AlbumsRecensies

Benjamin Biolay – Saint-Clair (★★★★): Alles wat het moderne chanson moet zijn

Liefhebbers van Franse chansons hebben ongetwijfeld al van Benjamin Biolay gehoord. Niet alleen omdat hij al twaalf studioalbums uitbracht, maar ook omdat hij een tijdje getrouwd was met de dochter van Catherine Deneuve en een relatie had met de prinses van de Franse pop; Vanessa Paradis. Voor haar werkte hij ook een tijdje als liedjesschrijver en producer, net zoals hij dat voor legendes zoals Françoise Hardy, Juliette Gréco en Julien Clerc deed. Vergelijkingen met Serge Gainsbourg en Jacques Dutronc zijn dan ook nooit echt ver weg en dat is niet meer dan normaal. Ook zij stonden namelijk bekend om het schrijven van hits voor anderen, terwijl ze zelf ook gewoon heel goede muziek uitbrachten.

Los van alle vergelijkingen is Benjamin Biolay ook gewoon een artiest op zichzelf, die zichzelf voor ieder album enigszins opnieuw weet uit te vinden. Binnen het Franse muzieklandschap zijn er maar weinigen die zo lang relevant weten te blijven en dat heeft heel veel te maken met Biolay’s constante muzikale onnavolgbaarheid. Op Rose Kennedy klonk de zanger annex componist bijvoorbeeld enigszins klassiek en traditioneel, om daarna de folkweg op te gaan en uiteindelijk bij synthesizers en keyboards te belanden op het meest recente Grand Prix.

Biolay heeft doorheen zijn ruim twintigjarige carrière een grote muzikale ontwikkeling doorgemaakt, maar al van bij de eerste noten wordt het duidelijk dat Saint-Clair in het verlengde ligt van Grand Prix. Het album wordt ingeleid door het zeer korte en instrumentale “Calidum cor, frigidum Caput”, waarna “Les Joues Roses” het tempo meteen de lucht in zwiert. De combinatie van de snellere synthmuziek met Biolays diepe rokersstem is een succesformule die maar niet uitgewerkt geraakt. We hadden ons voorgenomen om de vergelijking bij dit album zo lang mogelijk uit te stellen, maar Biolay doet gewoon op zijn manier gewoon weer aan Gainsbourg denken.

Dat deze plaat muzikaal tiptop in orde zou zitten, wisten we eigenlijk al op voorhand. Toch mogen we de Fransman ook niet onderschatten als tekstschrijver, want hij kan de liefde in al zijn facetten beschrijven zonder dat het ooit te zeemzoet wordt. Ook seks schuwt de zanger niet in zijn teksten, zoals bijvoorbeeld op “Rends l’amour!” waar hij ieder couplet eindigt met ‘je te baise’. Door zijn poëtisch vermogen ontwijkt hij het groteske en komt hij er gewoon weer makkelijk mee weg. Op “(Un) Ravel” gaat hij zelfs nog een stapje verder. Daar brengt hij niet alleen liefde en seks samen, maar komt de dood er ook nog eens bij kijken. Biolay verklaart daarin dat hij alles heeft gedaan om jong te kunnen sterven, maar het hem niet is gelukt. De zanger schuwt geen enkel onderwerp, dat heeft hij nog nooit echt gedaan.

Dat de Biolay zijn klassiekers kent weet iedereen eigenlijk wel, maar bij de Fransman gaat dat nog enkele stappen verder dan we op het eerste zicht zouden denken. Het eerdergenoemde “(Un) Ravel” is bijvoorbeeld gebaseerd op “Pavane Pour Un Infant Défunte” van Maurice Ravel, dat al meer dan honderdtwintig jaar geleden werd geschreven. Toch zijn het niet allemaal klassiekers die de klok slaan, want op “Santa Clara” maakt de dertigjarige Clara Luciani haar opwachting. Ondanks haar jonge leeftijd heeft ook zij al meerdere meesterwerken afgeleverd en op “Santa Clara” demonstreert ze ook dat ze een fantastische zangeres is, die tevens ook over een eigen sound beschikt. Het enige nadeel van haar feature is dat we eigenlijk wel nog wat meer Luciani hadden willen horen op dit album. Het was een gouden truc geweest om ons voortdurend op het puntje van onze stoel te doen zitten bij een plaat die langer dan een uur duurt.

“Sainte-Rita” haalt het tempo wat uit het album en dat is een slimme keuze ook, want ondanks de steengoede teksten dreigde het even om qua instrumentatie wat eentonig te worden. Gelukkig komt het nooit effectief zo ver, ondanks dat dit wel de valkuil is; zeker doordat het album uit maar liefst zeventien nummers bestaat. Toch moet gezegd worden dat de afwisseling tussen drukke synths en de kalmere gitaren op het tweede deel van het album nog wat zorgvuldiger is uitgebalanceerd, wat voor een nog aangenamere luisterervaring zorgt.

“Numéros Magiques” is eigenlijk alles wat dit album beaamt. De synthesizers staan centraal wat betreft de instrumentatie, maar door de trage onheilspellende vocalen klinkt het eveneens ook klassiek genoeg. Het onderwerp is min of meer hetzelfde; namelijk seks, drugs en rock-‘n-roll; en dat allemaal weer zonder dat het te banaal of grotesk wordt. Ook het ongeluk komt geregeld aan bod, maar nergens is dat zo expliciet als op “Mort de joie”, waarvan de titel al volledig weggeeft waarom dat zo is. Ook daar klinkt de instrumentatie wat minder bombastisch, waardoor de teksten centraler komen te staan. Het verandert de beleving van de muziek, waardoor we op deze plaat zowel tot in onze ziel geraakt worden door Biolays teksten, maar ook geregeld zin kregen om te dansen door de muziek op zich.

Saint-Clair is wederom een zeer sterk album, maar daarbij moet ook gezegd worden dat Biolay nog nooit een slecht of middelmatig album heeft gemaakt. Toch weten we nu al dat het merendeel van de  fans van het eerdere werk niet zullen warmlopen voor deze plaat, daar er ook op deze langspeler heel wat elektronica aan te pas komt. Biolay is inderdaad op zijn best wanneer hij het wat traditioneler aanpakt, maar dat maakt Saint Clair zeker niet tot een slecht album; integendeel. De Fransman zal er net zoals met Grand Prix een ander publiek mee weten aan te spreken en dat kunnen we hem natuurlijk niet kwalijk nemen.

Facebook / Instagram / Website

Ontdek nog meer nieuwe muziek op onze Spotify!

158 posts

About author
Ik moet dagelijks 'ok boomer' aanhoren
Articles

1 Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.