The Buttertones wordt omschreven als een cult-band, alleen lijkt het hun nog wat te ontbreken aan een cultaanhang. Zeker in Europa doet de naam niet zo gauw een belletje rinkelen en dat zal voor een groot stuk te maken hebben met het feit dat ze al enkele jaren de oversteek over de grote plas niet meer gemaakt hebben. Nochtans is het vijftal uit Los Angeles een bende muzikanten bijeen die wel iets cools te bieden hebben. Inmiddels vier albums hebben ze op de teller en zeker hun debuutalbum Buttertones blijft een garantie op goede streamingcijfers. Voor hun rentree in Europa kozen ze voor Antwerpen als startlocatie, waar ze het voor een select aantal mensen moesten doen. Het zou ook zomaar eens hun laatste keer in ons land zijn geweest…
… en dat heeft voor een zeer groot stuk te maken met de nogal zeer verwerpelijke houding van frontman Richard Araiza. Op voorhand hadden we eigenlijk uitsluitend positieve dingen over hem als ‘leader of the pack’ gelezen, maar dat viel in werkelijkheid toch bitter hard tegen. Het concert begon al op een redelijk valse noot doordat de band pas een kleine twintig minuten te laat opkwam. Op zich kunnen we zo’n voorval nog wel door de vingers zien als het optreden meevalt, maar dat lukte The Buttertones van bij de start al niet. Araiza wandelde door het publiek en vroeg de mensen naar hun favoriete The Buttertones-nummer. An sich is dat een legitieme vraag, maar het was toch vooral de manier waarop die ons een beetje tegen de borst stootte. Tijdens het eerste nummer “Chaos Reigns” plukte hij ook nog eens een jonge dame uit het publiek om samen wat te dansen op het podium, alleen leek het meisje in eerste instantie toch niet helemaal op haar gemak met die aandacht. Het zal niet helemaal tot Araiza zijn doorgedrongen, want al snel bleek dat hij onder invloed op het podium stond.
Het is geen unicum dat bands voor een show een glaasje nuttigen of wat snoepjes voor zich nemen, maar Araiza was er klaarblijkelijk iets te stevig ingevlogen en dat weerspiegelde zich in zijn vervelende houding. Voor “Baby C4” ging hij nogmaals het publiek in om wat te dansen, al ging dat ook gepaard met onverstaanbaar gebrabbel in de microfoon. Maar ook zijn vijf bandgenoten komen er niet onschuldig vanaf, want geen van hun leek echt plezier te hebben en ze stonden er wat mistroostig bij. Pijnlijk! Het was bidden en preken dat er snel beterschap zou aanbreken, maar zowel muzikaal als qua gedrag werd het alsmaar flauwer en irritanter. “Brickhead” werd zelfs zodanig tenenkrullend gebracht dat we met het idee begonnen spelen om vroeger te vertrekken. Het zegt toch veel over hetgeen de band gisteren bracht in Kavka.
En dan moest het laagtepunt nog komen. “Face To Face With Fantasy” was voor Araiza het excuus om nog eens door het publiek te lopen en zijn favoriete ‘slachtoffer’ van de avond te bekampen. François, zo bleek de jongeman te heten, werd tamelijk agressief besprongen en moest zelf enkele trappen te verduren krijgen. Wat was daar nu juist het idee achter? Gewoonweg verwerpelijk en compleet overbodig, ook al is het maar schijnbaar ‘om te lachen’. Het zorgde er alleen maar voor dat de sfeer nog iets raarder werd en we zelfs enkelen op voorhand zagen vertrekken. François liet zich er gisteren niet door uit zijn lood slaan en kroop bij “Nite Time Is My Time” op verzoek van de zanger mee op het podium. Richard Araiza noemde hem nog z’n vriend en zei dat alles goed was, maar ons slechte gevoel kreeg hij desondanks niet meer weg.
We hebben het in deze tekst nog iets te weinig over muziek gehad en daar is ook een reden voor; die was voor grote stukken toch niet bepaald van een hoogstaand niveau. Als je als band al met weinig goesting speelt en je frontman Richard Araiza vocaal gewoon aanstotend slecht is, dan is er al weinig ruimte om er iets goed klinkend uit te kunnen puren. We hadden niet graag in de schoenen van de geluidsmensen gestaan, want hier was niet veel aan te redden. Na het zeer saaie “Judy Do a Spin” greep Richard Araiza zelf naar de gitaar en wou hij het rock’n’roll gehalte doen stijgen met “Bebop”. Hoewel de energie steeg, voelden we de vonk toch niet overkomen. Ook “Connie” liep volledig leeg en met haar, Richard Araiza in hoogsteigen persoon eveneens; de lyrics waren even ver zoek in zijn achterhoofd en ook het gitaarspel was allesbehalve strak.
Was er dan wel iets goed aan The Buttertones in Kavka? Absoluut, en dat was het feit dat ze een paar nummers van de setlist schrapten en met “Dionysus” en “Orpheus Under the Influence” na vijftig minuten er de brui aan gaven. Dat laatste nummer was voor velen overigens dé reden om af te zakken naar de toffe zaal aan de Oudaan, maar het voelde als een vergiftigd geschenk van een zeer slecht optreden. Dat Araiza gewoon van het podium ging en zijn bandgenoten verweesd achterliet voorspelde ook al weinig goeds tussen de relaties binnen de band. We hebben onze vraagtekens bij de toekomst van The Buttertones en hopen dat ze zo snel mogelijk de nodige hulp krijgen om terug op de rails te geraken, want met dergelijke vertoningen gaan ze niet ver geraken.
Setlist:
Chaos Reigns
Baby C4
Two Headed Shark
Luna
Brickhead
Jungle
Face To Face With Fantasy
Nite Time Is My Time
You’re Gonna Die
Bye Guy Gotta Fly
Judy Do a Spin
Bebop
Connie
Dionysus
Orpheus Under the Influence







