Live, Recensies

Ought + Lucy Dacus + Hater @ Les Nuits Botanique: Met de voet op het gaspedaal

Op Les Nuits Botanique is er voor elk wat wils. Zo was er gisteravond ook een affiche voorzien voor de liefhebber van de betere indie rock. Die moesten gisteren in de Orangerie zijn, waar Hater, Lucy Dacus en Ought geprogrammeerd stonden. De drie bands hebben een verschillende staat van dienst maar brachten het afgelopen jaar toch elk een album uit dat zeker de moeite waard is. Live hadden ze ook alle drie hun kwaliteiten, al was het niet te ontkennen dat de avond in een crescendo ging en Ought voor veruit het meest indrukwekkende optreden van de avond zorgde.

De eerste band die gisteravond mocht aantreden, waren de Zweden van Hater. Ondanks hun nogal chagrijnige groepsnaam  leek het hier om een viertal te gaan die er verdacht sympathiek uitzag. Sympathiek is ook de beste beschrijving voor hun muziek. Het was een band die allicht beter tot zijn recht was gekomen in een kleinere zaal, want de Orangerie bleef gedurende hun set slechts schaars gevuld. Enigszins zonde, want hun album You Tried, dat ze vorig jaar uitbrachten is lang niet slecht. We hebben dan ook een onvoorwaardelijke liefde voor dit soort blozende indierock en vonden het allemaal nog best charmant. Toch zagen we, ondanks degelijk songmateriaal, redelijk wat haperingen in de set. In het begin waren hun instrumenten niet goed op mekaar afgesteld en kwam de afgeknepen stem van de zangeres er niet goed door. Eenmaal een crewlid op het podium was gekomen om dit bij te stellen, bleef de band gewoon even hobbelend en hakkelend verder spelen. Ze probeerden er dan nog wat langgerekte outro’s uit te halen, maar daarmee kon de band ook geen indruk maken. Bij elke outro leken ze zich te moeten slepen naar de meet, dus waarom ze de moeite namen, ontging ons een beetje.

Bij Lucy Dacus klonk het allemaal al een stuk minder krakkemikkig. Ze trapte af met haar rustigste nummer, “Historians”, waarbij enkel zij en haar gitarist op het podium stonden. Met haar streepjestrui en bril zag ze eruit alsof ze deze middag nog een wiskundecompetitie had moeten afwerken en blijkbaar was het ook haar verjaardag. Dit zorgde er uiteraard voor dat een deel van het publiek prompt happy birthday inzette. Dacus leek zich er wat door te generen. Het zal er allicht niets mee te maken hebben, maar ook de rest van haar set klonk heel bescheiden en gereserveerd. Op zich hoeft dit niks negatiefs te betekenen. Haar nummers (en teksten!) zijn bijna zonder uitzondering uitstekend en de bibliotheekrock die Dacus maakt, leent zich sowieso niet tot al te veel uitbundigheid. Toch bleven we een beetje op onze honger zitten. Bijvoorbeeld bij het nummer “Nonbeliever”. Het eerste deel heeft een erg rustieke sfeer, terwijl het tweede deel dan weer een stuk pittiger is. Gisteren werd het nummer mooi gebracht, maar klonk het toch een tikkeltje vlak.

Het klonk gisteravond dus af en toe wat onopvallend. Op het einde van haar laatste (en beste) nummer “Night Shift”, breekt het op plaat helemaal open, maar ook dat klonk gisteravond wat terughoudend. Of Lucy Dacus gelijk heeft om zo bescheiden te zijn, kunnen we echter in twijfel trekken. Anderhalf jaar geleden zagen we ze nog voor met moeite een dozijn mensen aan het werk in de Charlatan, nu was er al stukken meer publiek aanwezig. Dat publiek leek het ook allemaal te kunnen appreciëren en werd door de zangeres speciaal bedankt omwille van hun ‘beleefdheid’ . Haar laatste album Historian is dan ook terecht met veel lof overladen. Dacus en haar band vullen mekaar goed aan (vooral de gitarist zorgde met zijn opvullende riffjes voor een aangename dosis vinnigheid) en er stond een hele hoop talent bij elkaar op dat podium. Aan potentie is er absoluut geen gebrek.

De headliner van de avond was Ought. Na een solo-album van frontman Tim Darcy is de Canadese art rock band weer bij elkaar gekomen voor een derde album. Ze stonden voor de eerste keer in België sinds die plaat uitkwam en vooral Darcy leek er zin in te hebben. De vorige keren dat we hem (solo en met band) live zagen, gaf hij een nogal onuitgeslapen indruk, nu was hij een stuk beter in zijn sas. Hij probeerde al van bij aanvang om zoveel mogelijk potsierlijke danspasjes en armbewegingen uit zijn lange en magere lijf te schudden. Ook de toetsenist verbrandde aardig wat calorieën. De bassist speelde de set in een onderuitgezakte houding, maar zowel hij als de drummer konden het strakke tempo van Darcy moeiteloos volgen.

Het viertal hield de pas er in. Op hun eerste twee albums brachten ze verfijnde postpunk, op hun recentste Room Inside the World klinkt het allemaal nog wat gelaagder en mysterieuzer. De singles van dat album werden er in het begin van het optreden een voor een doorheen gejaagd. Aan “Disgraced in America” en “These 3 Things” moesten we aanvankelijk wat wennen, maar na gisteravond zijn we ten volle van hun kwaliteit overtuigd. Vooral persoonlijke favoriet “Desire” maakte indruk. Ook zonder het achtergrondkoor blijft het een geweldig nummer. Zowel met zijn bewegingen als met zijn stem stal Darcy de show. Wanneer hij zijn ijle en smachtende stem boven haalde, sperde hij zijn mond haast ongezond ver open. Even later schakelde hij moeiteloos over naar een meer verbeten en declamerende stijl.

Het publiek, dat zich tijdens Hater en Lucy Dacus zo beleefd gedragen had, begon nu ook wat los te komen en werd almaar enthousiaster. Toen de band hun voet op het gaspedaal hield en wat oudere nummers bovenhaalde zoals “Habit” of “Beautiful Blue Sky”, begonnen de voorzichtige hoofdbewegingen bij velen over te gaan in regelrechte danspassen. Het razende tempo dat doorheen de hele set had gezeten, kwam pas ten eind tijdens “Alice”, het laatste nummer van hun reguliere set. We vonden het direct jammer. Volledig in de flow van het optreden zaten we eigenlijk niet te wachten op een rustpunt, maar wilden we enkel maar een volgende energieke klepper horen.

Gelukkig was er nog de bisronde. Darcy kondigde aan daarin nog wat covers van de Grateful Dead te spelen. We hadden er niets op tegen gehad. De bisnummers bleken echter “Today More Than Any Other Day” (de redelijk absurde tekst werd door aardig wat mensen meegezongen) en “The Weather Song”. Het zijn de twee beste nummers die ze in hun arsenaal hebben, dus ons hoor je niet klagen. De rest van het publiek deed dat ook niet. Ought was duidelijk de band waarvoor het grootste deel van het publiek gekomen was en het was ook zonder twijfel de act die gisteravond de meeste indruk maakte.

3 mei 2018

About Author

Jan Sucaet


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief