Live, Recensies

Rock Werchter 2018: Festivaldag 3

© CPU – Joost Van Hoey

Op de derde dag van Werchter begint de vermoeidheid al de kop op te steken. Laat daar dan een lange feestnacht aan vooraf gaan en je hebt een dag die traag op gang komt en in de kleren kruipt. Toch lieten wij ons niet afstoppen en kan je hier het verslag van dag drie vinden: van opener Sons tot afsluiter Pearl Jam en alles daartussen.

Wakkerste opener

WA WAS DEES @rockwerchterfestival ! DIKKE DIKKE MERCI !!! 🐍🐍🐍 📸 @fotojokko

A post shared by SONS (@sonsyeahsons) on

Het gaat snel voor de Sint-Niklaase band Sons. De alumni van De Nieuwe Lichting hebben slechts een handvol singles en kregen nu al de kans om de zaterdag van Rock Werchter te openen. En ook al kan je je afvragen of dat niet allemaal veel te vroeg is voor een onervaren band, zij grepen die kans met beide handen. Ook al waren ze wellicht nerveus en onder de indruk, Sons klonk meteen vuil en vettig, zoals rammelende garagerock hoort te klinken, maar daardoor ook wat eentonig en weinig origineel. Maar goed, ze wisten ons 25 minuten te boeien, langer dan dat had het ook niet hoeven duren. Live blijven de zonen dus al overeind. Nu zien of ze ons op een ep of lp lang onze aandacht kunnen vasthouden.

Beste thuismatch

© CPU – Sven Michiels

Het was een thuismatch voor Millionaire vandaag in The Barn. Vorig jaar brachten ze nog Sciencing uit, hun eerste plaat in twaalf jaar. De show werd geopend met ons eigenste Belgische volkslied, waarna Tim Vanhamel “Visa Running” uit dat nieuwe album inzette. De setlist zat bomvol prachtige doelpunten, van “I’m Not Who You Think You Are” tot tijdloze klassiekers als “I’m On a High” en uiteraard een eindeloze maar bruisende “Champagne”. “Love Has Eyes” eindigde dan weer met een grandioze solo zoals normaal enkel Omar Rodriguez-Lopez ze kan spelen. De enige die in deze vijftig minuten durende match buitenspel stond was de decibelmeter.

De meest opgewekte voetbalsupporters

© Ben Houdijk

Het was een spannende dag voor de Britten, want ook zij moesten op zaterdag aan de bak op het WK. Dat was The Magic Gang zeker niet ontgaan, want die hadden hun beste voetbaltruitjes aangetrokken. Naast al dat sportgeweld wist de band wel een resem aan aanstekelijke songs naar voor te brengen. Het was opnieuw warm en dankzij de opgewekte muziek konden we zowel genieten van een aangename temperatuur als van gezellige muziek. Dat was ook het publiek niet ontgaan en vooraan zat iedereen wild te dansen en te bewegen. Heel plezant dus en ook voor de variatie was er ruimte, want we hoorden de drie gitaristen zingen op verschillende nummers. Magisch en vernieuwend was het zeker niet, maar gezellig was het wel.

Meest directe maatschappijkritiek

© CPU – Sven Michiels

The Last Internationale zijn met drie en brengen sterke rockmuziek met een frontvrouw die zeker genoeg ballen heeft. Dat is ook het geval bij de muziek die vooral focust op maatschappijkritiek, onder meer tegen Donald Trump. Het was de eerste keer dat zijn naam passeerde, maar niet de laatste. De bluesy sfeer van de band heeft wel iets sterk in zich, maar het klonk bij momenten toch allemaal een beetje hetzelfde. Dat is jammer, maar de boodschap die ze proberen overbrengen komt door de furieuze muziek zeker over. De autoriteit hebben we niet nodig, The Last Internationale duidelijk wel.

Meesterlijke moves

© Jokko

Vorig jaar stond hij hier nog als gastact van VRWRK, maar 2018 is het jaar van Glints solo en de Klub C openen op Rock Werchter hoort daar ook bij. ‘Dit is echt een van mijn goals,’ vertelt de Antwerpse rapper trots in een gepast accent. Jan Maarschalk Lemmens vult het podium in z’n eentje. Een stevige dosis strobelights, een gigantisch scherm en harde beats zijn het decor van het eerste feestje op dag drie. ‘We zijn hier niet om stil te staan,’ verduidelijk Glints voor hij opent met “Divalent Diction” en zelf het goede voorbeeld geeft. De toon is meteen gezet en ook nieuw nummer “Gold Vein” doet het goed.

Het oude bekende “Dread” krijgt een extra lang einde dat iedereen aan het dansen zet. Ook “Sirens” wordt niet gewoon afgerammeld. Middenin het lied horen we plots de bekende geweerschoten uit MIA’s “Paper Planes” en ook “Familiar” wordt in de megamix gegooid. Het publiek eet nu echt uit Glints’ hand. Het mag dan geen hele wei zijn, de vroege vogels die wel aanwezig zijn, starten hun dag alvast met een dik feestje. “Bugatti” doet de zaal finaal kapot bouncen. Maar het gaat nog niet hard genoeg voor Glints. ‘We gaan dat nog eens doen en nu echt hard. Maar echt hard.’ Zo hard dat de man zelfs het publiek in springt. De roze sweatpants lijkt bij zijn Werchterdebuut het enige schoonheidsfoutje.

Dromerig in de driekleur

© CPU – Sven Michiels

L’union fait la force. Dat zagen we gisteren tijdens België-Brazilië. De Brusselse Angèle kon dan ook niet anders dan in een voetbalshirt het podium betreden. De bijpassende rode joggingbroek kwam handig van pas voor alle dansmoves die ze uit de kast haalde. De zus van Roméo Elvis – die hier op zondag optreedt – moet niet onderdoen voor haar broer want The Barn is tot de nok gevuld. Ja, zelfs de Nederlanders komen luisteren naar de Franstalige electropop. Angèle heeft maar drie songs uitgebracht dus we werden overstelpt met nieuw werk. “Flou” brengt ze helemaal alleen met een stel samples. Het nummer begint net hetzelfde als Lord Huron’s “The Night We Met”. Maar de frêle xylofoon ruilt de Brusselse al snel in voor een stevige beat.

Zelfs wie geen Frans verstaat, begrijpt dat de vrolijke muziek haaks staat op de trieste lyrics. Toch blijft Angèle haar zweverige zelve. Sfeer genoeg tijdens “La Loi De Murphy” want Angèle begeleidt iedereen in een prachtige zangstonde. Meteen daarna slaat diezelfde wet toe tijdens “Le Matin” en gaat er iets mis met de techniek. De fout wordt meteen rechtgezet en de dame kan verder piano spelen, wat ze overigens met verve doet. Het publiek lijkt af en toe wat lamgeslagen door de hitte maar de drummer doet dan weer teken dat het tijd is voor applaus. Op het einde doet Angèle er nog een sitdown bij tijdens “Je veux tes yeux”. Haar big smile spreekt boekdelen en ook de rest van The Barn gaat stralend de zon tegemoet.

De leukste voorbode voor de rest van de dag

© CPU – Sven Michiels

Stereophonics bracht onlangs een tiende album uit. Al even bezig dus, maar het zijn nog steeds de hitjes die het moeten doen. Het begon heel stevig en was bij momenten heel aanstekelijk, maar het ontbrak soms wat aan de nodige overtuiging om het publiek echt overstag te krijgen. “Maybe Tomorrow” was een eerste meezingmoment, maar het viel toch vooral op dat de nieuwe nummers niet konden opwegen tegen de klassiekers. Die haalden vooral wat de schwung uit de set. Het was een beetje zoals een kameel, de band hinkte altijd tussen twee bulten. “Have A Nice Day” was vanzelfsprekend een gigantisch gelukzalig moment (het beloofde ons ook veel voor de rest van de dag) en afsluiter “Dakota” werd in twee delen gebracht. Het was de prachtige apotheose van een leuke set die niets wereldschokkends bracht, maar wel strak en stevig was.

Meest kwalitatieve knuffelrock

© Rob Walbers

Het uiterlijk van JP Cooper kon niet harder clashen met z’n muziek. Vanuit de lange dreadlocks klinkt geen reggae maar klassieke knuffelrock. Die leerde de man uit Manchester maken na uren naar Oasis te luisteren. Eerlijk? We zouden Liam’s mening hierover wel eens willen horen. JP Cooper begint z’n set met de bekendste hit “She’s On My Mind”. Het publiek klapt wel mee maar blijft op de tribunes zitten. “Change” en “Birthday” krijgen de mensen niet aan het bewegen. En het milde enthousiasme van de zanger kan hen niet aansteken. Bij “September Song” is het wel raak. Toch kan JP Cooper ons niet boeien. Kwalitatief zit alles goed. De man kan zingen, heeft zelfs een mooie stem, maar we krijgen het niet warm van z’n songs. Te simpel, te eentonig. Geen wonder dat iedereen pas opspringt bij het allerlaatste nummer. Zijn samenwerking met Jonas Blue. JP Cooper zegt zijn publiek vaarwel met “Passport Home” en vraagt daarbij de smartphones te ontsteken. Dan toch positief geëindigd met een emotioneel moment dat wel oprecht aanvoelde om het nadien volledig te doen instorten met één simpele zin: ‘have a good festival and we can go watch football now.’ Die Brits abroad toch.

De leukste zussen

© Koen Keppens

The Breeders bracht een grote meute volk op de been. De band rond zussen Kim en Kelley Deal, kwam de nieuwe plaat voorstellen, maar er was ook plaats voor ouder werk. Vooral de stevige nummers konden ons heel goed overtuigen. Die werden strak gebracht met heel sterke drumpartijen. De zusjes Deal waren ook heel gelukkig op het podium en waren bijna constant aan het lachen. Hoogtepunten in de set bleken wel nog steeds “Gigantic” en “Cannonball” te zijn die door het volledige publiek werden meegezongen. Die laatste kreeg zelfs een fluitje bij, speciaal maar wel iets dat je blijft onthouden. The Breeders zijn duidelijk terug van weggeweest en weten nog steeds waar ze mee bezig zijn. Strakke rock brengen zonder veel franjes.

De hardste band

© CPU – Sven Michiels

Stone Sour kwam voor het eerst in lange tijd nog eens naar een Belgisch festival en Corey Taylor was in zijn nopjes. De band bracht een furieuze set die iedereen die voor de main stage stond helemaal meekreeg. Ze serveerden zelfs vuurwerk en confetti en dat om vijf uur in de namiddag, het was eens iets anders. Taylor jutte het publiek constant op en hierdoor werd de show één groot spektakel. Het publiek smeet zich volledig, zo hard dat er zelfs schoenen in het rond vlogen. Op het eind sloot de band af met langwerpige ballonnen in de vorm van mensen die op en neer gingen, een sky dancer zoals ze zeggen. Heel tof en iets dat niet paste bij de muziek, maar toch ons hart stal. Stevige metal moet niet altijd cliché zijn, er mag altijd wat spektakel bij en dat heeft Stone Sour goed door.

Op één na beste Belgische hip hop collectief op Werchter

© Ben Houdijk

Na Dour en Pukkelpop mochten ook Jazz, Zwangere Guy, Astrofisiks en Dj Vega Werchter inpalmen. Het heeft een jaartje langer geduurd maar de hype rond de Brusselse rappers heeft nu eindelijk Rock Werchter bereikt. Roméo Elvis op zondag en Stikstof op zaterdag mochten hun Bruxelles een gezicht geven. En dat was er een met pijnlijke grimassen als we Stikstof mogen geloven. “Past hip hop wel op een “rock” festival zoals Werchter?”, zou je je afvragen als je het makke publiek in de Klub C zag. Gaan Dour en Pukkelpop makkelijk plat voor al wat een goeie beat en flow heeft, dan reageerde het publiek hier veel meer afwachtend.

Niet dat Zwangere Guy, Jazz en Astrofisiks geen moeite deden. Hun goeie flow en spitante raps over herkenbare alledaagse problemen konden wel op bijval rekenen maar zijn o zo moeilijk om mee te zingen. Dan probeerde de Brusselaars het publiek wakker te schudden met statements over “fok de N-VA” en die “idiote vlaggenzwaaiers met een Vlaamse leeuw”. Gewaagd, maar met effect. Als je als rapper ergens voor staat, ga je er best helemaal voor en dat is exact wat Stikstof deed. Maar wanneer het publiek niet mee wil, schiet je makkelijk aan je doel voorbij. Er was ambiance op afsluiters “Alambetant” en “Frontal” en Brihangs gastoptreden mocht er ook wel wezen. Toch bleef hun politiek en sociaal geëngageerde rap moeilijk te verteren en ging de Klub C nooit helemaal uit zijn dak.

Beste slechtste visuals

© CPU – Sven Michiels

Het zal je maar overkomen. Je wil vreemde spacey electropop maken en scoort per ongeluk drie wereldhits op rij en wordt haast tegen je wil gekatapulteerd naar wereldfaam. De enorme drukte in The Barn en voor het scherm buiten kunnen we wellicht vooral toeschrijven aan indieklassiekers “Kids”, “Time to Pretend” en “Electric Feel” eerder dan aan hun laatste, overigens warm aan te bevelen plaat. Dat die singles dan de hoogtepunten zouden vormen van een rare set, stond op voorhand al vast en dus besloten wij wat meer te focussen op het werk er tussen.

Zowat alles in MGMT leeft in een vage schemerzone tussen faux en serieux, en het is altijd raden aan welke kant de Amerikanen willen vallen. Hun glitchy visuals waren afwisselend prachtig, crappy, grappig of ronduit weird en pasten altijd perfect. Tijdens “She Works Out Too Much” zat Andrew als een gek te trappen op een hometrainer en in het langgerekte “Kids” liet hij zelfs zijn innerlijke voetbalfan naar boven komen (dankzij een vleugje “Kernkraft 400” van Zombie Nation). Maar het publiek kwam voor de hits (vandaar een volledig gevulde Barn), kreeg die ook en ging vervolgens volledig uit zijn dak. Het festivalpubliek is soms eenvoudig tevreden te stellen.

Lees het vervolg van ons verslag op de volgende pagina.

8 juli 2018

About Author

Niels Bruwier Ook bekend als "Den Beir", oprichter van de site, leidt alles in goeie banen en schrijft ook wel eens iets.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter