Albums, Recensies

Death Grips – Year of the Snitch (★★★½): Herbevestiging als onvatbare sadomasochisten

Death Grips is – zacht uitgedrukt – geen traditionele band. Toen het Californische trio in 2012 hun derde elpee No Love Deep Web op de wereld loste, een muzikale verpersoonlijking van de donkere spelonken van het internet, was de underground hiphopscène tegen die tijd helemaal op z’n kop gezet. MC Ride (Stefan Burnett) & co waren de zelfverklaarde dominatrices van de muziekwereld. Iedereen die naar hun muziek luisterde gaf zich maar al te gewillig over. Hun geheim? Daar hebben we na hun nieuwste plaat nog steeds het raden naar.

Met elk nieuw album weet Death Grips zijn industriële punk-ethos telkens opnieuw uit te vinden in een compleet andere gedaante. Op Bottomless Pit (2016) gedijde de band nog in onverbiddelijke punk-hardcore en elektro-industrial, nu lijkt het trio een extraverte, conventionelere aanpak te hanteren. Year of the Snitch is Death Grips’ onverwoestbare herbevestiging als onvatbare sadomasochisten.

Year of the Snitch is ook, net zoals Bottomless Pit, een van Death Grips’ meest coherente, groteske albums. De focus ligt opnieuw op de groteske teksten van Burnett en om de muzikale grenzen van de band nog verder te verleggen. Opmerkelijk genoeg weet het trio een aardige balans te maken tussen breackneck avant-garde noise en conventionelere rapstijlen met catchy hooks – een formule die gesmaakt zal worden door zowel Death Grips-veteranen als nieuwkomers.

Voorbeeld bij uitstek van die tegenstelling zijn respectievelijk “Black Paint”, een post-punk hardcore track met psychedelische neigingen waar vermoedelijk ook Tool bassist Justin Chancellor aan meewerkte, en “Streaky”, waarin Ride beheerst rapt op een gezapig elektronisch deuntje. Ook op “Hahaha” en “Dilemma” klinkt de band gedeisder en verleidelijker dan wat ze ooit al op de wereld loslieten. En net daar klinkt Death Grips verbazingwekkend verlokkelijk en tegelijk dodelijk – wanneer ze een conventioneel format kapen en corrumperen met opgefokte elektronica en obscene teksten. Beste voorbeeld daarvan? “Flies”, een morbide nummer waar Ride fantaseert over zijn eigen dood en hoe hij wenst dat vliegen zich te goed doen aan zijn langzaam ontbindende lichaam. ‘Should the opportunity arise, vomit me flies / Flies vomit me, together’s unwise, sever all ties,” zingt Ride.

Year of the Snitch is ook het album waar Death Grips zijn griezeligste, extreme kanten laat zien. Op “Linda’s In Custody” is een spookachtige piano-loop te horen die doorheen het hele nummer herhaald wordt. Op andere nummers verkent Death Grips nieuwe muzikale territoria, zoals shoegaze op “Death Grips is Online”, jazz op “The Fear” en in iets mindere mate de glitch-pop tijdens “Little Richard”.

Maar geeft Death Grips met Year of the Snitch een duidelijke boodschap aan zijn fans? Nee, dat niet. En dat hoeft ook helemaal niet. Voor zijn fans is MC Ride “a chase a voice a freak man / This a brand not your boy leave man,” zo zingt hij op “Shitshow”. Het Californische trio is bewust subversief en bij wijlen inhoudsloos. Wat hun fans of critici uiteindelijk vinden van hun muziek, kan hen aan hun reet roesten. Dat statement is zonneklaar op hun laatste track “Disappointed”, waar de band de draak steekt met het ontgoochelde gekakel van hun critici en fans.

Death Grips willen dan ook geen trendsetters, entertainers of crowdpleasers zijn. Death Grips wil eenvoudigweg hun eigen ding doen. Dat hebben ze sinds hun eerste mixtape uit 2011 met Exmilitary gedaan en dat zullen ze blijven doen.

Op 7 september treedt Death Grips op in de AB.

(Onder licht gewijzigde versie ook gepubliceerd in De Morgen)

Website / Spotify / Youtube / Discogs

29 juni 2018

About Author

Glen Van Muylem Muzikale beer met een voorliefde voor rock, indie, hiphop en elektronica.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter