Als Green Day-zanger Billie Joe Armstrong je appt en Travis Barker zelf contact opneemt om samen iets te maken, dan hoef je niemand meer te overtuigen dat je in de juiste straat woont. The Paradox overkwam het allebei binnen dik een jaar, en zanger Eric Dangerfield lijkt er zelf nog altijd niet goed van: ‘Het voelde alsof ik in slaap viel en wakker werd, en nu gewoon hier ben. Ik keek naar een Netflix-documentaire over het maken van Kerplunk en Dookie, en een week later appte ik met Billie.’ Dat die goedkeuring van hogerhand ergens op slaat, bewijst Proceed With Caution, de tweede ep van het viertal uit Atlanta, zes nummers lang en nauwelijks zestien minuten dik.
Het contrast met de begindagen is groot. De band ontstond in 2024 uit een vriendschap tussen Dangerfield en Donald Bryant, vulde zich aan via Facebook met Percy “PC3” Crews en Christopher “Xelan” Bernard, en nam demo’s op als voice memo’s op een telefoon, die soms gewoon de eindmix werden. Voor deze ep ging het er volgens Dangerfield om in de kamer te geraken met de juiste mensen: producers Nick Furlong en Daniel “Robopop” Omelio, met engineers Tom Lord-Alge en Ted Jensen, namen die eerder aan platen van Green Day en Sum 41 sleutelden. Je hoort het: alles blinkt hier, de drums knallen, de gitaren staan strak in het gelid. Voor wie oud genoeg is om zich de eerste poppunkgolf te herinneren, doet het verhaal van The Paradox ietwat denken aan de bands zoals New Found Glory en Fenix*TX, die tekenden op Drive-Thru Records.
En toch. In een genre dat zo nauw is dat alles minstens tien keer gedaan is, krijgen de heren het voor elkaar om fris te klinken. Wij kunnen het zelf niet eens verklaren, want alle gekende ingrediënten van het poppunkpeloton zitten gewoon in alle zes de songs. “I Kinda Like That” scheurt uit de startblokken met snelle drums en een refrein dat zich meteen vastzet, en die gitaarsolo net voorbij halverwege verraadt hoeveel talent er in die vier jonge gasten zit. “Living Hell” bouwt een doorgedreven strofe op die uitmondt in een refrein waar je onmogelijk stil bij kan blijven staan.
De keerzijde van die eenvoud dient zich even snel aan. “That’s Not Fair” heeft zo weinig om het lijf dat net dat de sleutel tot het succes lijkt: je hoeft het één keer te horen om het mee te kunnen zingen. Waar de mosterd zit, is nooit een geheim; Green Day en blink-182 staan in elke maat. Een kopie is het niet, maar veel voegt het ensemble er ook niet aan toe. Alle zes de nummers blijven netjes onder de drie minuten en geen enkel duikt onder de twee en een half. Dat verraadt dat er net iets te veel in hetzelfde potje geroerd wordt. Geen supersnelle song of eentje die het tempo eventjes laat zakken.
“Good For Me” heeft het grootste hitpotentieel van de hoop, al betwijfelen we of de Atlantanen het in zich hebben om zich bij hun helden te voegen: de aandacht is er, de leuke songs zijn er, een regelrechte radiohit zit er niet tussen. “Stoner Mentality” flirt dan weer te nadrukkelijk met de popkant, waardoor het meer naar het Britse Busted uit de vroege nillies neigt dan naar de garage waar dit allemaal begon. In een poppunkrevival die maar lijkt te blijven duren, claimt The Paradox hoe dan ook een plaatsje. Jong en gretig, met een Zwart voorstedelijk perspectief dat in dit genre zelden het woord krijgt, en met de juiste mensen rond zich. Als op die volgende ep of dat eerste echte album wel een knaller zit, zou de trein wel eens echt kunnen vertrekken. De titel is dus geen grap, maar ook geen waarschuwing: eerder een belofte met een kleine lettertjesregel.
Facebook / Instagram / Website
Ontdek “It’s Over”, ons favoriete nummer van Proceed With Caution, in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.






