Live, Recensies

Het Grote Dour Rapport 2017: Hip Hop

‘Dour’ heeft altijd al een reputatie gehad voor het exploiteren van alternatieve muziekgenres. Het is dan ook onmogelijk om op te lijsten hoeveel verschillende genres we deze editie op een podium te zien kregen. Voor elke ‘standaard’ rockband, soul-zangeres of singer-songwriter was er op Dour ook een gelauwerde techno DJ, een minder bekende rapper of een hysterische MC die het publiek bespeelde op de tonen van een drum and bass set. In dit verslag bespreken we hiphop, later komen ook nog techno en drum and bass aan bod onder het thema ‘dance’.

Dour begint ietwat verrassend in de Dub Corner. De altijd wat illustere tent is dit jaar een nieuwe gezellige uithoek aan het begin van het festival en is met de verhuis ook een pak groter geworden. Eerste gastheer: Reggaebus Soundsystem. Deze iconische naam in de dub wereld gaat stevig van start met ritmische raggamuffin en brengt het talrijke publiek meteen in beweging. Een nieuwe tent heeft ook zijn nadelen want als er binnen geen plaats meer is tussen de vier ‘torens’ van boxen, ben je veroordeeld tot een slechtere geluidskwaliteit. Toch kan dit euvel het feest niet temperen. De zon steekt na een regenachtige eerste dag toch nog een tandje bij en Dour 2017 is nu volop aan de gang. Off we go!

Na de openingsact blijven we nog even hangen. Terwijl Reggaeartiest LKM haar felle stem door de tent laat galmen, vraagt een verbaasde festivalgangster waarom we zo naarstig in een boekje staan te krabbelen. Na een paar pogingen slagen we erin haar duidelijk te maken dat we niet voor De Morgen of Het Nieuwsblad schrijven. Dansende Beren kent ze (nog) niet maar  “het is wel echt graaf” dat we dit doen.

Woensdag liet zich aankondigen als een opwarmertje om het festival goed in te zetten. Maar het Belgische rappersduo Caballero & Jeanjass had dat eventjes anders begrepen. Ze lieten de plankenvloer van de Jupiler Boombox al meteen trillen met hun diepe bassen en het publiek meebrullen met hun strakke teksten. De goed gevulde tent droeg hen op handen (op het einde zelfs letterlijk). Het duo begon met drie (inclusief dj) en eindigde met negen op het podium, waaronder twee cameramannen en enkele gastzangers. Tussendoor leerden Caballero & Jeanjass de jeugd met twee woorden spreken (“S’il vous plait”) en beloofden ze “Ce n’est pas fini”. En gelijk hadden ze, Dour was nu pas goed begonnen.

Op de Last Arena stormen meerdere mensen tegelijk naar voren. In het midden, recht voor het grote podium, is de boel aan het ontploffen. De reden? Franse Rapper Vald die met funky maar toch vooral t(c)rappy beats de menigte opzweept. Toegegeven, de muziek is aanstekelijk en zet aan tot dansen maar het voortdurend schreeuwen van zowel Vald als zijn DJ begint na een tijdje toch te vervelen. Het verbaast ons echter niets dat hij de toeschouwers mee heeft, dit is de eerste dag en het publiek wil duidelijk gewoon feesten. Net als we de aftocht willen blazen, brengt Vlad een rustiger nummer. Jammer genoeg gaat ook dit volledig de mist in, een schreeuwende stem leidt namelijk tot heesheid en dan moet je wel terugvallen op playback. Ondanks de goede sfeer voelt Vald toch iets te licht aan voor de mainstage, misschien was een tent voor dit concert een betere optie geweest.

Na enkele omzwervingen om het terrein te verkennen, belanden we terug bij de Last Arena. Hier moet M.I.A, met haar invloeden uit pop, soul en R&B, een garantie op een goed concert worden. De zangeres bestrijkt met veel flair het podium terwijl het terrein stilaan helemaal volloopt. Er zijn deze avond nog maar drie podia open op het festival en dat laat zich tijdens dit concert ook voor het eerst echt voelen. We zoeken een plaatsje in de buik van de weide en stellen vast dat dit een serieuze inschattingsfout was. Hoewel M.I.A bij momenten over krachtige akkoorden blijkt te beschikken, komt haar stem niet altijd even goed tot zijn recht. Terwijl we meegesleept worden in steeds wildere vormen van R&B, wordt duidelijk dat haar teksten amper te begrijpen zijn. Het bereik van de geluidsinstallatie op deze mainstage is een probleem. Bij rappers kan dat nog gecamoufleerd worden, maar M.I.A moet het toch ook vooral hebben van haar teksten bij haar muziek, iets wat er hier niet helemaal uitkomt. De zangeres lijkt dit zelf ook te beseffen en haar ‘Hype DJ’ schakelt tijdens het concert al vlug over op meer dansbare instrumentals met af en toe oriëntaalse accenten. Aan bakken sfeer is er geen gebrek, de intieme M.I.A krijgen we echter niet te zien. Ondanks de vele lachende gezichten rondom ons, voelt dit toch wat aan als een teleurstelling.

Het is donderdag, nog vroeg op de middag, als we de Jupiler Boombox binnen slenteren. 30 meter verderop staat een flinke groep mensen uitbundig te springen op de rhymes van een jongeman. Achter de jongeman in kwestie is een enorme projectie van een rood voetbaltruitje te zien. De naam op het truitje? Carner, rugnummer 7.  Het volgende halfuur zijn we getuige van het ontbolsteren van een toptalent: Loyle Carner is afkomstig uit Groot-Brittannië en is gespecialiseerd in Britse hiphop. Daarnaast brengt hij ook invloeden uit de Amerikaanse stijl en zorgt hij voor soul-accenten tijdens zijn concerten. Op de typische boombap-beats uit de lang vervlogen jaren ’90 blinkt Carner uit in zuivere teksten met diverse en aangename flows. Het publiek, best talrijk aanwezig zo vroeg op de dag, laat zich benevelen door de vibes en Loyle Carner roept het concert uit tot “My all-time favorite concert, right here, right now, hands down.” Hij bedankt nog met een a capella versie van een nieuw, unreleased nummer en neemt dan afscheid. Dit is zonder twijfel iemand om in de nabije toekomst in de gaten te houden.

Het decor voor de set van Loyle Carner

The Last Arena baadt ondertussen in de middagzon. De Belgische Soul/Hiphop artieste Coely wervelt op het podium, het feest is over de volledige weide al losgebarsten. Via de flanken worstelen we ons naar voren en stellen we vast dat de stem van Coely er een pak beter doorkomt dan die van haar collega M.I.A. Op voorhand dachten we dat de soundsystem van de Mainstage ook voor Coely een probleem zou zijn, iets wat tijdens het concert volledig ongegrond blijkt. Hoewel dit heel hard lijkt op het ‘afwerken’ van een setlist, slaagt Coely er toch in om de sfeer levendig te houden. De vibes blijven over de volledige lengte van het concert heel zwoel, met veel funky accenten. Daarnaast begint ze af en toe te beatboxen, klapt het publiek enthousiast mee, en neemt ze kleine pauzes om maatschappelijk verantwoorde boodschappen aan de man te brengen. Toegegeven, het werkt nog ook. Het slotnummer wordt een hommage aan haar moeder (“Momma, now we celebrate”) en gek genoeg is dat eerder een feel-good moment dan een emotionele eindnoot.

Terug in de Boombox wacht een wat vreemde vrouw ons op: Kate Tempest lijkt wel afkomstig uit één of andere politieke partij. Je weet wel, het soort partij waarbij de leden vreedzame revoluties prediken en vooral geen schoenen dragen. We laten ons echter niet van ons melk brengen door de ietwat dubieuze verschijning op het podium. Kate Tempest brengt rap & hiphop met een poëtische insteek. In plaats van classic bars laat ze volledige verzen en gedichten vol maatschappelijke elementen los op het publiek. Tempest mag er dan wat revolutionair uitzien, de echte revolutie bevindt zich duidelijk binnen haar muziek. De instrumentals neigen wel naar hiphop en rap maar er zijn  veel sporen van andere genres in terug te vinden. De Britse heeft drie bandleden meegebracht die live voor de muzikale ondersteuning zorgen, een duidelijke meerwaarde. Hoewel Tempest hemel en aarde beweegt om het publiek te overtuigen van haar persoonlijke stijl, valt de hele act een beetje op zijn ‘gat’. Dat neemt niet weg dat dit een heel interessant concert was, om op een intieme en intense manier van te genieten.

Later op de avond, in diezelfde tent, zien we French Montana als een gek op het podium springen. Eerder op de dag stond er Humo een ‘Tip’: “Altijd boeiend, een Europeaan die het gemaakt heeft in de States en dan terugkeert naar het oude continent om de achterblijvers zijn kunsten te vertonen. French zit tegenwoordig in de entourage van Kanye West, we zijn benieuwd wat hij solo voorstelt op het podium.” Waarom vermelden we dit? Het wordt tijd dat we beseffen dat protegés van Kanye West niet meteen een garantie op interessante muziek zijn. Live wordt dat al snel duidelijk wanneer Montana opent (!) met de remix van “Work” (A$ap Ferg) waarop hij toevallig een guest verse heeft. De sfeer is uiteraard meer dan goed in de altijd uitgelaten Boombox maar qua rap gehalte komen we niet echt aan onze trekken. Toch nog een lichtpuntje voor Montana: om 24u stipt wordt zijn derde album Jungle Rules uitgebracht, een betere reden voor een feestje is er natuurlijk niet. Oja en for the record, French Montana is geboren in Rabat en dus allesbehalve een Europeaan. Beter werken aan je tips, Humo!

Gucci Mane werd donderdag op het laatste moment nog gecontacteerd als vervanger voor Solange. Als er een rapper opduikt als vervangact is het altijd even slikken. In de meeste gevallen beperken (bekende) rap artiesten zich tot een minimale setlist en draaien ze er vlug gewoon even hun grootste hitjes door. Ook hier is dit jammer genoeg niet anders. Nadat een vocaal irritante hype DJ al een halfuur plaatjes staat te draaien om het publiek hot te krijgen, besluit Gucci Mane dan eindelijk te verschijnen. Eigenlijk mocht hij gewoon achter de gordijnen blijven staan want de warm-up was tenminste nog sfeervol en herkenbaar. Gucci bakt er voor de volle 20 minuten absoluut niets van, iets wat al vroeg duidelijk wordt als het publiek tijdens zijn openingsnummer ostentatief stil blijft staan. Als ze op de momenten dat Mane praat dan ook nog hardnekkig ‘Doureuuuuh’ beginnen te roepen, besef je welk algemeen gevoel hier heerst. Alle begrip voor het harde werk van de organisatie om nog een vervanger te zoeken, maar dit was eigenlijk waardeloos.

Het is vrijdag, de beste dag voor hiphop, en op deze Franse Nationale feestdag proberen we alvast in thema van start te gaan. De Franstalige Belgische rapper/reggaeartiest Uman staat al voor de vierde keer op Dour en mag voor de gelegenheid The Last Arena openen. Hoewel dit voor hem zowat een thuisconcert is, komt er dankzij het vroege middaguur niet geweldig veel volk opdagen. Spijtig, Uman brengt de schwung erin met energieke rapbeats en laat ook duidelijk merken dat de invloed van reggae nooit ver weg is in zijn muziek. Een beetje jammer dat dit concert niet op een kleiner podium geboekt stond, anderzijds gunnen we de artiest ook wel dit moment op de mainstage. Uman is zonder twijfel een geslaagde opener van deze ‘hiphophoogdag’ op Dour.

Later op de middag belanden we voor het eerst terug in de Jupiler Boombox. Voor ons staat Kane Brett Robinson, kortweg Kano. De Britse muzikant is op het thuisfront een mayor player in zowel HipHop als Drum and Bass en wordt in beide genres beschouwd als één van de invloedrijkste artiesten van vandaag. Kano doet zijn ding met een loepzuivere stem, duidelijk begrijpbare lyrics en een soms wat twijfelachtige flow terwijl de DJ achter hem harde trap en grimy beats afvuurt. Aanvankelijk lijkt de set wat eentonig maar na een tijdje durft Kano ook in zijn ‘zachtere’ arsenaal aan nummers te tasten. Het verschil is opmerkelijk: plots verandert de sfeer in de tent op de maat van zweverige Drum and Bass. Het publiek geniet en Kano lijkt vanaf dan iets sterker in zijn schoenen te staan. Voor het laatste halfuur wordt de sfeer uitbundiger en lijkt de Jupiler Boombox dan ook definitief wakker geschud. Well Done, Kano!

Na Kano blijven we in de Boombox om alvast een goed plaatsje te veroveren voor The Underachievers. Dat plaatsje wordt uiteindelijk de eerste rij, waar het bij momenten tussen hangen en wurgen is. ‘Hangen’ is het juiste woord want we hangen letterlijk over de hekken, de extreem wilde moshpits zorgen voor duwbewegingen tegen die hekken waar de ribben van ondergetekende vandaag nog over protesteren. Maar goed, het HipHop duo uit New York staat dus wel degelijk garant voor een echt feestje. Hoewel het voor The Underachievers nog altijd moeilijk blijkt om een concert zonder playback uit te grond te stampen, verdienen ze wel de nodige credit voor wat ze in de Boombox neerzetten. Intrigerende intro’s, flitsende flows en knallers van instrumentals zorgen er vanaf het begin voor dat wij niet stil staan. The Underachievers maken een fijne selectie uit zowel vibe-nummers (“The Madhi” en “Gold Soul Theory”) als het stevigere werk (“Allusions”, “Final Destination”, “Herb Shuttles”). De (teleurstellende) playback is trouwens voor een deel gerechtvaardigd: de verses in de meeste nummers zijn haastig en snel na elkaar gespit, iets wat live bijna onmogelijk is. Het publiek laat zich voor een vol uur van haar beste kant zien, The Underachievers nemen het in dank af en blijven knallen tot en met de laatste minuut. Totally not Underachieved. 

Issa Gold (1/2 The Underachievers)

Nog flink bezweet volgen we de mensenmassa richting Nas, uiteraard op de mainstage. Vanop de linkerflank van de Last Arena zijn we getuige van een levende legende die zijn opwachting maakt. Nas is één van de absolute voorvaderen van HipHop/Rap.  Hedendaagse rapper J.Cole verwoordde het ooit zo: “Tupac was like Jezus, Nas wrote the bible.” In een volledig rood trainingspak brengt Nas zijn grootste hits in combinatie met andere bekende nummers van goede vrienden. Zo is de hommage aan homie The Prodigy van Mobb Deep prachtig om te zien. The Prodigy overleed totaal onverwacht vorige maand. Het publiek smult van de vele classics en hoewel de sfeer nooit echt uitgelaten wordt, deinen de vele hoofden op de Last Arena ritmisch mee op de muziek. Nas is één van de weinige rappers die echt geknipt is voor de mainstage. Samen met zijn hypeman weet hij exact wat hij moet doen om de massa te bespelen. Absolute klasse in 2017, maar liefst 20 jaar na zijn debuutalbum. Het is om even stil van te worden.

Op zaterdag zijn we er alweer vroeg bij om Rejjie Snow aan het werk te zien. Misschien zelf iets te vroeg,  de Jupiler Boombox ligt er wat troosteloos en verlaten bij. Snow probeert met een waaier aan instrumentals het schamele publiek wakker te schudden: jazzy, funky, soms gaan we zelf even in de richting van pop. Het werkt wel, er stroomt meer volk toe en de kilte maakt plaats voor sfeer. De stem van Snow klinkt loepzuiver en met diverse flows probeert hij het publiek langzaam maar zeker op te zwepen. Dat lukt uiteindelijk niet helemaal maar de performance op zich was wel aanstekelijk. Wat later verschijnt op hetzelfde podium Jonwanye. De Amerikaan brengt een heel aparte vorm van live hip hop die zich vooral focust op de teksten, terwijl er duidelijk minder aandacht wordt besteed aan het muzikale gedeelte. De setting is wat donker, het concert voelt wat aan als ‘voordracht’. Het publiek lijkt het niet echt te smaken maar wij zijn er wel wild van.

Dat Brussel goed vertegenwoordigd was op Dour 2017 is zowat het understatement van het jaar. Ook Zwangere Guy mocht zondag op een podium kruipen en deed dat niet alleen. Hij bracht zijn hele posse mee en die bestond uit onder andere de kerels van Stikstof, Le 77 en L’Or du Commun. Dat zorgde voor een enorm entertainende show waar de ene gast de andere afloste en zo de energie en vaart hoog hielden. De rappers van Le 77 doken zelfs meteen het publiek in om daar een soort van rapbattle te doen. Dat de echte Zwangere Guy daardoor wat op het achterplan raakte, was helemaal niet erg. Als een ware curator liet hij zijn gasten uitblinken terwijl hij zelf de touwtjes strak in handen had. We hadden het niet voor mogelijk gehouden maar om 14u op de laatste dag van het festival slaagde Zwangere Guy erin om de hele Jupiler Boombox te doen feesten. Een mooi begin van het einde van Dour 2017!

Op de Last Arena wachten we vol ongeduld op De La Soul. Deze anciens in het hiphop wereldje hadden in 2016 met And The Anonymous Nobody… nog één van de albums van het jaar, op Dour komen ze al voor de vierde keer langs. Op het podium is het drummen: een volledige liveband met drie gitaristen, een koppel djembés, drums én nog een DJ als kers op de taart. Het publiek lijkt wel van slag door zoveel muzikanten, tijdens het openingsnummer blijft het ijzig stil. “What’s up Brussels” schreeuwt Plug Three in een poging om de vlam in de pijp te krijgen, “Doureuuuh” antwoordt de massa. De echte reden voor hun passieve houding wijden we aan de rustige, zweverige melodieën en instrumentals. Om de één of andere bizarre reden houden veel Europese hiphopliefhebbers vooral van het hardere werk inzake beats. De La Soul begint aan een bekeringsproces, het publiek gaat langzaam overstag en tegen het einde van het optreden lijkt er geen enkele trapfan meer rond te lopen op de mainstage. Heerlijk.

De teleurstelling van de avond zijn ongetwijfeld de populaire Suicideboys. Het duo maakt ‘satanische rap’, de term alleen al zorgde voor enige nieuwsgierigheid omtrent de jongens uit Louisiana. Aan energie, moshpits en zweet geen gebrek maar inhoudelijk beperken beide rappers zich toch vooral tot schreeuwen en springen. Suicideboys laten er vast hun slaap niet voor, vakkundig breken ze de Boombox tot op de grond af. De hype is real, de skills iets minder.

19 juli 2017

About Author

Jonas Malfait


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *