FeaturesInterviewsUitgelicht

Interview Warhaus: “‘Alter ego’ gebruik ik enkel als ik een lastige vraag krijg of iets aan mijn moeder moet uitleggen”

Nauwelijks een jaar nadat Maarten Devoldere samen met vriendin en achtergrondzangeres Sylvie Kreusch liefdeskind We Fucked A Flame Into Being op de wereld losliet, ligt er reeds een nieuwe Warhaus-plaat in de wieg. Gedoopt tot Warhaus kon de titel, die de vereenzelviging van een artiest met zijn muziek symboliseert, haast niet toepasselijker zijn. Devoldere daalt tijdens deze rokerige rit – nog dieper dan tijdens zijn debuut – af naar de mysterieuze en ondoorgrondelijke krochten van het leven en de liefde. Le Rouge et Le Noir had een alternatieve titel kunnen zijn. Een stevige portie zelfkritiek schuwt de man evenmin, zo getuige ‘You think I’m too stupid to win this race, but my self-deception moves at an underestimated pace‘. Laat u hier echter niet door misleiden – als wel vérleiden – Warhaus is en blijft een plaat die ‘de raadselachtigheid van de liefde wil vieren’.

Warhaus, je tweede soloplaat, kwam er redelijk onverwacht – althans voor het publiek.

Klopt, en ook voor mij eigenlijk. Warhaus was helemaal niet gepland. De Balthazar-plaat liep wat vertraging op en ik had het gevoel op een berg songs te zitten. Telkens ik met Warhaus speelde, kwam er zoveel creatieve energie vrij. Daarmee ben ik gaan schrijven – ook voor de live band – en voor ik het wist, had ik een paar nieuwe nummers liggen. Toen ik vervolgens te horen kreeg dat de reünie met Balthazar uitgesteld werd, dacht ik ‘Keirel, da meendje nie’. Daarna begon ik te denken: ‘Waarom breng ik niet nog een plaat uit tussendoor?’. Die beslissing viel pas in april en in juni was het album al af. Het is dus echt supersnel gegaan en voor mij is het ook een leuke verrassing dat ik hier nu zit. (lacht)

Voor je vorige Warhaus-plaat, We Fucked A Flame Into Being, heb je je een paar maanden afgezonderd op een traag voortdobberende woonboot. Ook ter inspiratie van deze plaat ben je de eenzaamheid gaan opzoeken, ditmaal in Kirgizië. Is dergelijk isolement essentieel voor je creativiteit?

Ja en nee. Met de romantische opvatting om ergens in eenzaamheid inspiratie op te doen, heeft het niet echt iets te maken. Voor mij is dat simpelweg een bepaalde werkethiek, omdat ik weet dat ik dan drie weken de tijd heb om me te concentreren op het schrijven. En dat is goed, omdat ik dan afstand neem van alles, niet bereikbaar ben voor mijn vrienden en geen tijd heb om op café te gaan.

Waarom Kirgizië?

Heel toevallig. Een vriend van mij is fotograaf die niets anders doet dan het einde van de wereld in beeld brengen. Een echte avonturier. Op een feestje liep ik hem tegen het lijf. Ik zei hem dat ik echt eens out of my comfort zone wilde gaan, of hij toevallig een geschikte plek wist? Kirgizië, stelde hij voor. Weg van de beschaving, dat was het zeker. Tot het laatste dorp met de bus, dan met een jeep off road, uren in de bergen tot je aan een boerderij komt waar herders leven. Die kunnen geen woord Engels. Met handen en voeten moet je dus alles proberen te communiceren. (gebaart) ‘Hungry’ (lacht) Het was de max, maar ’s winters ook super koud. ’s Nachts soms tot wel min 40 graden. Ik had nog nooit op een paard gezeten en wou dus graag eens paardrijden. Met de kuddes schapen ben ik mee gaan wandelen in de bergen en natuurlijk heb ik vooral veel geschreven. Een toffe ervaring was het zeker.

Avontuurlijk was het blijkbaar ook.

Ja, eigenlijk wel. Ook mezelf heb ik daarmee overtroffen.

Heb je hier niets gemist?

(denkt na) Nee, dat viel wel mee. Ik ben het ook gewoon om onderweg te zijn. Gent (zijn woonplaats, nvdr) is natuurlijk ook maar een halte.

De nummers op je nieuwe plaat zijn verslingerd tussen hevige passie, lust enerzijds en norse brutaliteit anderzijds. Liefde en haat, de eeuwige tweestrijd?

Haat zou ik het niet echt noemen. Volgens mij is het eerder een tweestrijd tussen naïeve romantiek enerzijds en het geconfronteerd worden met je eigen stommiteiten anderzijds. Haat vind ik wat te ver gaan. Voor mij is het eerder – en bij de vorige plaat was dat ook zo – de focus op celebrational. Dat het hier en daar wat donker klinkt, dat weet ik, maar nors of rancuneus – dat bedoel ik helemaal niet. Een ode aan het mysterieuze in het leven, een viering van wat mooi is aan de liefde en het leven, dát is het vooral. En daar horen nu eenmaal mysterieuze dingen bij, die je niet kan vatten en die je intrigeren. Daarom zijn de nummers soms wat donker verpakt, zijn ze niet altijd even helder. Maar echt donker… (herpakt zich) ik voel mij eigenlijk heel gelukkig met het leven dat ik nu leid. Donkere, zwarte gevoelens heb ik niet echt.

Voor de eerste keer in je carrière schreef je een echte love song, “No Such High”.

Het is niet de eerste, maar wel de meest naïeve. Als ik vroeger zoiets schreef, gaf ik dat telkens nog een speciaal randje. Romantisch doen, maar het toch opnieuw kapot maken. Met ouder te worden, ben ik precies wat minzamer geworden. Ook de pure en naïeve, warme gevoelens van romantiek leerde ik te omarmen. En dat vind ik wel fijn. ‘There’s no such high…’ Alhoewel, naïef. Mooie ideeën, bedoel ik eigenlijk. Bijna Disney is het. Af en toe is liefde ook wel zo.

Illusies koesteren, heeft het daar ook mee te maken?

Zeker, maar die illusie kan net heel mooi zijn. Mensen zijn altijd op zoek naar de absolute waarheid. Het imperfecte vind ik net perfect. In het laatste nummer (“Fall In Love With Me”, nvdr) zing ik ‘You think I’m too stupid to win this race, but my self-deception moves at an underestimated pace’. Ik wéét dat ik een idioot ben die zichzelf heel veel voorliegt, maar dat stuwt mij ook net heel hard vooruit in het leven. Daar kan ik mee werken, er proberen mooie songs uit te puren. “The Good Lie” op de eerste plaat was iets gelijkaardigs. Niet omdat verliefdheid een soort kunstmatig proces is van de natuur, dat ouders samenblijven zodat ze voor hun kroost kunnen zorgen. Nee, dat alles neemt niet weg dat liefde op zich iets prachtigs is.

Andere nummers gaan dan weer over ontucht, overspel en onzekerheid in relaties. Groter kon het contrast niet zijn?

Ja, maar ook dat vind ik eigenlijk heel mooi. Onzekerheid is het niet echt, eerder een soort vrede vinden in al die hallucinaties. Het allemaal omarmen, in plaats van het kapot te laten gaan.

De interactie tussen Sylvie en jij heeft een zeker Lolita-gehalte. De titel van je vorige plaat is weggeplukt uit Lady Chatterley’s Lover. Twee romans die een groot schandaal uitlokten bij hun verschijnen. Is provoceren iets wat je graag doet?

(denkt na) Ik beschouw mezelf niet echt als een rebel. Een West-Vlaamse, goed opgevoede jongen die mooie refreintjes probeert te schrijven met veel melodie, dat ben ik. Een rebel met hoog punkgehalte denk ik niet te zijn.

Nochtans heerst er van Warhaus, met referenties aan Gainsbourg en Cohen, een mysterieus beeld met een zwart én rood randje.

Heel ouderwets ben ik in die zin dat mijn lievelingsplaten steeds die oude klassiekers zijn. De voorliefde voor die muziek vind je inderdaad in Warhaus terug. En dat rood randje, ja. Seks en popmuziek zijn altijd al sterk met elkaar verweven geweest. Bij Michael Jackson bijvoorbeeld, pure commerciële popmuziek. Bijzonder origineel om met dat thema te werken, is het dus niet. Muziek spelen, heeft gewoon heel veel met verleiding te maken. Als je puber bent en in een bandje begint te spelen, probeer je indruk te maken op de meisjes op school. Zo verandert dat waarschijnlijk. Het zijn gewoon ook heel introspectieve gevoelens waar ik graag mee werk. Een politiek schrijver ben ik niet echt.

Qua persoonlijkheid, hoe zou je de dynamiek tussen Sylvie en jij omschrijven? Hoe uit zich dat op de werkvloer?

Ik ben de gast die ooit beslist heeft om artiest te worden, die die stiel aan zichzelf heeft aangeleerd. Ik heb me sterk geoefend daarin, om er beter in te worden. Het verschil met Sylvie is dat het bij haar allemaal zo natuurlijk gaat. Dat zit precies in haar bloed. Zeer inspirerend. Een bepaalde naturel, waar ik niks van begrijp, heeft ze en dat intrigeert me enorm. Bovendien is ze zich daar zelf helemaal niet van bewust, wat wel aan Lolita gelinkt is. Ze is zich niet bewust van haar eigen kracht. Je kunt dus schrijven dat ik de valse artiest ben die zich gelukkig mag prijzen dat hij alles mag delen met een echte artieste.

De clip bij “Mad World” lijkt te zijn weggeknipt uit een Oh Oh Cherso!-aflevering…

(onderbreekt) Uit een wat?

Een Oh Oh Cherso!-aflevering.

Oh Oh Cherso!, dat ken ik niet.

Vergelijkbaar met Geordie Shore, maar dan van Nederlandse makelij.

Ah ja, dat ken ik wel.

Formuleer je daar een maatschappijkritiek mee, naar jongeren toe bijvoorbeeld?

Nee, helemaal niet. “Mad World” is zeker niet veroordelend opgevat. Dat soort oppervlakkigheid in het leven is net iets waar ik ook heel veel over schrijf. Schoonheid kan daar ook uit groeien. Die mensen wil ik dus zeker niet veroordelen. Als ik die mensen zie die er bij komen dansen, vind ik dat net iets erg puurs hebben. Je ziet echt het geluk op hun gezicht. Ik vind dat heel schoon. Het is totaal niet uitlacherig bedoeld.

De feestgangers kwamen spontaan rond je dansen?

Ja. Dat was in Magaluf. Een beruchte uitgaansbuurt in Mallorca.

Echt iets voor Geordie Shore dus… 

In het begin was je erg nerveus om live te spelen met Warhaus. Je voelde je opnieuw 17. Ben je het ondertussen al meer gewoon?

Ja, eigenlijk wel. In het begin was het inderdaad aanpassen omdat ik altijd met Jinte op het podium stond, het frontmanschap steeds met hem deelde. Afgelopen jaar heb ik heel hard geleerd om ervan te genieten dat frontmanschap volledig zelf op te eisen. Daar voel ik me ook wel goed bij. Op het podium staan is ook echt performen tegenover je publiek. Ik vind het heel sjiek om daarmee te experimenteren, elke show opnieuw. Andere dingen proberen te testen. Voor mij is dat evenveel muziek maken als de eerste noot op je gitaar spelen.

Wordt het touren nooit lastig?

Reizen is inderdaad lastig. In Rusland speelden we enkele shows en dan moesten we om 4 uur opstaan om het vliegtuig te nemen om 6 uur. Dat is vermoeiend, maar ook plezant natuurlijk. Ik doe het supergraag. Je bereidt je daar ook op voor, al leef je echt wel in een bubbel tijdens het touren. Go with the flow.

Vergezelt Sylvie Warhaus bij alle shows?

Nee, eigenlijk gaat ze zelfs heel weinig mee. Een bepaalde magie, een zeker evenwicht proberen we intact te houden. Het lijkt me niet zo gezond als je je muze constant voor je plaatst. Dat wil ik vermijden.

Enkele weken geleden speelde je nog op de Paris Fashion Week. Die passage werd zelfs door The New York Times opgemerkt. Hoe was dat?

Fijn was dat. Een rare ervaring surtout, het podium in het midden van de zaal. Catwalk rondom ons en overal modellen. Ik vond het raar, maar tegelijk ook heel plezant. Het was tof om iets compleet anders te doen en in een andere wereld – die fashion wereld, waar ik nauwelijks iets van ken – terecht te komen. Voor een zot idee ben ik altijd wel te vinden. Tegenvallen kan dat ook, maar je moet het op zijn minst proberen.

Zijn er bepaalde concerten die je deze zomer in het bijzonder zijn bijgebleven?

Ik vind het moeilijk om er een uit te pikken. Jasper (Maekelberg, nvdr) is in september gestopt met de live band en dat was wel speciaal. Vooral omdat hij mijn bloedbroeder was in de band. We waren letterlijk aan het aftellen, ‘nog zoveel shows en dan stopt hij’. De laatste show die we samen deden, was Crammerock. Een groot feest hebben we ervan gemaakt. Ja, toen heerste er wel een speciale sfeer.

Onlangs deden we een show in een kerk, in het dorp waar ik opgroeide. Ze is nu omgebouwd tot cultureel centrum. In die kerk ben ik gedoopt, heb ik mijn communies gedaan. Daar een concert te geven, een heleboel bekende gezichten van vroeger terug te zien, was ook een enorm toffe ervaring.

Hoe ziet de toekomst van Warhaus – nu je met Balthazar de studio opnieuw gaat induiken – er eigenlijk uit?

In november tour ik nog een hele maand door Europa met Warhaus. In de winter kruipen we met Balthazar in de studio, om vervolgens met Warhaus nog wat verder te touren tijdens het voorjaar. Na de zomer zullen we normaal gezien met Balthazar weer beginnen spelen.

En in de verre toekomst?

Een derde plaat, bedoel je? Die komt er ooit wel, denk ik. Maar eerst aan Balthazar denken en dat proberen goed te doen, vooraleer ik weer aan iets nieuws begin.

Nu we het toch over Balthazar hebben; wat vind je eigenlijk van de soloprojecten van je Balthazar-collega’s?

Fantastisch eigenlijk. Het klinkt misschien corny en als een cliché, maar het is tof om te merken dat je fan bent van elkaar. We spelen al dertien jaar samen in een groep en op den duur vergeet je hoeveel talent die persoon naast je op het podium eigenlijk wel niet heeft. En dat is toch geestig eigenlijk. We verrassen elkaar met onze soloprojecten.

Hoe zou je Warhaus, je alter ego, het best kunnen omschrijven?

(denkt na) Ik weet eigenlijk niet of dat wel een alter ego is. Eigenlijk gebruik ik alleen ‘alter ego’ als ik een lastige vraag krijg of als ik iets aan mijn moeder moet uitleggen. ‘Maar ja, mama, dat is mijn alter ego.’ (lacht) Eigenlijk is Warhaus vooral heel persoonlijk en voelt het niet als een alter ego aan. Het toont gewoon wie ik ben. Dát jaar. In mijn leven. Op dié leeftijd. De nummers die ik maak, tonen hoe ik in het leven sta.

Kan je bij Balthazar ook helemaal jezelf zijn?

Absoluut, ja. Het is gewoon een collectief van persoonlijkheden, maar dat neemt niet weg dat iedereen zichzelf kan zijn. Natuurlijk zoek je dan sneller een common ground tussen elkaar en daarmee ga je dan aan de slag.

Merk je dat je gegroeid bent sinds We Fucked A Flame Into Being – en hoe zou je het verschil tussen de twee platen kunnen vatten?

Ik denk dat deze plaat – omdat ze zo snel gemaakt is – veel spontaner en meer naturel is. Voor We Fucked A Flame Into Being was elk detail minutieus geplaatst. Op de nieuwe plaat wilden we vooral het live-gevoel vatten en dat ook effectief in de opname steken. Iets wat bij het eerste album absoluut nog niet het geval was. Plus, als ik de nieuwe songs beluister, vind ik dat ze een pak directer zijn. Niet persoonlijker, maar net iets toegankelijker en helderder. Meer met clichés in plaats van met poëtische beeldtaal dingen uitleggen, maakt het soms wat eenvoudiger.

Warhaus stelt zijn nieuwe plaat voor in Vlaanderen – op 11 november in de Roma in Antwerpen en op 16 november in de Gentse Vooruit.

Dit vind je misschien ook leuk:
AlbumsFeatured albumsRecensies

Purple Disco Machine - Exotica (★★★): Hapklare, maar weinig verrassende discohits

Alles komt terug, ook in de muziek. Zo is ook het discogenre de afgelopen jaren aan een ware revival bezig. Menige disco-invloeden…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Sylvie Kreusch - "Haunting Melody"

Nog een aantal nachtjes slapen en dan laat Sylvie Kreusch eindelijk haar langverwachte debuutplaat op de wereld los. Dat Montbray een uitstekend album zal…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Sylvie Kreusch - "Walk Walk"

Begin november verschijnt de eerste sololangspeler van Sylvie Kreusch. Solo bracht ze eerder al twee ep’s uit met daarop tal van leuke…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.