Albums, Recensies

Pond – Tasmania (★★★★): Diepzeeduiken in de psychedelica

Pond werd lang bestempeld als het kleine broertje van Tame Impala zonder meer, maar ze hebben al lang bewezen dat ze veel meer zijn dan dat. Dat Pond zijn mannetje staat, zijn eigen ding doet en een eigen sound neerzet, wordt met hun achtste album Tasmania nogmaals in de verf gezet.

Er is een hoek af bij Pond, en dat het bij één afwezige hoek blijft, is eigenlijk onwaarschijnlijk. De rode draad doorheen Tasmania verkleurt tot alle tinten, want de mannen klinken meer psychedelisch dan ooit. Hun nummers zijn steeds iets langer dan doorsnee, vernieuwender dan gemiddeld, en vooral veel interessanter dan de middenmoot. Je wordt volledig meegezogen in Ponds draaikolk en die durf/eigenheid weten wij absoluut te smaken.

Wat telkens een glimlach op ons gezicht tovert, zijn de experimentele outro’s. Bepaalde nummers zijn easy-going dromerigheid pur sang, maar tegen het einde toe worden we dan toch wakker geschud door een zotte, lange outro. Zo drijf je rustig mee op “Tasmania”, want frontman Nick Allbrook zingt verleidelijke, langgerekte zanglijnen onder begeleiding van een schattig, breekbaar achtergrondxylofoon-klankje, en uitgesponnen klanken in bas, synths en backings slepen je helemaal mee. Maar net als in het beeldende “Selené” word je uiteindelijk overrompeld door experiment. Wanneer we denken dat we alles gehad hebben, komt er nog die extra psychedelische dimensie bij. Toch weet Pond voor genoeg samenhang binnen de nummers te zorgen en heb je echt het gevoel dat die outro’s haast natuurlijk volgen.

Het is niet alleen in de outro’s dat Pond psychedelica uit zijn hoed tovert, want sommige nummers zijn experiment ten top. De mannen doen duidelijk hun goesting, want deze hoogvliegers zullen het petje van het brede publiek wellicht te boven gaan. Zo beginnen sommige nummers wel nog rustig en dromerig, maar wordt al gauw opgebouwd naar een spacey toestand. “Shame” is de zotste van de plaat. Er is geen duidelijke baslijn of drumbeat die een fundament legt, waardoor geleidelijk aan een bepaalde vibe wordt opgewekt die heel breekbaar is. Delays die bij wijze van spreken langer duren dan het nummer zelf en klankjes, klankjes en nogmaals klankjes vormen de essentie van “Shame”. Niets om zich voor te schamen, want het is een gedurfde, fascinerende, psychedelische trip.

Experiment zal er altijd wel wat inzitten, maar soms mag het ook al eens vooral plezant zijn. Enkele heel elektronisch gerichte nummers zorgen voor de dansschijfkes van Tasmania. De eerder gereleasete single “Sixteen Days” barst niet van de wendingen of speciale klanken, maar is vooral catchy. Zo is ook “Hand Mouth Dancer” heel dansbaar omwille van de bouncy electronics, maar daarin wordt al gauw duidelijk dat de mannen hun nummers graag af en toe wat van de rails willen duwen. Doe maar, we ontsporen graag als dat door Pond komt. Heel erg cool wordt het op albumafsluiter “Doctor’s In”. Diepe klanken zorgen voor een duister gevoel, terwijl Pond vaak de vrolijke toer opgaat. Nogmaals een nieuwe dimensie, die overigens weer eens perfect klinkt.

Het is duidelijk dat Pond weet wat ze doen. Hun nummers bevatten steeds veel lagen en wendingen, maar die komen nooit geforceerd over. Ze laten zoveel dimensies naadloos in elkaar overvloeien. Ook wekken de (vaak ludieke) teksten en sfeer van de nummers een groot arsenaal aan beelden op. Je kan je eigen verhaal creëren rond elke track, waardoor het doorlopen van Tasmania aanvoelt als diepzeeduiken in Pond’s psychedelica. Ook al zijn de nummers optimaal wat sfeer betreft, hadden wij toch ook graag wat meer dikke riffs voorgeschoteld gekregen, want ook daar zijn de mannen sterk in! Waar ze vroeger hun nummers meer rond riffs opbouwden, lijken ze sinds hun vorige album meer aan sfeerschepping te doen. Maar aangezien wij wendingen als een onvoorwaardelijke vereiste beschouwen in de nummers van Pond, moeten we dat eigenlijk ook aanvaarden in hun sound.

Van dromerig of catchy naar duister of psychedelisch: Pond doet het allemaal en dat maakt van Tasmania een schot in de roos. De nummers zitten goed in elkaar, vormen steeds een wereld op zich en sleuren je meteen mee. Op dit album wordt pas echt duidelijk waarom ze Pond heten (of dat maken wij er toch van): in deze eigensoortige vijver nemen wij al graag eens een duikje. Plons gerust mee!

1 maart 2019

About Author

Ann Mulleman


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief