Albums, Features, Recensies

Albumreviews: Beire Kort #23

Het aantal albums dat wekelijks verschijnt, is meedogenloos hoog. Daarom dat het onmogelijk is om alles binnen de correcte tijdspanne van een degelijke review te voorzien. Gelukkig hebben we daarvoor een oplossing ontwikkeld in de vorm van ‘Beire Kort’. Reviews van in de voorbije maanden verschenen albums die we nog niet recenseerden, en dat in één alinea. Deze editie is alweer de eenentwintigste en in de aanbieding hebben we onder meer Sevdaliza, Aluna, Mags, Lafawndah, Sizzy Rocket, Caity Krone en Shay Lia.

Dagny – Strangers / Lovers (★★★)

Scandinavische popmuziek is al jaren een begrip, maar sinds vorig jaar heeft het in Dagny een nieuw boegbeeld gevonden. De dertigjarige zangeres maakt al sinds 2009 muziek, maar pas recent, na het aflopen van haar contract bij Republic Records, verscheen debuutalbum Strangers / Lovers. Het resultaat is typische electropop, een genre dat blijkbaar maar niet weet te vervelen. Zeker op “Somebody” en haar laatste single “It’s Only A Heartbreak” spat de dansbaarheid ervan af, terwijl een interlude als “Bad At Love” onze dansbenen dan weer wat rust gunt. Dagny heeft een mooi evenwicht gevonden en dat binnen een genre waarmee we rond de oren worden geslagen.

Billy Nomates – Billy Nomates (★★★½)

Tor Maries uit Bristol speelde jaar en dag in verschillende bands zonder enig zicht op de toekomst. Dat veranderde toen ze met Geoff Barrow (Portishead) in de studio kroop en onder het alias Billy Nomates haar zelfbenoemde debuutalbum uitbracht. De eerste paar tellen van het album laten je denken dat je aan een of andere technoplaat begint, maar dan voegt een ferme basgitaar zich bij de elektrische drum en schiet de punk van Billy Nomates uit de startblokken. Haar parlando wordt na enkele nummers misschien een beetje afgezaagd, maar dat maakt het des te aangenamer wanneer Maries zich toch aan zang waant. Soms wat blues, soms wat rock, maar altijd met een duidelijke boodschap: ‘neen’. Leren ‘neen’ te zeggen is wat Tor Maries hielp zich tot Billy Nomates te ontpoppen en haar eigenzinnige visie werkt aanstekelijk.

Private Function – Whose Line Is It Anyway? (★★★★)

Waar The Chats enkele maanden geleden op hun debuutplaat High Risk Behaviour met alle media-aandacht ging lopen, blijft de aandacht voor de nieuwe plaat van landgenoten Private Function uit. De Australiërs weten nochtans een uitstekende punkplaat af te leveren die volledig volgens het boekje is. Het gaat van furieuze energie op songs als “Give War A Chance” en “Sleep Paralysis”, maar evengoed komt er ook een theatraal aspect kijken. Het lijkt allemaal wat geforceerd, maar de manier waarop Private Function het voor de dag brengt, zorgt ervoor dat je niet stil kan zitten. Vettige vocals, strakke muzikaliteit en vooral de nodige durf maken dat deze Whose Line Is It Anyway? een van de betere punkplaten van het jaar is.

Nubya Garcia – Source (★★★★½)

Nubya Garcia is dé rijzende ster in de Londense jazzscene en met de release van SOURCE heeft ze haar status waargemaakt. De saxofoniste leverde een ambitieus album af dat rijk is aan invloeden en samenwerkingen, maar vooral bruist van de eigen creatieve energie. Zo verkent Nubya Garcia stromingen als dub, cumbia en spirituele jazz in negen grenzeloze composities van buitengewone kwaliteit. Soms weet ze samen met haar indrukwekkende band ons te overrompelen met grootse, krachtige composities zoals “Source” en “Pace”, maar Garcia’s talent straalt net zo veel op subtielere werken als “Boundless Beings” en “Together Is A Beautiful Place To Be”. We zouden SOURCE aan elke jazzfan kunnen aanraden, maar eigenlijk moet iedereen deze plaat eens geprobeerd hebben.

Aluna – Renaissance (★★★)

De Britse zangeres Aluna ken je als wederhelft van AlunaGeorge, maar op haar debuut Renaissance exploreert ze voor het eerst solo de grenzen van popmuziek. Het veertien nummers tellende project mag dan misschien een algemeen concept of een rode draad missen, toch biedt het album heel wat variatie qua sounds. De ene keer is er mosterd gehaald uit de technoscene, de andere keer hoor je dancehall of funk. Het bonte allegaartje heeft redelijk wat te bieden met schijven als “Envious“, maar springt qua genres en opbouw iets te veel van de hak op de tak.

Ashley Morgan – I AM ME U R U N THATS PERFECT (★★★½)

Limburgse producer en MC Ashley Morgan ruilde vorig jaar zijn plek achter de draaitafel van DVTCH NORRIS in voor een microfoon met zijn ep LETGOLETGOLETGO. Sindsdien kon hij ons live in AB CLUB ook nog bekoren met zijn laatste single “REVELATE”. De bitterzoete, zijdezachte sound die we van hem gewoon zijn, zien we terug als knipoog in de eerste twee tracks “INNER PEACE” en “INSTANT NOODLES”. Al snel maken de zweverige synths en rustige flow plaats voor overstuurde bassen, scherpe drums en schreeuwerige vocals. Op “BATTLES zien we een interessant contrast tussen de rauwe verses, die iets weg hebben van de ragecore waar collega RARE AKUMA zich mee op de kaart zette, en een zeemzoet interlude die niet zou misstaan op een Tyler, The Creatorproject. Tot enkele jaren geleden stond Ashley bekend als de elektronicaproducer LGTL, en op I AM ME U R U N THATS PERFECT krijgen we nog een experimentele mix te horen waarin hij het beste van zijn beide aliassen in harmonie samenbrengt.

Lafawndah – The Fifth Season (★★★)

Lafawndah leverde vorig jaar met haar debuut Ancestor Boy een onderschatte parel af waar we nog steeds met heel veel plezier naar terugkijken. Voor haar nieuwe zielskind The Fifth Season pakt ze het wat rustiger aan en ligt de kracht vooral in de sloomheid van de melodieën, die naar het oneindige lijken te leiden maar toch gehoor vinden. Door de tergende opbouwen in zo goed als elk nummer blijft het luisteren wederom de moeite. Al tipt het geheel niet helemaal aan de muzikale reis van haar eerste lp en de bijhorende live shows waarmee ze door Europa trok.

Mags – Mags (★★★)

De Denen weten verdomd goed hoe ze zich verder moeten etaleren met hun sterke popzangeressen waartoe Mags ook zeker gerekend mag worden. De jonge zangeres werkte in New York en Kopenhagen aan haar eerste langspeler, waarop ze haar meest kwetsbare en ook gênante verhalen verteld. Dankzij de zeemzoete en vrolijke productie komen haar nummers even positief over als we dat van onder meer Sigrid gewoon zijn en blijft ze dagen in ons hoofd hangen. De schattigheid in combinatie met pit werpen hun vruchten af en maken van haar zelfbenoemde debuut een fijne ontdekking voor popfans.

Mildlife – Automatic (★★★½)

Drie jaar geleden is het intussen dat Mildlife met zijn debuut de harten van het grote publiek veroverde. De aanpak? Een plaat die bol stond van de contrasten en bijgevolg onmogelijk in een hokje te plaatsen was. Op automatische piloot drijven de Australiërs nu verder op hetzelfde elan. Vernieuwend is het misschien allemaal niet maar Automatic ontbreekt niet aan dat tikkeltje meer bravoure en dansbaarheid om zich te onderscheiden van zijn voorganger. Eclectische disco wordt in een cocktail gemixt met ingetogen jazz om de soundtrack te vormen voor het betere apero-feestje. Proeven van deze cocktail is een beetje als een VCR casette van pakweg Tron van onder het stof halen. De opvallende synths katapulteren ons rechtstreeks naar de jaren ’80 om tegelijkertijd in harmonie met de zweverige vocals en funky baslijnen een enorm futuristisch geheel neer te zetten.

Romare – Home (★★★½)

Nog grotendeels onbekend bij het ruime publiek was Romare tot nu toe vooral een semi-undergound EDM-artiest met zijn album Love Songs Part Two als grootste verwezenlijking. Waar hij op eerder werk hevig gebruik maakte van samples lijkt de multi-instrumentalist nu meer comfortabel te zijn met het zelf inspelen van lijnen. Zo horen we een 12-snarige gitaar en vintage orgel verschijnen op deze plaat. Home zit gedetailleerder in elkaar dan Love Songs Part Two maar de kenmerkende groove van de Londenaar blijft behouden doorheen het album. De hoogtepunten hier zijn het opzwepende “The River” en het rustieke “Deliverance”.

Kelsy Karter – Missing Person (★★★)

De Australische zangeres Kelsy Karter zou voor de albumcover van haar eerste album Missing Person gerust een prijs kunnen krijgen, maar op muzikaal vlak blijft de in Los Angeles residerende artieste nog iets te veel zoeken naar haar sound. Het contrast tussen stadionanthems “Stick To Your Guns”, “Love Me or Hate Me” of “Devil On My Shoulder” en de iets te voorspelbare nummers als “Goodness Gracious” of “Villain” is te groot. Soms geeft ze aardig gas terwijl ze dan iets later een tikkeltje te hard op de rem duwt, wat niet wegneemt dat Missing Person een cool album is voor fans van rock en pop. Van zodra Karter helemaal vasthoudt aan haar stouter kantje, zijn we er zeker van dat ze een uitstekend album kan maken dat uitsteekt boven de rest.

Sevdaliza – Shabrang (★★★★½)

Waarom we geen hele review geweid hebben aan het nieuwe album van Sevdaliza? Wellicht omdat we gewoon onze kluts in positieve zin kwijt waren. De Nederlands-Iraanse zangeres zoekt op Shabrang eens te meer muzikale diepgang in en baant zich door de intrigerende producties een weg naar je ziel. Shabrang is een luisterervaring waar we zowel luid als stil van worden. Het is de dualiteit tussen de nummers, die schommelen tussen diepzinnige pianoballades en bass gedreven symfonieën, waardoor we diep onder de indruk zijn van dit uur inpalmende project. Baanbrekend interessant en intens, zoals enkel en alleen Sevdaliza dat kan.

Sizzy Rocket – ANARCHY (★★★★)

Sizzy Rocket is op zijn minst een pittige popster te noemen, want dankzij haar attitude en loslippigheid straalt ze bakken rock & roll uit. Muzikaal weerspiegelt zich dat gedeeltelijk, maar het zijn vooral haar bitse teksten en de producties die voor een gezonde portie pit zorgen. ANARCHY is een stevige voorstelling waarop Rocket zich ontzettend veelzijdig opstelt. Zo haalt ze in “That Bitch” stevig uit, maar zoekt ze in “Rollerskating” een veel rustigere sound op. De contrasten zijn op ANARCHY zeker aanwezig, maar maken het totaalplaatje des te interessanter voor de luisteraar. Sizzy Rocket is niet voor niets een rockster met een hoek af.

Sprain – As Lost Through Collision (★★★★)

Op Bandcamp loste Sprain begin september haast onopgemerkt een bommetje. As Lost Through Collision doet meteen denken aan artiesten als Unwound of Slint. Tergend trage opbouwen, slopende climaxen en mistroostige stemmen vinden elkaar in een stoofpot van slowcore en post-hardcore. Op “My Way Out” worden de sludge metalgitaren bovengehaald en “Everything”, het middelpunt van vijftien minuten, is genadeloos, wreed en allesvernietigend in zijn sonische catharsis. De luide mix zorgt er wel voor dat de stem van zanger Alex Kent begraven wordt onder zijn eigen gitaar. Ach ja, het is wellicht de prijs die je betaalt om het zelfgekozen genre ‘slownoise’ te kunnen gebruiken.

Zed Yun Pavarotti – Beauseigne (★★★★)

Na twee zeer sterke mixtapes bracht Zed Yun Pavarotti zijn langverwachte debuutplaat Beauseigne uit. De Franse artiest laat de emorap hierop wat meer achterwege en koos in de plaats voor hiphopbeats met een britpoprandje à la Oasis. Het resultaat is een ijzersterk album vol persoonlijke verhalen, zoals op “Mon Frère” en “Un Jour”, waarmee Le Yun zich ook van zijn meest breekbare kant laat horen. Als hoogtepunten gelden verder ook “De Larmes”, “Lalaland” en “Merveille”, nummers die frisheid en vernieuwing uitstralen. Beauseigne is een album zonder zwakke punten en eentje dat over de volledige lijn weet te overtuigen.

Wouter – WHQ II (★★★★)

WHQ II is zonder twijfel een van de grootste projecten van de opkomende rappers in Vlaanderen. Groot in omvang, want 28 nummers is niet niks, maar ook groot in de stappen die worden gezet. Op dit album zien we features die onze mond een beetje doen opvallen. Buiten binnenlands talent Rian Snoeks en Driezy Bliezy zien we Nederlandse hitproducer Esko en zwaargewicht Rafello verschijnen op de tracklist. Maar dat is nog niet alles. Zoals we konden verwachten heeft Remi ‘Anders’ De Roeck hier ook weer een groot deel van de beats gemaakt, maar deze keer komt hij zelf ook eens wat rappen. Buiten al die grote namen is het album ook gewoon nog eens kwaliteitsvol. Het is zeer divers, aangenaam en verfrissend om naar te luisteren.

Sault – Untitled (Rise) (★★★½)

Untitled (Rise) is het vierde album van de mysterieuze band Sault. Mysterieus, want tot op heden weet niemand wie er precies achter het Britse muziekcollectief zit. Op twee jaar tijd maakte de paparazzischuwe groep al enkele steengoede nummers waarbij die regelmatig een duidelijk statement maakte binnen het Black Lives Matter-thema. Ook op hun nieuwe album wijken ze niet af van deze goeie gewoonte. De plaat omvat alles wat ons hartje beheert, van funky riffs tot extreem dansbaar slagwerk en af en toe wat spoken word. Het eerste nummer “Strong” zet daarbij meteen de toon voor de rest van het album. Elk nummer is uniek, maar vormt toch een onderdeel van het grotere geheel. De plaat is bovendien zowel geschikt als achtergrondmuziek tijdens het zondagse ontbijt als op een coronaproof (dans)feestje met vrienden. Wij kunnen enkel maar genieten van dit multi-inzetbare album en hopen op nog meer van de band.

Lucia & The Best Boys – The State of Things (★★★½)

Lucia Fairfull bracht samen met haar Best Boys een nieuwe ep uit en die smaakt zoet. De band uit Glasgow opent met het fantastische “Perfectly Untrue”. Op het lied gaat een leuke tekst hand in hand met de opvallende stem van Fairfull en zo nu en dan komt daar een lekkere gitaar bij. Er ontstaat een ietwat magisch geheel en hoewel de daarop volgende nummers niet zo catchy zijn als de opener, blijft dat magische aspect wel aanwezig. Wegdromen op de muziek van Lucia & The Best Boys is geen grote uitdaging aangezien de groep je makkelijk in hun wereldje meeneemt. Dat de ep niet lang duurt is een goed excuus om hem meteen meerdere keren na elkaar te luisteren!

Svalbard – When I Die, Will I Get Better? (★★★★)

Svalbard is lang Engelands best bewaarde geheim gebleven betreffende hardcore/metal en d-beat. Daar zal met deze plaat zeker verandering in komen want Svalbard slaagt er nu in om iets toegankelijker te klinken als voorheen. Vroeger was het enkel snoeiharde muziek waar zangeres Serena Cherry menigeen op het verkeerde been zette door te klinken als een Viking die een slachtpartij inzette. Vandaag de dag wordt er een andere invloed aangeboord onder de vorm van shoegaze die de muziek veel vloeiender laat klinken. De zang is nu niet enkel meer een brulpartij, maar wordt afgewisseld met hemelse gezangen. Ook de beukende gitaren maken nu en dan plaats voor dromerige melodieën. Men mag hier gerust spreken van een fantastisch mooie en geslaagde evolutie zonder het verleden af te zweren. Holy Roar Records heeft weer een prijsduif geschoten.

Garcia Peoples – Nightcap at Wits’ End (★★★★)

De beste psychedelische rockplaat die de laatste tijd onder je radar passeerde, zou wel eens die van Garcia Peoples kunnen zijn. Het is een van die bands die sinds 2018 jaarlijks op de proppen komt met een kanjer van een album. De jammy, zweverige sound die de band zich in het verleden reeds aanmat, vindt ook zijn weg naar hun nieuwste langspeler Nightcap at Wit’s End. De melancholische sixtiesakkoorden verklappen niet eens subtiel een stevige invloed van The Byrds, al zijn het vooral de groteske, bijna extatische solo’s die de show keer op keer stelen. Neem nu het golvende “Painting a Vision That Carries” dat zich meerstemmig doorheen een zweterig visioen meandert, of het ingetogen “A Reckoning” dat klinkt als een bloedrode zonsondergang na een hele avond surfen tussen de blauw oplichtende golven. Kende je Garcia Peoples nog niet, geef ze dan zeker een kans. Kende je ze al wel, weet dan dat ze het weer klaargespeeld hebben!

Lord Loud – Timid Beast (★★★★)

Voor fans van loeiharde garagerock is Lord Loud een welgekomen verrassing. Het duo uit Los Angeles maakte haar debuut al in 2017 en klinkt een heel pak grootser dan de vier handen die de band maar ter beschikking heeft. De songwriting heeft wat weg van Ty Segall, maar dan met een pak meer blues. De liefde voor de riffs is er echter volop, en de gitaren mogen dan ook gerust ronkend de bezetting van de muren dreunen. Leg je bijvoorbeeld een fuzzkanon als “Whitout You” op, dan heb je achteraf last om doorheen de oorsuizen het gejaagde “Lady Sunday” te horen. Dat het ook traag, zwaar en diep mag klinken, demonstreert het duo op “Glances”. De Ty-invloed sijpelt hier soms heel opvallend door, al durven we gerust stellen dat dat helemaal niets negatiefs hoeft te zijn. Lord Loud doet haar naam alle eer aan en ramt je trommelvlies netjes tegen je hersenen met een vlijmscherp tweede album. Een aanrader!

Seether – Si Vis Pacem Para Bellum (★★)

Omstreeks de eeuwwisseling probeerden vele jonge gitaarbands het gat in het rocklandschap te vullen. Grunge was officieel dood, lang leve de postgrunge! Ook het Zuid-Afrikaanse Seether sprong mee op de kar van deze hype, met als doel de allerbeste Kurt Cobain-imitatie te behalen. Twee decennia en dertien(!) albums later lijkt Seether nog geen haar te zijn veranderd, hetzij nog een pak meer platgelopen paden te hebben bewandeld. Overgesimplificeerde popsongstructuren met toegankelijk gitaarwerk en depressie als tekstuele focus is de basis voor dit ondertussen typische geluid. Let op: sommige nummers op Si Vis Pacem Para Bellum zijn catchy en zelfs meezingbaar, maar helaas tegelijkertijd ook ongelofelijk inwisselbaar, zichzelf herhalend en zelfs ronduit vergetelijk.

Anna von Hausswolff – All Thoughts Fly (★★★½)

Anna von Hausswolff is Swans voor al wie van Kate Bush houdt. Met deze combinatie van klanken betoverde de Zweedse muzikante ons nog in 2018 op Dead Magic. Von Hausswolff besloot echter alle instrumentatie van haar voorgaande werk overboord te gooien, de gitaar aan de haak te hangen, zelfs haar micro achterwege te laten en slechts één instrument over te houden: het kerkorgel. Voor haar vijfde langspeler abstraheerde de Zweedse Sacro Bosco, een Italiaans landschap van woestenij en mystiek van een reële plaats tot een desolate droomwereld. Die constante omineuze dreiging is ook terug te vinden in de droney orgelklanken op All Thoughts Fly, een soundtrack voor Sacro Bosco. Er schuilt iets heel theatraals in het minimalistische spel. Net die symbiose tussen klank, beeld en verbeelding maken van All Thoughts Fly een bijzondere luisterervaring.

Damso – QALF (★★★★)

Wie Damso zegt, denkt aan het voorval met de Belgische Voetbalbond. Maar Damso is veel meer dan dat, luisterend naar zijn nieuwste album QALF. Het is een zeer eigenwijs en veelzijdig project. Elk nummer is anders en de stijlen variëren van harde trap tot drill en afro. Ook de manier waarop de Brusselse rapper zijn boodschap brengt varieert sterk. De ene keer is het zeer agressief en hard, terwijl het de andere keer emotioneler en zachter overkomt. Zijn nummers zijn ook zeer catchy en brengen een aangename vibe mee die ervoor zorgt dat je zeker nog meer naar QALF zal luisteren. Wat ons ook opvalt, is het feit dat het nummer “Intro” op het einde van het album staat. Een eigenwijze kerel die Damso, maar rappen kan hij wel echt.

Ontdek nog meer muziek op onze Spotify.

12 oktober 2020

About Author

Dansende Beren


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief