veel te kleine en uitpuilende 3voor12 tent. “Skywalker” bracht ons meteen onder hypnose om pas bij de laatste drumslagen van “Strata” terug op aarde terug te keren. Het was met spijt in het hart dat we de volledige set van STUFF. aan ons voorbij lieten gaan.

Meest trippy visuals: Kaitlyn Aurelia Smith

Wie na Arcade Fire honger had naar experimentele elektronische muziek, was aan het juiste adres op de Five. Naast een DJ-set van Laurel Halo en een staalharde set van Vatican Shadow, was er ook plaats voor de verfijnde elektronica van Kaitlyn Aurelia Smith. Op haar analoge synthesizers wist ze te multitasken als de beste. Vooraf opgenomen lagen waren niet aan de orde. In de plaats kregen we een Kaitlyn die in volle concentratie zweefde tussen haar synths en ons doorboorde met ijle vocals. Alsof dat nog niet interessant genoeg was, werd het optreden ook een visueel feest. De trippy projecties achter haar maakten het plaatje af en brachten ons in een trance waar moeilijk aan te ontsnappen viel.

Beste band met Thurston Moore: The Thurston Moore Group

Levende legende Thurston Moore wist zo net voor de headlineset van Arcade Fire toch opvallend veel volk naar stage Five te lokken. Om een oud lid van Sonic Youth aan het werk te zien, hadden we dan ook de hele wandeling ervoor over. Moore speelde hard als het kon, zacht als het moest, maar was altijd meeslepend. Veel te vertellen had hij dan weer niet. Hij bedankte de ‘hard core motherfuckers’ die enthousiast en gefascineerd luisterden. Want er was ook veel te genieten. sterke instrumentale nummers met ongezien gitaarspel. ‘Tomorrow is Paul McCartney’s birthday, just sharing some information’ gooide Moore halverwege in het publiek waarop hij het striemende “Aphrodite” opdroeg aan de jarige Beatle. Thurston mag in november het Sonic City festival cureren in Kortrijk. Benieuwd of hij dan even sterk voor de dag komt.

Beste shlagerdisco: Arcade Fire

Zowat alles klopte tijdens de headlineset van Arcade Fire. Regine zwaaide met haar flosjen op “Sprawl II”, Win Butler gooide als een halve gare met zijn trom op afsluiter “Rebellion/Lies” en tijdens “Here Comes The Night Time” ging de zon ook daadwerkelijk onder. Alsof de band hemel en aarde kon bewegen, deden ze hetzelfde met het publiek dat zich een breuk danste op hun nieuwste disco hit mét boodschap “Everything Now”. Bijna elk nummer toverden de Canadezen om tot wereldhits. Zelfs het oude “Windowsill” kreeg de handen op elkaar.

All rights reserved by BKS Festival, Photo by Chris Stessens

Ook de setlist zat vernuftig in elkaar. Uit elk album werden sterke nummers geplukt die perfect hun nut hadden in de set. “Neon Bible” werd dankzij de indrukwekkende zee van lampjes een onverwacht hoogtepunt, “The Suburbs” liet ons dan weer op adem komen om meteen erna de boel weer aan te zwengelen met “Ready To Start”. Arcade Fire liet ons geen moment met rust. De manier waarop “Creature Comforts” overliep in “Neighbourhood #3 (Power Out)” en uiteindelijk afsloot met het uitzinnige “Rebellion/Lies” was ronduit indrukwekkend. Zelden kwam de band zo krachtig en meeslepend uit de hoek. Extra toegift “Intervention” stond niet eens op de setlist en daarmee gingen ze zelfs overtijd. ‘We might get cut off’, waarschuwde Win Butler nog. Maar welke idioot zou het in zijn hoofd halen om Arcade Fire af te snijden?

Pics – Wim Heirbaut – Met dank aan Musiczine.net – Bekijk meer foto’s via deze link.

 

20 juni 2017

About Author

Jasper Verfaillie


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief