Features, Interviews

Interview Cloud Nothings: “Life Without Sound is het grootse, hoopvolle einde van onze trilogie”

Cloud Nothings uit Cleveland brengt stevige no-nonsense alternatieve rock. De laatste plaat (de samenwerking met Wavves niet meegerekend) dateert alweer van 2014. Hoog tijd om weer in gang te schieten dus. Met Life Without Sound brengt de band één van hun luidste albums tot dusver. De ideale gelegenheid voor een gesprek met Frontman Dylan Baldi.

Hoe proberen jullie jeugdige energie in de muziek te steken?

Ik ben er vijfentwintig, de anderen zijn dertig en tweeëndertig. We houden allemaal van muziek waar energie in zit. Ik hou van dingen die voortstuwend en bewegelijk klinken dus we vinden het wel belangrijk om die energie ook muzikaal te brengen. Onze drummer en bassist proberen altijd om de songs vooruit te stuwen en sneller te maken, soms iets te snel zelfs (lacht).

Schrijven jullie dan samen de songs?

Ik schrijf meestal de demo waarop alles behalve de drums staan. Dan kom ik op een repetitie en proberen we het samen te leren. Daarna passen we de songs aan door ze anders te gaan bespelen waarna we uiteindelijk terecht komen in een energetische song.

Het geluid van de band wordt bij iedere plaat grootser en gepolijster. Hoe probeer je om te blijven innoveren?

Ik hou er van om andere dingen te doen. Ik zou nooit twee keer dezelfde plaat kunnen maken. Dat voelt als opgeven. Als de fans telkens hetzelfde willen horen, moeten ze maar gewoon naar dat album blijven luisteren. Wij zullen altijd verschillende dingen proberen. Het meer gepolijste werk is vooral het werk van de producer. Ik had het niet verwacht bij deze nieuwe plaat maar het klinkt erg groots. Het is anders dan ons vorig werk maar ik hou er van op deze manier. Ik ben er van overtuigd dat de producer de songs ook enkel op die manier kon produceren.

Was het dan met opzet dat de songs zo geschreven werden?

Nee, ik realiseerde het zelf pas maar nadat ik de plaat voor het eerst hoorde. Toen dacht ik: “Oke, dit klinkt groots!”, ze hadden dat gewoon geflikt zonder dat ik het merkte. Het was niet mijn bedoeling maar waarschijnlijk wel de bedoeling van de producer, maar het klinkt goed dus ik ben tevreden.

De nummers op de plaat zijn erg lang, in vergelijking met de eerste platen, hoe is deze evolutie tot stand gekomen?

Ik wilde wat meer op de gitaren focussen maar ik vond vooral dat de nummers ergens naartoe moesten gaan. De liedjes moeten voelen als een reis en om dat te doen moest alles langer worden. Als we ze korter zouden maken, zouden ze klinken zoals de vorige plaat. Dit keer lieten we de songs ademen, maakten we het geluid warmer en creëerden we meer ruimte. De vorige platen klonken meer als een portie geluid, nu kan je er bij gaan zitten en luisteren. Geen van de nummers voelt wel lang voor mij.

De eerste song op de plaat begint met een piano. Was het belangrijk om de plaat rustig om gang te laten komen?

Ik vind het tof als de plaat erg zacht begint, zo kan je er echt in geraken. Als een nummer dat ook kan, is dat ook mooi meegenomen. Wanneer ik het nummer schreef, realiseerde ik met dat het de eerste song moest worden. “Up to the Surface” paste gewoon nergens anders dan in het begin, dus het moest daar staan.

Het is niet echt een Cloud Nothings intro.

Ik hou er van om mensen te verrassen. Het is leuk om mensen de band opnieuw te laten plaatsen, er opnieuw over te laten nadenken.

Welke inspiraties waren belangrijk bij het maken van deze plaat?

Deze keer had ik niet echt specifieke inspiraties. Het moest gewoon iets optimistischer zijn dan de tijd waarin we nu leven. Het moest mensen samenbrengen.

Probeer je altijd om een persoonlijke plaat te maken?

Eigenlijk wel, voor mij is een plaat maken een soort therapie. Via mijn muziek probeer ik mijn gevoelens en problemen kwijt te spelen. Het is een makkelijke manier om uit te dokteren wat ik denk over bepaalde zaken. Als ik dat niet zou doen, zou ik gek worden. Ik zou niet waten wat te doen zonder die uitlaatklep. Ik maak nummers om mezelf als persoon te voelen. Het zijn allemaal persoonlijke inspanningen en verhalen.

De titel van de plaat is Life Without Sound, welke betekenis zit daar achter?

Het is een abstracte manier om een bepaald probleem te schetsen dat ik had. Ik geloofde dat één persoon of één ding mijn leven zou kunnen veranderen en het beter maken. Dat bleek maar een stomme manier om te leven. Ik realiseerde me dat maar de laatste jaren. Dus de titel gaat over mijn realisatie dat je niet per sé op die manier hoeft te leven om gelukkig te zijn. Je moet de dingen nemen zoals ze komen in plaats van ze te forceren. Het is oké om de dingen zijn natuurlijke gang te laten gaan.

Hoe zou een echt leven zonder geluid zijn voor jullie?

Het zou nogal deprimerend zijn denk ik. Voor deze plaat was ik niet naar rockmuziek aan het luisteren maar vooral dub en reggae. Erg repetitieve dingen die zich toespitsen op één groove.

Hebben die andere genres dan niet op hun eigen manier een invloed gehad?

Ik denk het wel, het is nu wel geen reggaeplaat maar de repetitieve klanken met kleine veranderingen in, zijn iets waar ik altijd al door gefascineerd ben. Ik doe dat nu ook met mijn songs maar dan meer in een popcontext.

Is er een link tussen Attack on Memory en Life Without Sound? Want beide albumcovers lijken sterk op elkaar.

De laatste drie platen voelen aan als een trilogie. Attack On Memory was erg nihilistisch en verward. Here And Nowhere Else is uit die nihilistische visie komen maar nog steeds niet weten wat te doen. Een soort van zinloze energie doorheen een volledig gek klinkend album. Deze zet die visies van de vorige twee aan de kant en gaat op zijn eigen epische manier verder.

In wat verschilt deze plaat met jullie vorige?

De plaat bevat veel meer hoop dan de vorige. Het is minder verward en triest. Deze klinkt zelfs op vlak van akkoorden en melodie positiever. Ik voel gewoon dat de muziek die ik op dit moment naar buiten wil brengen, op deze manier moet klinken. Ik wil niets dat de duisternis versterkt.

Je hebt al enkele keren aangehaald dat je de wereld donker ziet. Waarom denk je dat?

De hele wereld is natuurlijk niet donker maar het gaat er in bepaalde landen wel erg slecht aan toe. Vooral in de Verenigde Staten waar er een ‘fucked-up’ periode is. Ik kan mij bijna niet inbeelden dat het beter zal worden. Het is een goede tijd om te komen voor de betere moralen en positieve verandering te brengen.

Denk je dat je met jouw muziek een verandering teweeg kan brengen?

Ik zou dat pad wel kunnen betreden en dan zou het ook echt een politieke plaat zijn. Nu is het dat niet helemaal. Muziek is de meest overtuigende manier voor mezelf om een bepaalde overtuiging over te brengen. Ik probeer dat live ook te brengen als ik op de hoogte ben van wat er gebeurt. Ik ben onlangs ook naar enkele protesten geweest in mijn thuisstad omdat ik toch mijn mening wil laten gelden.

Welk soort protest was dat dan?

De anti-Trump protest mars in New York de dag nadat hij werd verkozen en die in mijn thuisstad Cleveland. Ik maak gebruik van iedere gelegenheid waarbij ik solidariteit kan tonen met wie het nodig heeft. Voor mij is het belangrijk om niet stil te blijven staan, dat lijkt dom. Het is een goed idee om er voor uit te komen dat je niet voor racisten, homofoben en assholes bent.

De plaat heeft ook wat tijd in beslag genomen. Hoe heb je er voor gezorgd dat het echt een volledig tot in de puntjes afgewerkte cd was?

Dit keer hadden we drie weken om hem op te nemen. Het meeste tijd dat we voordien aan een plaat hadden gewerkt, was één week. We namen hem de eerste keer volledig live op, dan kwamen we terug en namen we de basgitaar apart op. Hierdoor konden we het basgeluid aanpassen per song, wat we voordien nog nooit deden. Wanneer we daarna de gitaren opnamen, nam dit veel tijd in beslag. De producer wilde heel veel verschillende tonen, gitaarriffs en effecten proberen waardoor we daar bijna een week aan besteedden. Het nam een tijd in beslag en onze finale mixes waren zelfs maar af een minuut voordat onze studiotijd op was. We hebben echt alle tijd genomen die we kregen. We konden het sneller doen, maar doordat we er zoveel tijd voor namen, heeft het zo’n warm geluid.

Jullie namen eerst zelf demo’s op en dan kwam de producer er bij, wat hij heeft hij aan de plaat bijgebracht?

Hij wilde zeer graag verschillende versterkers proberen, verschillende tonen en zelfs verschillende drums. Zoiets hadden wij nog nooit gedaan, niet dat we er niet aan gedacht hadden, we hadden er gewoon de tijd niet voor genomen. Het is wel tof om dat eens te doen want het zorgt ervoor dat de song er uit komt op zijn eigen manier.

Waarom hadden jullie vorige producers daar nooit aan gedacht?

Voor Attack On Memory werkten we met Steve Albini. Voor hem kon het echt niet schelen wat we deden, we mochten doen wat we wilden. Hij neemt het gewoon fantastisch goed op. Hij bracht wel enkele ideeën bij zoals een “bass rig” wat geweldig klonk. Het merendeel gebruikten we daar wel hetzelfde materiaal. John Congleton die Here And Nowhere Else producete, wilde wel andere dingen proberen maar deed het uiteindelijk niet. En nu is er eindelijk iemand geweest die het eens wilde proberen.

Waarom nemen jullie voor iedere plaat een andere producer?

Ik ben echt bang voor mezelf te herhalen. Ik wel muzikaal nooit twee keer hetzelfde doen. Het verandere van producers is een makkelijke manier om er voor te zorgen dat het zeker niet twee keer dezelfde plaat wordt. Het zal sowieso niet hetzelfde klinken omdat iemand anders de sound bepaald. Wij spelen wel nog steeds de nummers maar iemand anders mixt de dingen aan elkaar, en dat maakt het uniek. Het is altijd wel experimenteren omdat ik niet weet wat ze gaan doen voor we met hen samen zijn. Op een bepaald moment zullen we in de studio komen met iemand en denken “oeps, dit kan slecht aflopen” (lacht). Voorlopig is dat nog niet het geval geweest.

Welk nummer op de plaat vind je persoonlijk het paradepaardje?

Mijn favoriet is “Enter Entirely”. Ik heb nog nooit een nummer zoals dat gemaakt. Het heeft een erg trage ondertoon en de lyrics zijn zeer verhalend. Het is eigenlijk een verhaal dat ik vertel dat ergens op slaap, je zou het zelfs kunnen lezen in een boek. Zoiets doe ik normaal niet dus vandaar ben ik er wel fan van. Ik hou van de manier waarop de song flowt, twee of drie gitaarsolo’s, meer moet dat niet zijn.

De plaat is één grote trip. Het start bij de piano op het begin en eindigt nooit, er zit precies niet echt een pauze in. Hoe komt dat?

Wanneer ik de nummers volgens sequentie plaats, dan denk ik daar heel serieus over na. Ik hou er van om een constant gevoel in te steken. Zelfs per nummer moet er een gelijkaardige flow inzitten, een nummer dat doet dromen. Ik hou er bijgevolg ook van om een plaat zo te maken. dus het is leuk voor mij om de nummers zo te ordenen dat de plaat precies nooit ophoudt.

Het is precies één lang nummer..

Ja, precies. Ik haat het als er twee nummers op een album staan die er niet echt in passen, dat is nutteloos. Bij ons moet alles passen, het moet iets echt zijn, iets wat je wilt kopen op vinyl. Je luistert dan naar twee kanten en wil geen enkel nummer skippen. Een lang statement, daar hou ik wel van.

Er staan wel maar negen nummers op de plaat. Op de vorige twee acht. Precies een beetje kort nee?

Als luisteraar hoor ik zelf niet graag voortdurend dezelfde muziek. Na vijfendertig minuten heb ik het al gehad met luisteren. Als je niet kan zeggen wat je wilt zeggen in die tijdspanne, moet je naar mijn mening opnieuw beginnen. Dat is bij de rockwereld voor mij, ik kan maar zo lang naar luide gitaarsolo’s en drums luisteren voordat ik iets anders wil horen. Ik wil de plaat dus kort maken zodat mensen hem niet beu worden nog voor hij gedaan is.

Als je een plaat beluistert van een andere band die een uur duurt, dan stop je na een halfuur?

Ja, soms moet ik een rustpauze nemen, vooral bij rockmuziek. Ik kan wel een uur naar ambient muziek luisteren omdat het niet zo intensief is. Veel metalplaten zijn zo lang, bah. Het is echt moeilijk voor mij om zo lang naar iets te luisteren, ik denk dat ik er niet voor gemaakt ben.

In de videoclip van “Modern Act” kruipt de nodige humor, is dat iets wat jullie als band belangrijk vinden?

Voor mij zijn videoclips echt iets raar. Het is vreemd om te maken en het is enkel te zien op YouTube, ze spelen dat niet meer op tv. Het is iets raar wat je kan doen maar de labels zeggen altijd “maak een video, dat is cool”. Dan maken we dat maar het wordt sowieso iets heel dom.

In de videoclip is ook een link te zien met een videoclip van Total Babes, het zijproject van jullie drummer. Kwam dit bewust?

Die vliegende ballon in de vorm van een man lag al een tijdje in de kelder van de drummer en dus besloten we om hem nog eens boven te halen. We vonden het vooral grappig, en zo kwam hij nog eens onder de mensen.

Je speelde ook mee op die plaat van Total Babes. Hoe was het om in een ander project een andere kant van jezelf te tonen?

Ik speelde saxofoon op die plaat en dat was erg fijn om te doen. Ik doe veel verschillende projecten met mijn drummer, zo hebben we nog een noise project. Het zijn van die dingen die we doen om eens even uit de wereld te zijn. Ik vond het erg cool want toen ik nog studeerde wilde ik een professionele saxofoonspeler worden. Toen vertelden ze me dat het nooit zou lukken en dus ben ik er maar mee gestopt en ik ben er ook echt slecht in.

 

Welke bands zijn voor jou belangrijk geweest wanneer je begon muziek maken?

Wanneer ik helemaal in het begin startte met muziek maken, was ik een immense fan van AC/DC en Led Zeppelin. Dat waren de twee bands die het deden, ze zijn fenomenaal goed. Ik startte met de gitaar door Angus Young en Jimmy Page. Het is typische voor een tienjarig kind die daar naar opkijkt maar ik hou er nog steeds van. Twee jaar geleden speelden we op Coachella waar AC/DC headlinede, dat was geweldig. Angus Young verpeste toen de riff van “Back In Black” (doet de riff verkeerd na, lacht uitbundig)! Dat was zo grappig. Ze zien er ondertussen ook al uit als Griekse standbeelden, ze zien er echt nog goed uit. Het was indrukwekkend om te zien dat hij op zo’n oude leeftijd nog zo’n gitaarsolo kan afleveren. Veel vuurwerk, vuur en spektakel, mijn tienjarig jongenshart hield het niet meer.

Zou dat iets voor Cloud Nothings zijn, zoveel spektakel in een liveshow?

Ik denk niet dat ik het zou kunnen. Ik ben gewoon niet zo’n persoon. Het is te veel show, ik zie dat wel graag van andere bands maar zou het zelf nooit doen. Zelfs de muziek van AC/DC is een show, het is groots en pompeus. Onze muziek is meer low key. We spelen ook niet zo’n grote shows dus we zouden enkele zalen platbranden (lacht).

 

Hoe zien jullie de toekomst voor de groep?

Ik zou graag nog wat andere geluiden in de band steken, anders dan gitaren of drums. We houden allemaal van synthesizers dus het zou wel eens kunnen dat zoiets er inkruipt. Het is een interessante mogelijkheid om zo’n plaat te maken met synths die nog steeds zoals Cloud Nothings klinkt. Het zou hoogstwaarschijnlijk erg zot klinken, maar tegelijk ook een leuke uitdaging.

Jullie spelen binnenkort ook weer in België. Wat kunnen we daarvan verwachten?

Ik weet het nog niet echt eigenlijk. Veel kannonen en vuur (lacht). Nee, we zullen gewoon blijven doen wat we doen maar onze nieuwe songs zijn veel agressiever live dus het zou wel eens steviger kunnen zijn. Dat zou de show alleen maar ten goede komen.

Life Without Sound verschijnt op 27 januari 2016, de band speelt op 12 maart in Botanique.

25 januari 2017

About Author

Niels Bruwier Ook bekend als "Den Beir", oprichter van de site, leidt alles in goeie banen en schrijft ook wel eens iets.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief