Kurt Wagner van Lambchop zal nooit in het openbaar gezien worden zonder trucker cap op het hoofd. Dat hebben we, ondergetekende van dit artikel, volledig gemeen met de Amerikaan. We dragen altijd een cap. Er wordt gestaag een collectie deksels voor de botte kop opgebouwd en dat komt dus allemaal door Wagner, de bezieler van Lambchop, een band die ontstond in de stille en tegelijk luide, analoge jaren negentig. Zelfverklaard gekweld zaten we aan de universiteit en luisterden we naar Lambchop, Vic Chesnutt, Smog, Sparklehorse, Mercury Rev en nog een handvol andere bands. We vereenzaamden meer en meer met de minuut en onze studieboeken waren witter, meer ongeschonden en minder gebruikt dan de vagijn van de Maagd Maria. We dronken en rookten. Alcohol, wiet en tabak waren onze belangrijkste levensingrediënten en dat alles werd dus overgoten met de muziek op platen van de lamsbout zoals I Hope You’re Sitting Down en How I Quit Smoking beide uit het midden van diezelfde jaren negentig, de jaren van duidelijkheid, eenvoud en van festivals met één enkel groot podium.
Een aantal weken voor de release werd gevraagd wie dit album wilde ontdekken. De link was al doorgestuurd naar de beheerder van de website, we moesten gewoon even ‘stuur maar door’ typen. We hebben getwijfeld omdat we Wagner en zijn gekozen muzikanten, waaronder meestal ook Andrew Broder, niet meer vertrouwden sinds de plaat Flotus uit 2016. Nu, ‘vertrouwen’ is een groot, beladen woord, maar het komt er eigenlijk op neer dat we – en dat is heel persoonlijk – echt niets moeten hebben van alles wat maar een beetje neigt naar autotune en aanverwanten. De muziek op de platen van het laatste decennium van de band was zeker meer dan oké, maar we duwen nog liever hondenstront in onze oren dan dat we moeten luisteren naar TC-Helicon VoiceLive 2 en andere vocoders. Gelukkig hadden we de singles al kunnen beluisteren en kregen we de indruk dat de stemvervormer achter slot en grendel was gezet. Ons vermoeden bleek correct. ‘Punching the Clown’ wilt zeker iets zeggen, maar zoek dat gerust zelf eens op. We trokken even onze wenkbrauwen en voorhuid op, maar gingen dan verder met het normale verloop van de dag. Lambchop duwt de harlekijn, de nar, alsof hij de grootste paljas ooit was. Punching the Clown.
“Just West of Nicollet” trekt alle registers open en Lambchop zal op de hele plaat gebruikmaken van een zeskoppig koor en ook de muzikale kunsten van Justin Vernon op de banjo. Vernon is naast muzikant bij Bon Iver ook de bezieler van April Base, de studio waar de plaat werd opgenomen. We zitten vanaf de eerste seconde in de wereld van de Schotse inwijkelingen in de Appalachen rond het begin van de negentiende eeuw. Deze migranten zongen dikwijls de liederen uit hun thuisland ter vermaak van iedereen en deden dit met zijn allen samen, in verschillende vormen van samenzang zoals a capella en gospel. Ziedaar de basis voor het hele album. Maar Lambchop blijft nu eenmaal Lambchop; luister eens goed naar wat er vlak na de tweede minuut in het nummer gebeurt. Schitterend gedaan!
We vinden het ook heel mooi hoe Wagner telkens zijn lippen even lijkt nat te maken voor hij aan een nieuwe zin begint. Op titeltrack “Punching the Clown” valt dit heel erg op, maar onze aandacht gaat vooral naar dat koor dat zo op een kerstplaat van Bing Crosby had kunnen staan en klinkt als de zang in de oudste Disneyfilms zoals Sneeuwwitje of Doornroosje. Het zeskoppige zanggezelschap is voor ons heel duidelijk de allergrootste troef op deze plaat die het helemaal terecht moet stellen met een beperkte set van snaarinstrumenten. Op “Andrew Jackson Asshat” horen we Wagner op zijn meest gepijnigd, maar we weten niet direct waarom. Volgens ons gaat de song over president A. Jackson, een ingeweken Schot/Noord-Ier die leefde in het tijdsframe dat de band als geschiedkundig kader laat herleven en de artiest laat het – naar ons gevoel alleszins – in het midden of die eerste Democraat een goed of een slecht hart had. Wat we zeker weten, is dat we naar een uniek muziekstuk aan het luisteren zijn. Lambchop omarmt dat Schotse deeltje van het muzikale verleden van de Appalachen, maar vult dit enigszins aan met moderne elementen, zij het wel heel subtiel en uiterst spaarzaam en behoedzaam.
Op “Afterburner” krijgen we een net iets ander geluid te horen door die zuiderse vingerzetting op de gitaren. Het is een extra ideetje dat heel mooi werkt op een plaat waar veel details verborgen liggen in hoekjes die niet verlicht zijn. Soms is het dus even zoeken, maar het is des te mooier wanneer die fijnzinnige kleinigheidjes zich openbaren. Voor ons is het mooiste lied op de plaat het nummer “To Do”. Hierin voelen we, ontdaan ontdaan van toetertjes en belletjes, het best wat Wagner bedoelt met het op tape zetten van die samenzang uit het begin van de negentiende eeuw. We zien een koor staan dat zingt met het missaal of het brevier in de hand. De koorleden dragen wit en zwart en bij de mannen is het haar opgesmukt met brillantine gemaakt van goedkope paraffine. De vrouwen dragen de haren in een zedige knot. Wagner zingt, ondersteund door zijn tijdelijke cantors: ‘Before I get to heaven, I need to water the plants’. Kijk, we verstaan dat, we zien het belang in van het eeuwige afscheid dat genomen moet worden, maar niet voordat de planten zijn voorzien van hun levensnoodzakelijke drank.
Lambchop heeft een plaat gemaakt zoals we er nog nooit een hebben gehoord. Het gekke eraan is wel dat het volledig Lambchop is. Wagner is volledig in zijn opzet geslaagd: een verloren gewaande zangstijl weer naar boven spitten, uit de grond halen en er zelf liedjes mee boetseren. We zien weinig of zelfs geen andere artiesten dit doen. Het zijn de toevalligheden in het leven, het horen door de Amerikaan uit Nashville van muziek die hij niet kent op zijn autoradio, er naar op zoek gaan als was het een geest, het na lange tijd terugvinden om er dan zelf mee aan de slag te gaan. Er werd een plaat gecreëerd die helemaal ontbloot is, ontdaan van kousen en ondergoed, om zo het eerlijkst te kunnen zijn. Het is een van de beste platen die hij ooit gemaakt heeft, de letterlijke man met de pet.
Op 2 december staat Lambchop in de Arenberg in Antwerpen. Op 3 december vinden we Wagner en de rest van band in De Spil in Roeselare. We hopen dat het gehele koor de reis mee onderneemt naar het oorspronkelijke continent. We kopen alvast een nieuwe trucker cap en gaan hem dit schenken.
Ontdek “To Do”, ons favoriete nummer van Punching the Clown, in onze Plaatje van de plaat-playlist op Spotify.







Mooie review
Mooie review over Lambshop