Live, Recensies

Zebrahead @ Kavka: American Pie in levende lijve


Al sinds 1995 mixt Zebrahead punkrock met rappen. Een speciale combo die wel gesmaakt wordt door heel wat mensen. Begin dit jaar brachten ze nog hun dertiende studioalbum uit genaamd Brain Invaders. Een tour om dat te vieren kon dus niet ontbreken en gevierd werd er.

We waren net op tijd om het einde van The Bottom Line nog mee te pikken. Het geluid van de mannen van de zuidkust van Engeland zat volledig goed en de zaal zat al afgeladen vol. Onder de tonen van “I Still Hate You” gingen de middenvingers in de lucht en verklaarde de zanger dat hij in drie jaar al geen circlepit meer had gezien in België. Het publiek ontpopte zichzelf tot een kolkende menigte en deed guitig mee. Voor het laatste nummer riep de zanger op tot een neerzitmomentje en het publiek at uit zijn hand. Heel Kavka sprong op en neer en was warm gelopen voor Zebrahead

Stipt om 21u kwamen de mannen uit Californië het podium opgestormd en het was al gauw duidelijk dat de jaren hun tol geëist hadden. De bierbuiken hingen wat door en leadgitarist Dan Palmer heeft ondertussen een snor, waarmee hij probleemloos het pronkstuk kan worden van de Antwerpse snorrenclub. Aan beide kanten van het podium stonden twee aliens, verkleed in stijl van het laatste album Brain Invaders, wat mee te dansen. Ze hadden een heuse cocktailbar voor hun neus staan met zelfs een micro erbij alsof ze deel uitmaakten van de band.

Zebrahead deed hun eer van ‘partyband’ alle eer aan met de quote ‘every night is a friday night’, gevolgd door een ad fundum op de tonen van “Call Your Friends”. Al gauw werd duidelijk dat deze avond American Pie-gewijs ging omgedoopt worden in een feestje om u tegen te zeggen. “Drink Drink” werd dan ook warm onthaald door het publiek en door de band aangepast aan de locatie door ‘drink, drink, o Antwerp’ te zingen.

De mannen van Zebrahead schuwen de vunzige mopjes niet en vroegen het publiek om neer te gaan zitten. ‘I don’t even have to bribe you with handjobs’ verklaarde rapzanger Ali Tabatabaee. Ondanks het feit dat hoofdzanger Matty Lewis af en toe eens uit de maat zong, genoot het publiek met volle teugen. We zullen het toeschrijven aan zijn enthousiasme.

De bar op het podium werd geopend. Tijdens “Hell Yeah!” mochten twee gewillige fans een homemade cocktail gaan halen om daarna het feestje compleet te maken met een rondje aan oude hits, waarbij heel wat fans een nostalgisch traantje wegpinkten. “Hello Tomorrow”, “Rescue Me” en “Falling Apart” werden op die manier het absolute hoogtepunt van de energierijke setlist. Tussen al die oude hits ontbrak het ook niet aan rare fratsen. “Keep It To Myself” passeerde de revue en zorgde voor een slowmotion circlepit met mensen die op de schouders in het rond werden geparadeerd.

View this post on Instagram

Zebrahead!!

A post shared by Jeroen Vissers (@vissers.jeroen) on

Uiteraard kon een toegift niet ontbreken. Op de tonen van “Who Brings a Knife To a Gunfight?” werd ‘de grootste wall of death ooit’ georganiseerd. Aangezien Kavka niet groter is dan de gemiddelde voetbalkantine was die niet gigantisch, maar relatief gezien toch enorm. “Anthem” was het absolute hoogtepunt. Jammer dat deze show op een maandagavond viel of heel Antwerpen zou te klein geweest zijn voor een dronken, feestende meute.

De mannen van Zebrahead mogen dan al een dagje ouder zijn en allemaal een buikje gekweekt hebben; een feestje bouwen kunnen ze als geen ander. Dat de zanger af en toe naast de toon zong, nemen we er graag bij met een frisse pint in de hand.

24 september 2019

About Author

Joren Cloet


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief