Live, Recensies

Melkrock Tielt 2017: Een dag vol verrassingen en muzikale hoogvliegers

Gisteren waren we aanwezig op Melkrock in Tielt, we zagen er jong aanstormend talent en gevestigde waarden. Voor de twintigste verjaardag van dit klein maar gezellige festival hadden de programmatoren voor een joekel van een affiche gezorgd met namen als De Mens, J. Bernardt en André Brasseur. Sfeer, goeie muziek, een mooie locatie en mooi weer zouden de succesformule blijken voor een indrukwekkende festivaldag.

Aftrappen mochten de jonge snaken van Loomstate, zij brachten catchy zomerse riffrock die perfect in de setting paste. Een dijk van een stem, spot on gitaarsolo’s en een samenspel die zeer indrukwekkend was voor een band van hun leeftijd. Ze zorgden voor het eerste schuchtere gedans van de dag en speelden ondanks de toen nog bescheiden opkomst een verdienstelijke set.

Na Loomstate was het de beurt aan Tiny Legs Tim die een staaltje blues van de bovenste plank bracht, voor de gelegenheid met band. Het was verre van Hard to admit dat deze kerels aantrek hadden bij zowel jong als oud. Tielt werd voor even getransformeerd in de Mississippi Delta, want daar leek deze man zijn blues vandaan te komen. Merendeel van de gespeelde nummers kwamen van zijn laatste plaat Melodium Rag (leuk weetje: deze volledige plaat werd opgenomen met slechts één microfoon). Naast eigen materiaal was er ook ruimte voor een cover. Tim coverde “Death Letter Blues” van Son House waarbij zijn mondharmonicaspeler Steven Troch eens mocht tonen wat hij waard was. Het gevolg was een kanjer van een solo waarmee hij de weide omver blies. Afsluiten deed hij met de titeltrack van zijn laatste album, Steppin up. Ondanks het vroege uur zette Tim een ijzersterke set neer die bij ons zorgde voor een eerste hoogtepunt van de dag.

Na het optreden van Tiny Legs Tim gebood ceremoniemeester Luc Dufourmont (Idiots, Bevergem) ons richting Topkaaspodium te trekken. De volgende band die hier klaarstond waren Dieter von Deurne & The Politics, het eerste wat ons opviel was de snor van de frontman, waar Pablo Escobar u tegen kon zeggen, aangevuld met zijn mateloos enthousiasme het recept voor onze eerste verrassing van de dag. Dieter en zijn Politics speelden aanstekelijke happy droompop met een melancholisch toetsje en hier en daar een goedgeplaatste synth. Op momenten deden zij ons aan Admiral Freebee denken, al was het moeilijk om een bepaald etiket op hun muziek te plakken. Dieter en zijn Politics intrigeerden en overtuigden.

Van het Topkaaspodium wandelden we terug naar de main stage, waar de volgende artiest al klaar stond. Recht uit Brussel kwam deze, nog niet zo lang geleden ontdekt door Studio Brussel en nu al gekroond als koning van de Belgische hiphop. Met simpele teksten als ‘la drogue c’est mal’ en ‘on arrive à la fin mais j’ai pas envie’ aangevuld met stevige hiphopbeats wist Roméo Elvis de weide in een mum van tijd volledig rond zijn vinger te draaien, hier werd meteen een stuk meer gedanst. Voor onze man uit Brussel liep de weide al aardig vol en hij kon menig man en vrouw waar voor hun geld geven, wat te zien was aan het enthousiasme in het publiek.

We kregen niet veel ademruimte, want na Romeo Elvis x Le Motel was het de beurt aan Dans Dans. Dit duistere drietal valt nog het best te beschrijven als het vreemde bastaardbroertje van STUFF. Donker en spacy, atmosferisch en mysterieus. Je moet het toch maar doen, met zo’n vreemde muziek een volledige weide inpakken. Soms jazzy, soms sferisch en soms zelfs poppy met hier en daar een vleugje flamenco. Tijdens een van de nummers sloeg de drummer zelfs zo hard op zijn toms dat de stukken van zijn stokken vlogen. Het mag duidelijk zijn, Dans Dans liet van de weide geen spaander meer heel.

Nog voor we een stap konden zetten richting het Topkaaspodium hoorden we Too Tangled al in de verte aanzetten met hun aanstekelijke electropop. Ondanks het dikke rookgordijn en de epileptische lichten konden we toch een glimps opvangen van Eva Buytaert en Roeland Vandemoortele, die al druk in de weer waren met het brengen van straffe beats en het hardere gitaarwerk. Het duo haalde alles uit de kast, zo bleek toen Eva haar viool bovenhaalde en ons helemaal overtuigde. Hun set liep op zijn einde en wij gingen aanschuiven voor André Brasseur aan het hoofdpodium.

Nog voor zijn optreden goed en wel begonnen was, had André Brasseur iedereen ingepakt, een glimlach van jewelste en twee duimen volstonden. Daarnaast citeerde hij nog een stukje Guido Gezelle, hetgeen hem een eerste daverend applaus opleverde. André bracht als het ware een masterclass dansen, want tijdens zijn doortocht bleef geen enkel been op de weide stil. Zijn aanstekelijk enthousiasme, gepaard met een band die overliep van de muzikale skills en een drive al even groot als die van André zelf, zorgden voor nog een kanjer van een dansmoment. Het hek was helemaal van de dam toen hij bij een van zijn laatste nummers vier dames bij zich op het podium riep om met hem mee te dansen. Wanneer Frank Van Der Linden bij het laatste nummer het podium betrad, ging het publiek helemaal uit zijn dak. Een geslaagde doortocht en voor ons een van de hoogvliegers van die dag.

Na André kwam iemand waar duidelijk een hele boel mensen op zaten te wachten, zo ook ceremoniemeester Dufourmont die vertelde over hoe hij twaalf jaar geleden Jinte ontdekte op Westtalent. Genoeg gekletst, de muziek zou wel voor zich spreken. Onder begeleiding van een bassy intro kwam J. Bernardt het podium opgehuppeld in zijn lange bruine regenjas, al slaand in de lucht als een bokser die zich opwarmt voor de match. On fire was nog de beste beschrijving voor de teneur van de set en tevens de titel van het eerste nummer. Al huppelend van verhoog naar verhoog krijgt onze profeet – want zo ziet hij er wel uit – het publiek steeds meer op zijn hand. Wanneer de toetsenist tijdens My Own Game” ook zijn kunsten mag bovenhalen, gaat het publiek volledig uit zijn dak. Afsluiten doet J. Bernardt met “Wicked Streets” (wat hij aan zijn ouders opdraagt) en een sterk uitgerokken versie van “The Other Man”. Het publiek is tevreden, hier en daar gaan zelfs bordjes met opschriften als ‘Hete teen’ de lucht in. Melkrock ontploft en J. Bernardt overwint.

Na J. Bernardt betreedt een gevestigde waarde die we even eerder al eens zagen op het podium. Het is tijd voor De Mens. Volgens Frank kan Jeroen Brauwers wel een boek schrijven, maar volgens ons kan Frank zeker ook optredens spelen want je kon over de koppen lopen. Hij speelde verrassend weinig oude nummers, maar deed het publiek toch zeer hard meedansen op liedjes over seks en de Gentse Feesten. Hij had er zin in, zijn muzikanten ook en ze brachten dit duidelijk over op het publiek. Toen ze op het einde van de set kwamen aandraven met klassiekers als “Irene” en “Ergens Onderweg” ging Melkrock een laatste keer uit zijn dak, onze beren keken en zagen dat het goed was.

De twintigste editie van Melkrock was er eentje om nooit te vergeten. Dieter Von Deurne & The Politics bleek voor ons de ontdekking van de dag, André Brasseur was op zijn oude dag nog de revelatie van de dag en J. Bernardt wist ons alweer in te palmen met zijn sensuele beats. Een line-up voor de fijnproevers en voor de liefhebbers van de beter Belgische muziek, dat ze er nog twintig jaar mogen bijdoen daar bij Melkrock!

14 augustus 2017

About Author

Yolan Devriendt


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter